Moties politieke ledenraad 4 juni 2016

Moties politieke ledenraad 4 juni 2016

Foto Flickr / Rebke Klokke

Door De Redactie op 3 juni 2016 Delen  

Ieder lid kan sinds het congres van februari 2016 moties indienen voor de Politieke Ledenraad. Tussen 11 en 26 mei konden alle leden met ledenrechten moties indienen, aanscherpen en ondersteunen. De zeven moties die op basis van de steunbetuigingen voldoende draagvlak hadden om te bespreken op de ledenraad, zijn ter inhoudelijke beoordeling en stemming aan alle leden voorgelegd. De stemming over deze moties liep van 28 mei tot vrijdag 3 juni. Op de politieke ledenraad worden moties waar veel discussie over is besproken.

Moties en uitslag ledenpanel

1.Stop uitzetting gewortelde kinderen nu!
80,40% voor, 19,60% tegen

2. 2017: tijd voor uitgesproken linkse samenwerking
84,08% voor, 15,92% tegen

3. Concrete Maatregelen tegen (Onderhuids) Racisme en Discriminatie – Jonge Socialisten
88,31% voor, 11,69% tegen

4. Stop met dubbel betalen voor medicijnen – Jonge Socialisten
96,50% voor, 3,50% tegen

5. Vliegensvlug duurzamer – Jonge Socialisten
90,04% voor, 9,96% tegen

6. Een half miljoen nieuwe banen voor en door nieuwe energie en grondstoffen
87,30% voor, 12,70% tegen

7. Experiment basisinkomen in verkiezingsprogramma.
61,21% voor, 38,79% tegen

Afhandelingsvoorstel presidium
Motie 1 tot en met 6 laten een duidelijke stemverhouding zien en worden als zodanig aangenomen.
De stemverhouding van motie 7 “Experiment basisinkomen in verkiezingsprogramma” laat een verdeeld beeld zien. Deze motie wordt plenair besproken en in stemming gebracht.
Tijdens het plenaire programma, voorafgaand aan de behandeling van de moties, zal het gesprek gevoerd worden over de regeling rondom het kinderpardon, zoals dat ook aan de orde komt in het tienpuntenplan van de fractie.
De zeven moties die ter inhoudelijke beoordeling en stemming aan alle leden zijn voorgelegd:

1.Stop uitzetting gewortelde kinderen nu!
Esther Dijken-Bijmolt

Samenvatting:

Momenteel verblijven honderden kinderen in angst en onzekerheid in ons land, omdat zij met uitzetting worden bedreigd. Zij wonen al jaren in Nederland, en zijn door en door geworteld in onze samenleving. Deze kinderen verdienen onze bescherming. Mijn motie gaat over deze zeer kwetsbare kinderen. Voor alle duidelijkheid, het initiatiefwetsvoorstel GroenLinks en PvdA lost het probleem van het huidige kinderpardon niet op en daarom deze motie.

Motie:

New Politieke Ledenraad van PvdA bijeen op 4 juni 2016 te Nieuwegein

Constaterende dat:

Nog steeds kinderen worden uitgezet, die al jaren in ons land wonen en die door en door geworteld zijn in onze samenleving, en die dus bij ons horen;
Ook al werken de ouders actief mee aan hun uitzetting, de IND steeds weer kan zeggen dat het niet genoeg is, en dat de schuld bij die gezinnen wordt gelegd die daar niets aan kunnen doen;
Sommige landen, zoals Somalië, Sudan, Irak en Eritrea, weigeren hun onderdanen terug te nemen, waardoor uitzetting onmogelijk is ondanks de actieve;

Overwegende dat:

Uit cijfers van 2015 blijkt dat ruim 90% van aanvragen van gewortelde kinderen voor verblijf is afgewezen, en dat de aanvragen van gezinnen door staatssecretaris Dijkhoff willekeurig worden beoordeeld;
Het PvdA congres van 13 februari een motie van afdeling Winsum voor een humaan en rechtvaardig kinderpardon heeft aangenomen;
De Tweede Kamerfractie ondanks herhaalde verzoeken weigert die uitspraak van het congres uit te voeren, en dat terwijl het hier gaat om zeer kwetsbare kinderen die onze bescherming hard nodig hebben.

Draagt De Tweede Kamerfractie op om:

Voor het zomerreces duidelijke stappen te zetten voor verruiming van het huidige kinderpardon voor gewortelde kinderen in ons land; zie daartoe de toelichting hieronder.

Toelichting:

Dit inhumane beleid kan stoppen wanneer de politiek een einde maakt aan het stellen van een nagenoeg onmogelijke eis (meewerkcriterium). De pijn en het leed dat deze kinderen wordt aangedaan, is te groot. Deze kinderen hebben nu na jaren onzekerheid en wanhoop recht op zekerheid en veiligheid. Rechten van kinderen zijn niet onderhandelbaar.

Een humane oplossing is deze. De gewortelde kinderen, van wie de ouders een aanvraag hebben ingediend tot verblijf (asiel of regulier), krijgen een verblijfsvergunning als zij vijf jaar of langer in ons land zijn, en altijd in beeld zijn geweest bij een overheid. Het ene kind mag nu blijven, terwijl het andere kind in dezelfde situatie wordt uitgezet. Er moet een oplossing komen voor alle gewortelde kinderen.

Toelichting partijbestuur:

We strijden al jaren voor kinderen die langer dan vijf jaar in Nederland zijn en die slachtoffer worden van ellenlange procedures. Deze kinderen gaan met onze kinderen naar school, maken vriendjes en bouwen een leven op. Maar het bleef altijd onder voorbehoud, de onzekerheid knaagde. Wij hebben in de formatie het kinderpardon bedongen. Dankzij het kinderpardon mogen er uiteindelijk meer dan 1500 kinderen met hun familie in Nederland blijven en is er een einde aan de onzekerheid gekomen. Daar zijn we trots op.

Daarnaast hebben we het kinderpardon ingevoerd voor de toekomstige gevallen. Kinderen die het slachtoffer gaan worden van de asielprocedures mogen dan toch in Nederland blijven. We pleiten daarnaast al langer voor snelle procedures, duidelijkheid en perspectief. Dat is namelijk altijd in het belang van het kind. Wij zijn het dan ook van harte eens met de indieners van deze motie dat de rechten van kinderen centraal moeten staan. Alle kinderen verdienen een veilig en goed thuis. Voor kinderen van gevluchte ouders is dat hier in Nederland. Als het gezin veilig terug kan of om andere redenen geen verblijfsvergunning krijgt, is dat in het land van herkomst. Wat dat betreft delen we de idealen van de indiener en die idealen worden breed in de partij gedragen. En vandaar ook de initiatiefwet om de kinderrechten bepalend te laten zijn bij asielprocedures.

Ook vinden we dat elke regeling bepaalde criteria moet hebben. En daar ligt het verschil van inzicht met de indiener. Een regeling zonder rechtvaardige criteria is onmogelijk. We willen bijvoorbeeld niet dat kinderen een pion worden in een juridische strijd tussen overheid en ouders zonder recht op verblijf (bijvoorbeeld omdat het gezin uit een veilig land komt). Het kan niet zo zijn dat hebben van kinderen automatisch betekent dat je in Nederland mag blijven. Die lijn hebben we al sinds Ella Kalsbeek staatssecretaris was. Het kinderpardon kent daarom bepaalde criteria die wij zelf hebben vastgelegd in de wet. Kinderen moeten minimaal vijf jaar in Nederland zijn en ook echt het slachtoffer zijn van de procedures.

Voorwaarde voor het kinderpardon is altijd geweest dat mensen hebben meegewerkt aan hun asielprocedure. We zien nu dat veel aanvragen voor een kinderpardon worden afgewezen op grond van onvoldoende medewerking. Op ons verzoek wordt dat nader uitgezocht door de staatssecretaris, want daar moet zorgvuldig mee omgegaan worden. Maar we mogen ook niet onze ogen sluiten voor de andere kant van de medaille: er zijn helaas ook ouders die bewust jaren in de illegaliteit wonen, zich onttrekken aan het zicht van overheid of bewust niet meewerken om terugkeer te ontlopen. Dat is niet goed voor kind of voor het hele gezin, en wij zijn van mening dat dit niet mag leiden tot een verblijfsstatus. Dat is niet goed voor de kinderen, en oneerlijk voor de mensen die zich meewerkend opstellen in de asielprocedure.
De motie op het afgelopen congres verzocht om het thema kinderpardon op de agenda te zetten en aanpassingen te realiseren zodat kinderen die al langer dan 5 jaar in Nederland verblijven mogen blijven. We delen met de indiener het ideaal dat het recht van het kind centraal moet staan. Afgelopen week was er een debat over in de Tweede Kamer. Verder werken we momenteel met GroenLinks aan een initiatiefwet om de kinderrechten veel bepalender te laten zijn bij asielprocedures. Het thema staat dus hoog op de politieke agenda zoals de indieners in hun motie hebben verzocht.

In het debat van 26 mei hebben we de staatssecretaris opgedragen om uit te laten zoeken hoe veel afgewezen kinderpardonzaken, daarna een buitenschuld vergunning aan hebben gevraagd. Ook dat is een regeling die bestaat om mensen die buiten hun schuld om niet terug kunnen, toch mogen blijven. Bijvoorbeeld omdat het land weigert de hun eigen onderdanen toe te laten. Door inzicht te krijgen in deze afwijzingsgronden, krijgen we ook inzicht in het al dan niet functioneren van de regeling zoals deze bedoeld is.

Tegelijkertijd zien we ook dat sommige aanvragen worden afgewezen omdat mensen nooit een asielvergunning hebben aangevraagd. Zij vallen niet onder het pardon omdat deze alleen bedoeld is voor gewortelde kinderen bij afgewezen asielverzoeken. Ook hier zitten soms kinderen tussen waarvan je snapt dat ze niet terug kunnen. Daarom werken wij nu aan een initiatiefwet samen met GroenLinks die regelt dat de IND en de rechter de rechten van deze kinderen zwaarder moeten meewegen. Op die manier voorkomen we dat veel kinderen telkens worden afgewezen, en uiteindelijk afhankelijk zijn van een staatssecretaris die een uitzondering maakt. Deze initiatiefwet is voor een groot deel de verdienste van de indieners van de motie.

Ten slotte willen we memoreren dat we altijd ons uiterste best doen om voor schrijnende gevallen een passende oplossing te krijgen. Zo hebben we bijvoorbeeld met succes de terugkeer van enkele meisjes naar Afghanistan kunnen voorkomen. Maar die schrijnende gevallen vergen allemaal een individuele afweging vanwege de complexiteit van elke afzonderlijke situatie, daar is maatwerk voor nodig.

2. 2017: tijd voor uitgesproken linkse samenwerking
Henk Marco Keizer

Samenvatting:

Het huidige kabinet heeft Nederland door de economische crisis geloodst. Een kabinet in 2017, met een links blok is van wezenlijk belang voor de toekomst van Nederland en daarbuiten. Verdeelde en versnipperde linkse partijen zullen zelfstandig weinig invloed kunnen uitoefenen. De PvdA moet zich daarom stellig uitspreken voor samenwerking met andere linkse partijen en daartoe ook actie ondernemen.

Motie:

De ledenraad van de Partij van de Arbeid, bijeen op 4 juni 2016,

Overwegende dat:

-Nederland in 2012 in een economische crisis verkeerde en sterk behoefte had aan stabiliteit;
-De staat van het land en de uitkomst van de verkiezingen vrijwel noodzakelijkerwijs tot de huidige politieke samenwerking met de VVD hebben geleid;
-Nederland er heden ten dage economisch een stuk beter voor staat dan in 2012;
-Er tegelijkertijd recentelijk sprake is van verontrustende berichtgeving omtrent de toename van inkomensongelijkheid, tweedeling in het onderwijs, belastingontwijking, vluchtelingenhaat, polarisatie, klimaatproblematiek enzovoorts;
-Het volgend kabinet in staat wordt gesteld wezenlijke keuzes over onder andere deze onderwerpen, de toekomst van Nederland en haar positie in de wereld te maken;
-Het daarbij een groot verschil maakt welke partijen in staat worden gesteld het beleid voor de komende jaren uit te zetten;
-De linkse partijen (PvdA, GroenLinks en SP) verdeeld en versnipperd lijken en daardoor zelfstandig weinig invloed uit zullen kunnen oefenen op dit beleid en deze wezenlijke keuzes;
-De linkse partijen tegelijkertijd veel met elkaar overeenkomende doelstellingen hebben;
-De linkse partijen hebben aangetoond succesvol samen te kunnen werken, bijvoorbeeld ten aanzien van het minimumjeugdloon.

Van mening dat:

-Het voor Nederland tijd wordt om moedige, progressieve en sociale keuzes te maken;
-De invloed van de linkse kiezer niet ten onder mag gaan door versnipperde en verdeelde linkse partijen;
-Deze linkse partijen op zoeken moeten gaan naar doelstellingen die zij met elkaar gemeen hebben;
-Zij, om deze doelstellingen te verwezenlijken, openlijk gezamenlijk op moeten treden en deze bereidheid uit dienen te spreken.

Verzoekt het landelijk partijbestuur:

-onderzoek te doen naar de gezamenlijke doelstellingen van de huidige linkse partijen;
-de andere linkse partijen proberen te bewegen tot concrete samenwerking in de ruimste zin des woords, maar in ieder geval ten aanzien van de gezamenlijke doelstellingen;
-zich uit te spreken over het concept van een concreet voornemen tot samenwerking met andere linkse partijen.

En gaat over tot de orde van de dag.

Toelichting partijbestuur:

Het partijbestuur heeft oproepen tot linkse samenwerking altijd ondersteund. Het afgelopen jaar hebben we een dergelijke samenwerking al meerdere malen bewerkstelligd zoals bijvoorbeeld het klimaatplan en onze inzet voor het afschaffen van het jeugdminimumloon. Bij een eventuele coalitievorming zullen we altijd streven naar een zo links en progressief mogelijk kabinet, omdat SP en GroenLinks ideologisch gezien het dichtst bij ons liggen.

3. Concrete Maatregelen tegen (Onderhuids) Racisme en Discriminatie – Jonge Socialisten
Bart van Bruggen

Samenvatting:

De bestrijding van racisme en discriminatie raakt het hart van de sociaaldemocratie. Daarom ondertekende de PvdA terecht het manifest “Onderhuids”. Nu komt het erop aan om dit in concrete actie om te zetten. Deze motie doet daarvoor enkele suggesties.

Motie:

De politieke ledenraad van de PvdA, in vergadering bijeen,

Constaterende dat:

-Te veel Nederlanders te maken hebben met (onbedoeld en onbewust) racisme en discriminatie,
-Het partijbestuur het Maatschappelijk Akkoord ‘Onderhuids’, dat maatregelen tegen racisme en discriminatie voorstelt, heeft ondertekend om hiertegen in verzet te komen,
-Het Onderhuids Maatschappelijk Akkoord bovendien is ondertekend door de PvdA afdelingen Amsterdam, Utrecht, Rotterdam, en Lingewaard, het gewestelijk bestuur Limburg, de Jonge Socialisten, de gemeenten Ede, Nijmegen, Veldhoven, Roermond, Maastricht, Middelburg, Breda, Vlissingen, Leeuwarden, Heusden en Deventer en meer dan 200 andere maatschappelijke en politieke partijen.

Overwegende dat:

-Alle vormen van discriminatie ontoelaatbaar zijn en het bestrijden van racisme, discriminatie en structurele ongelijkheid het hart van de sociaaldemocratie raakt,
-De motie Berkvens (op het congres in februari 2016) de ernst van de situatie op het gebied van racisme en discriminatie op basis van diverse rapporten onderstreept en er sinds die tijd alleen maar meer rapporten zijn verschenen die laten zien dat Mark meer kansen heeft dan Mohammed,
-In het Maatschappelijk Akkoord van ‘Onderhuids’ concrete aanbevelingen gedaan worden om racisme en discriminatie te bestrijden in lijn met de oproep uit de motie Berkvens,
-Deze concrete aanbevelingen in politiek Den Haag en verkiezingsprogramma weerklank dienen te krijgen.

Moedigt de Tweede Kamerfractie aan de Politieke Ledenraad op de hoogte te houden van de uitvoering van het Maatschappelijke Akkoord Onderhuids en met ten minste de volgende aanbevelingen direct concreet aan de slag te gaan:

-Het (verder) bevorderen van anoniem solliciteren op lokaal en landelijk niveau,
-Het testen van bewezen effectieve oplossingen tegen etnisch profileren uit het buitenland, zoals stopformulieren
-Het bestrijden van (onbedoeld en onbewust) racisme op en om het voetbalveld.

Roept de verkiezingsprogrammacommissie op:

-In het verkiezingsprogramma expliciet aandacht te besteden aan (onbedoeld en onbewust) racisme en discriminatie en de concrete thema’s en aanbevelingen uit het Onderhuids Maatschappelijk Akkoord direct te benoemen.

En gaat over tot de orde van de dag.

Toelichting partijbestuur:

De intenties van de indiener onderschrijven we. We zoeken de samenwerking met ‘ onderhuids’. De fractie handelt actief tegen discriminatie: ze treden er tegen op, doen voorstellen om o.a. LHBTI discriminatie te voorkomen ze stimuleren de diversiteit bij organisaties, enzovoorts. De komende periode zal de fractie blijven werken aan het tegengaan van discriminatie. Het kabinet spreekt zich uit tegen discriminatie, momenteel erg actueel, en zet stappen in het terugdringen van arbeidsmarktdiscriminatie.

Etnisch profileren komt voor, de politie erkent dat. De fractie is niet overtuigd van dit instrument en zoekt naar andere oplossingen; veel beter investeren in bewustwording bij agenten en in betere selectie, opleiding en aansturing van de agenten.

4. Stop met dubbel betalen voor medicijnen – Jonge Socialisten
Bart van Bruggen

Samenvatting:

Patenten geven universiteiten het exclusieve recht om een product te maken of te verkopen. Universiteiten hebben vaak niet de productiemogelijkheden om een medicijn op grote schaal te fabriceren en geven daarom licenties af. Een licentie houdt in dat er toestemming wordt verleend aan een 3e partij om het medicijn verder te ontwikkelen en te produceren. Deze motie heeft tot doel hier wat aan te doen.

Motie:

Constaterende dat,

-Een derde van de wereldbevolking geen toegang heeft tot essentiële medicatie.
-Jaarlijks 10 miljoen mensen overlijden doordat ze niet de mogelijkheid hebben om essentiële medicatie te verkrijgen.
-Ook de toegankelijkheid van medicijnen in Nederland steeds vaker onder druk staat, getuige de uitzending van De Monitor (8 mei), waarin bleek dat essentiële medicatie vanwege de hoge kosten niet altijd werd voorgeschreven.
-Een kwart van de nieuwe medicijnen wereldwijd afkomstig is van universiteiten.
-Medicijnen tegen Pompe en Fabry ontwikkeld zijn door onder andere de Erasmus universiteit en het Prinses Beatrix-fonds.
Overwegende dat,

-Het oneerlijk is dat er een monopoliepositie gecreëerd wordt voor medicijnen die ontwikkeld zijn uit collectieve gelden.
-Universiteiten er zijn om het algemeen belang te dienen en niet het belang van de farmaceutische industrie.
-De winsten van de farmaceutische industrie ontzettend hoog zijn.
-Medicijnen grotendeels uit collectieve gelden betaald worden.

Roept de Tweede Kamerfractie op,

-Stappen te zetten om te zorgen dat Nederlandse universiteiten in hun licenties moeten waarborgen dat medicijnen uit de door hun ontwikkelde geneeskundige stoffen, en niet exclusief aan één marktpartij gesteld worden. Zij moeten deze beschikbaar stellen voor generieke concurrentie om de toegankelijkheid van medicijnen in de toekomst te garanderen.

Roept de verkiezingsprogrammacommissie op

– Dit op te nemen in het komende verkiezingsprogramma.
toelichting: Geneesmiddelen die zijn ontwikkeld met publiek geld mogen niet in handen raken van winstgerichte farmaceuten met monopoliepositie. De winst die gemaakt wordt moet evenredig aan de publieke investering terugvloeien naar publieke middelen. Als 80% publiek gefinancierd is moet 80% van de winst terugvloeien. We zouden dit sterker kunnen regelen door ook alle onderzoeksdata die met publiek geld tot stand zijn gekomen, openbaar te maken. Dan hebben farmaceuten niet het monopolie om voor het middel te vragen wat ze willen en kunnen andere farmaceuten het middel ook produceren. Let wel; Nederland heeft niet de positie om dit solo te regelen. Hiervoor moeten we de internationale samenwerking zoeken.

Toelichting partijbestuur:

Geneesmiddelen die zijn ontwikkeld met publiek geld mogen niet in handen raken van winstgerichte farmaceuten met monopoliepositie. De winst die gemaakt wordt moet evenredig aan de publieke investering terugvloeien naar publieke middelen. Als 80% publiek gefinancierd is moet 80% van de winst terugvloeien. We zouden dit sterker kunnen regelen door ook alle onderzoeksdata die met publiek geld tot stand zijn gekomen, openbaar te maken. Dan hebben farmaceuten niet het monopolie om voor het middel te vragen wat ze willen en kunnen andere farmaceuten het middel ook produceren. Let wel; Nederland heeft niet de positie om dit prijsmonopolie solo aan te pakken. Hiervoor moeten we de internationale samenwerking zoeken. De programmacommissie zal deze motie zeer nadrukkelijk meenemen in haar overwegingen.

5. Vliegensvlug duurzamer – Jonge Socialisten
Bart van Bruggen

Samenvatting:

Energiewoordvoerder Jan Vos deed uitstekende voorstellen voor een versnelde verduurzaming van de samenleving. Wij moedigen hem, de rest van de fractie en de verkiezingsprogrammacommissie aan om met extra urgentie met deze voorstellen aan de slag te gaan.

Motie:

De politieke ledenraad van de PvdA, in vergadering bijeen,

Constaterende dat,
-Jan Vos in de energievisie werk uit transitie uitstekende voorstellen heeft gedaan voor een snelle verduurzaming van de samenleving
-Het al enige tijd geleden is dat een PvdA er dergelijk ambitieuze voorstellen durfde te doen in het kader van een duurzame toekomst,

Overwegende dat,

-Het voor toekomstige generaties van groot belang is om duurzamer om te gaan met onze aarde,

Moedigt de Tweede Kamerfractie aan,

-Om de genoemde voorstellen onverkort en met urgentie na te blijven streven.

Moedigt de verkiezingsprogrammacommissie aan,

-Om de genoemde voorstellen een plek te geven in het conceptverkiezingsprogramma.

En gaat over tot de orde van de dag

Toelichting partijbestuur:

Het kabinet neemt extra maatregelen bovenop de afspraken uit het energieakkoord om de uitstoot van CO2 te verminderen. Overwogen wordt om extra kolencentrales te sluiten. De fractie neemt in het duurzaamheidsdebat het voortouw o.a. door de energievisie van de hand van Jan Vos en de Klimaatwet die Diederik Samsom momenteel maakt met GroenLinks. Al deze plannen en suggesties staan duidelijk op het netvlies van de programmacommissie. De programmacommissie neemt kennis van al die plannen en suggesties, praat met vele experts, beschouwt het rapport de Bakens verzetten van Ad Melkert als een belangrijke leidraad maar maakt wel zijn eigen afwegingen. Uiteindelijk zal het congres begin 2017 het laatste woord hebben over ons verkiezingsprogramma.

6. Een half miljoen nieuwe banen voor en door nieuwe energie en grondstoffen
Sjak Rijploeg

“Samenvatting”

Het is tijd dat de PvdA weer de partij van werk wordt. Er zijn grote kansen om met verduurzaming en nieuwe kwaliteit van werk heel veel nieuwe banen te maken.

Motie:

De politieke ledenraad van de PvdA in vergadering bijeen op 4 juni 2016, constateert dat:

– de ergste rotzooi van de door liberalisme veroorzaakte financiële crisis door het huidige kabinet is opgeruimd, maar dat nog meer maatregelen nationaal en internationaal nodig zijn om de economie dienstbaar te maken aan de belangen van de gemeenschap en een goede toekomst;
– er nu ruimte is om te werken aan een nieuwe sociale toekomst;
– de oude energiesector, de procesindustrie en andere bedrijvigheid die gebaseerd is op verbruik van fossiele energie, niet meer de trekker is van de economie; de aanstaande opbloei van de economie gebaseerd zal zijn op schone energie en grondstoffen; de enige vraag is of we als Nederland daarbij aanhaken of dat we onze welvaart op de tocht zetten en alleen de bovenlaag nog een kans op goed leven gunnen;
– we moeten kiezen voor de grote omslag; we iedereen aan een goede baan kunnen helpen en samen met bevriende krachten ook in Afrika banen en welvaart helpen scheppen, zodat vluchten naar het noorden niet meer nodig is;
– we kunnen stoppen met het financieren van oliedictators, die de eigen bevolking tot godsdienstwaanzin drijven en oliegeld gebruiken om een verschrikkelijke oorlog gaande te houden;

Is van mening dat:

1. we aan de slag moeten gaan met nieuwe welvaart en een baan voor iedereen; als we aan de top van organisaties mensen zetten die zich met minder dan anderhalve ton kunnen redden en als we de les van Piketty in acht nemen, we de kost die voor de baat uit gaat, best kunnen betalen;
2. de omslag naar een duurzame energie- en grondstoffeneconomie voorwaarde is voor een betere toekomst voor Nederland en de wereld;
3. het oplossen van de klimaatproblematiek veel nieuwe banen en welvaart met zich kan brengen;
4. die klus echter alleen geklaard kan worden als we er iedereen bij betrekken en de baten ook eerlijk verdelen;
5. de oplossingen gepaard moeten gaan met kennisverbreiding en vergroting van vaardigheden;
6. alles in het werk moet worden gesteld om Nederland bij die klus vooruit te helpen en daarmee honderdduizenden banen te scheppen.

Roept fracties en partijbestuur op om voor Prinsjesdag plannen te presenteren voor een half miljoen nieuwe banen in bouw, techniek, onderzoek, organisatiekracht, onderwijs/onderricht voor jong en oud en aanverwante.

Sjak Rijploeg
Maarten de Groot
Kees van Gelder
Jan Lunsing

Toelichting partijbestuur:

Deze motie geeft duidelijk aan welke kant het op moet de komende jaren. De energietransitie is niet alleen noodzakelijk voor een duurzame energievoorziening in de toekomst, het levert ook banen op. Dat blijkt nu duidelijk is dat de geplande windmolenparken in 2020 zo’n 10.000 banen gaan opleveren. Dat zelfde principe geldt ook in ander sectoren waar we moeten verduurzamen; de gebouwde omgeving, het transport, enzovoorts. De seinen staan op groen om grootschalig te gaan investeren in Nederland. Dat kan door de overheid, maar ook door pensioenfondsen en andere lange termijninvesteerders. Dat gaat onherroepelijk leiden tot veel meer werkgelegenheid, maar of we de 500.000 kunnen halen? De ambitie is mooi en heel groot, maar we delen hem zeker. De komende periode werken we door aan concrete initiatieven voor meer werk.

7. Experiment basisinkomen in verkiezingsprogramma.
Gerben Welling

Samenvatting:

Binnen de PvdA wordt al wat langer gediscussieerd over het basisinkomen. Tijdens congressen en ledenraden zijn hierover moties ingediend.

*Neem een experiment met het basisinkomen op in het verkiezingsprogramma.*

Motie:

De PvdA wil 40 miljoen uitgeven voor een experiment met het Basisinkomen als toets voor een moderne verzorgingsstaat. Daarvoor zoeken we samenwerking met andere politieke partijen en universiteiten en een regio die bereid is regels en subsidies daarvoor enkele jaren aan te passen. Of in andere woorden met de zelfde doelstelling.

Het hier genoemde Basisinkomen is een Negatieve-Inkomsten-Belasting, dus gaat er geen extra geld naar mensen met een goed inkomen, wel een garantie op een Basisinkomen voor iedereen.

Motivering:

Grote maatschappelijke problemen zijn alleen op te lossen als iedereen de vrije keus krijgt om tot zijn recht te komen, in zijn betaalde- en onbetaalde werk.

(NB: ingediend namens Hans Lindeijer, afdeling Eindhoven).

Toelichting partijbestuur:

Er komen snel experimenten rond om een plichtenvrije bijstand. En op de ledenraad praten we door over het basisinkomen en de basisbaan. Die uitkomsten volgt de programmacommissie met interesse. Daarnaast zijn wij van mening dat ons grootste doel in dezen het creëren van volledige werkgelegenheid is. Dat heeft van oudsher de voorkeur voor de Partij van de Arbeid. De programmacommissie neemt kennis van alle ideeën en suggesties, praat met vele experts, neemt de discussie over basisinkomen zoals die momenteel gaat in de partij heel serieus maar maakt wel zijn eigen afwegingen. Uiteindelijk zal het congres begin 2017 het laatste woord hebben over ons verkiezingsprogramma.

Delen: