Windenergie is bron van de toekomst

Windenergie is bron van de toekomst

Door Jan Vos op 16 januari 2013 Delen  

Het kabinet heeft zich ten doel gesteld om in 2020 voor 16 procent afhankelijk te zijn van duurzame energie. Voor de Partij van de Arbeid is er alle reden om deze doelstelling te verwezenlijken. En dat kan. In Nederland zijn er voldoende hernieuwbare energiebronnen beschikbaar: wind, zon en aardwarmte. Maar we moeten ze wel volledig benutten. Daarom wil de PvdA de komende jaren investeren in windenergie op zee. Niet alleen investeren we hiermee in de energiebron van de toekomst, het betekent ook een flinke stimulans voor onze innovatieve industrie.

Innovatie is noodzakelijk om de kostprijs van windenergie te laten dalen. Daarbij is het van belang om zekerheid te bieden, zodat de industrie de financiering rond kan krijgen en er een start kan worden gemaakt met de aanleg van ‘stopcontacten’, waarop de windparken worden aangesloten. Ik ben dan ook verheugd dat de minister in deze plannen een reële optie ziet en zal hem vragen zo snel mogelijk met concrete voorstellen te komen.

Lees hier mijn gehele bijdrage tijdens het debat over de begroting van Economische Zaken:

Gesproken woord geldt

Voorzitter,

De minister van Economische Zaken liet ons tijdens het Kerstreces weten dat hij vertrouwen heeft in de toekomst van de Nederlandse economie. Dat vertrouwen is belangrijk voor ons land. Het is ook nodig. De Nederlands economie ligt er op dit moment niet florissant bij. China groeit met 8%, Afrika met 6%, de VS met 3% en hier in Europa is 2012 afgesloten met negatieve groeicijfers. Terecht heeft de minister gesteld dat ondernemers Nederland er weer bovenop moeten helpen, innovatie en werkgelegenheid komen vooral voort uit het MKB. Het is echter juist het MKB dat het nu zwaar heeft veel ondernemers houden met moeite het hoofd boven water. Het zijn financieel uitdagende tijden.

Voorzitter,

Midden in deze uitdagende tijden investeren wij in de grootste transitie van energiegebruik door de mens sinds de industriële revolutie. Deze regering heeft zichzelf een doelstelling van 16% duurzame energie in 2020 gesteld.

Dat is nodig ook. We hebben in Nederland de hoogste concentraties fijnstof en we scoren slecht op CO2-reductie. Van alle G20 landen scoren alleen Mexico en Turkije slechter dan Nederland. De wereldwijde uitstoot van CO2 zorgt ervoor dat we veel geld moeten besteden aan klimaatadaptatie, onder meer door onze dijken te verhogen. Voorkomen is beter dan genezen en mede daarom moeten anders omgaan met onze natuurlijke hulpbronnen.

Wereldwijd is 17% van de energie die door de mens gebruikt wordt afkomstig van hernieuwbare bronnen. In Nederland hebben we deze bronnen ook overvloedig tot onze beschikking, we moeten ze alleen inzetten: gebruik van wind, zon en aardwarmte werkt, het moet nu worden opgeschaald.

Voor het reces hebben we de wet opslag duurzame energie met elkaar besproken, daarmee zijn de financiële middelen gereserveerd voor onze energietransitie. De uitbreiding van het budget naar 3 miljard voor 2013 is heel goed nieuws voor Nederland. Uiteraard is dit afgesproken in het regeerakkoord, maar mijn fractie is erg verheugd dat deze minister zo snel en zo onomwonden met duurzame energie aan de slag gaat.

Om 16% duurzame energie te realiseren zijn alle duurzame energiebronnen nodig. Mijn fractie wil in het bijzonder een lans breken voor windenergie op zee. Windenergie op zee is een dure vorm van energieopwekking, maar het is tegelijkertijd een belangrijke kans voor onze offshore industrie. Innovatie kan de prijs van wind op zee laten dalen tot ca 10 cent per Kilowattuur en de opgedane kennis en ervaring zullen wereldwijd ingezet kunnen worden. Daarbij lijkt het raadzaam ook te kijken naar mogelijkheden binnen de 12-mijlszone, om kostenvoordelen te kunnen realiseren. Graag verneem ik van de minister hoe hij de ontwikkeling van nearshore windparken voorziet.

Om wind op zee verder mogelijk te maken is het belangrijk dat er een stopcontact wordt aangelegd waarop de parken kunnen worden aangesloten. Hoe staat het daarmee? De aanleg van zo’n stopcontact duurt 5-7 jaar, dus actie is geboden. Daar waar vergunningen zijn verleend zou mijn fractie graag van de minister vernemen in hoeverre de daadwerkelijke bouw nu van start lijkt te gaan, over sommige projecten, zoals Gemini verschijnen berichten in de media die geen vertrouwen geven in een voorspoedige voortgang. De industrie vraagt om meerjarige zekerheid bij de subsidieverlening. Deze zekerheid is noodzakelijk voor financiering en de investeringen die de kostprijs van wind op zee omlaag kunnen brengen.

Kunt u inzicht geven in de verdeling van de SDE+ regeling naar soorten duurzame energie die zullen worden gestimuleerd.? Enerzijds kiest de minister niet voor een techniek maar anderzijds is er de wetenschap dat alles nodig is. Dat per jaar de goedkoopste optie voorrang krijgt is goed, maar we weten ook dat andere technieken die nu net iets duurder zijn de komende jaren alsnog uitgerold moeten worden. Die ondernemers moeten zekerheid krijgen over de vraag wanneer ze dan wel aan de beurt zijn. Hoe gaat de minister die zekerheid bieden? Is het doen van een pre-beoordeling van alle aanvragen, zoals Nuon voorstelt een idee? Daarmee wordt al snel een eerste schifting gemaakt.

Naast een overzicht per energiedrager is ook een overzicht over de te beschikken bedragen per jaar nodig. Daarmee krijgen ondernemers binnen de SDE+ systematiek maximale zekerheid over wanneer welk bedrag beschikt wordt. Kan de minister voor een overzicht zorgen?

Voorzitter, in juli dit jaar diende mijn voorganger een motie in. De interpretatie van deze motie, zoals verwoord in de vandaag verzonden antwoorden van de minister op kamervragen van mijn collega Van Tongeren, kan mijn fractie delen. Ons doel is en blijft minimaal 6000 Megawatt op land in 2020 en wij hebben de provincies een gerede kans gegeven om in goed overleg gezamenlijk die doelstelling te bereiken. Enkele provincies menen zich echter aan die gezamenlijkheid te kunnen onttrekken en het is helder dat de Minister in de Rijksstructuurvisie wind op land een eigen afweging zal maken. Zodra de structuurvisie is vastgesteld, kunnen weer projecten groter dan 100 Megawatt binnen de afgesproken gebieden worden uitgevoerd met behulp van de rijkscoördinatieregeling. Belangrijk is dan wel om goed te bekijken of de plannen voor windenergie in de structuurvisie realistisch genoeg is om de 6000 megawatt daadwerkelijk te halen. Wil de minister mijn fractie toezeggen dat hij daar zeer scherp op zal letten? Als op termijn vervolgens blijkt dat in de structuurvisie te weinig ruimte is om de doelstelling te realiseren dan moet de minister de ruimte nemen om aanvullende maatregelen te nemen.

Uitstekend dat de minister naar de wens van de Kamer heeft geluisterd en conform de motie Van Tongeren, winddifferentiatie gaat toepassen. Desalniettemin is er vorig jaar precies 1 windmolen gebouwd. De reden is het grote beslag dat geothermie heeft gelegd op het beschikbare budget. En het lijkt er nu op dat de minister van schrik aardwarmte gaat aftoppen zonder duidelijke onderbouwing, met als gevolg onzekerheid bij die sector. En onzekerheid is het allerlaatste dat we nodig hebben in een branche die toch al van de ene onzekere situatie naar de andere loopt. In dit verband ben ik ook benieuwd naar het standpunt van de minister over het aftoppen van aardwarmte projecten. Bij biomassa projecten speelt een vergelijkbare vraag, bijvoorbeeld bij de ombouw van de bio-energiecentrale in Zeeland naar 100% biomassa.

Mijn fractie stelt in ieder geval voor om niet tijdens het spel de regels aan te passen en geothermie dus niet af te toppen met onduidelijke onderbouwing maar anderzijds wel te zorgen dat aangevraagde projecten snel beoordeeld kunnen worden op realisme. Dan kan het opengevallen budget direct weer worden ingezet voor andere projecten die klaarstaan om uitgevoerd te worden. Die toets zit nu toch al in de systematiek? Waarom is dat niet afdoende?

Blijft over de biovergisting, voor ons een op zich goede techniek maar er zijn geluiden dat er veel en vaak wordt gesjoemeld. Antwoorden op vragen van collega Van Gerven zijn nog niet binnen maar wij zijn erg benieuwd. We verwachten dat dit stevig wordt aangepakt, het kan niet zo zijn dat windmolens en aardwarmteprojecten moeten wachten op subsidie omdat er een paar boeren subsidie ontvangen om vervolgens te sjoemelen met hun biovergister.

Voorzitter, de afgelopen jaren is er een forse discussie gevoerd over de duurzaamheid van biobrandstoffen. Er zijn innovatieve duurzame biobrandstoffen die niet concurreren met de voedselvoorziening en wél zorgen voor milieuwinst, maar daar wordt nu nog te weinig gebruik van gemaakt. Ook op het gebied van vaste biomassa komen er steeds meer vragen over de daadwerkelijke milieuwinst. Mijn fractie wil graag van de minister weten wat de stand van zaken is met betrekking tot het opstellen van criteria voor vaste biomassa.

Voorzitter, graag aandacht van de minister voor de wijze waarop Energiebedrijven rapporteren over hun duurzaamheid. Volgens een bericht in de VK van 21 december zouden TenneT en Delta op geen enkel punt aan de GRI-richtlijnen voldoen. Complimenten voor NUON / Vattenfall, blijkens de berichtgeven doet dit bedrijf het uitstekend. Ik zou er in dit verband ook nog eens op willen wijzen dat mijn fractie teleurgesteld is in de opstelling van EON en GDF Suez op de Maasvlakte met betrekking tot de afvang en opslag van CO2. Er zijn leiders die beseffen dat ze in een samenleving opereren en er zijn mensen die een bedrijf leiden en klaarblijkelijk vooral het eigenbelang nastreven.

Voorzitter,

In het regeerakkoord is overeen gekomen de stimulering van decentrale energieopwekking verder mogelijk te maken, mijn fractie verneemt graag van de minister wanneer hij met een voorstel denkt te komen. Wij verwachten dat hij binnen de grenzen van het regeerakkoord zoveel mogelijk ruimte geeft voor bewonersinitiatieven. Decentrale opwekking van energie kan een belangrijke bijdrage leveren aan onze energietransitie. Er zijn allerlei initiatieven, zoals bijvoorbeeld in Gennep, die met smart wachten op duidelijkheid.

Verder vraagt mijn fractie aandacht voor de penibele situatie waarin WKK verkeert, heeft de minister hier een mening over en is hij voornemens om actie te ondernemen? WKK is een goedkope en efficiënte manier om onze CO2 uitstoot te reduceren. Waarom lees ik in de begroting niets over het bevorderen van energie-efficientie, volgens de GEA een van de meest succesvolle manieren om een transitie tot stand te brengen. Ik verneem graag de stand van zaken rond de toezegging van staatssecretaris Mansveld ‘’De regering zal onder de verantwoordelijkheid van de minister van EZ een aanpak voor energiebesparing vorm geven, aansluitend bij de Europese richtlijn energie-efficiëntie en in samenhang met de uitwerking van de klimaatroadmap waarvoor de staatssecretaris van IenM verantwoordelijk is en zal tevens in aansluiting op de rapportageverplichtingen in de genoemde richtlijn de Kamer jaarlijks rapporteren over de resultaten.’’

Voorzitter, de regering in België beslist volgende week over de heropstart van de centrales in Doel en Tihange. Wij maken ons zorgen omdat uit onderzoeken zou zijn gebleken dat een deel van de documentatie over de bouw van de reactorvaten ontbreekt. Er is geen onafhankelijk onderzoek waaruit blijkt dat de centrale nu weer veilig is. Bent u hiervan op de hoogte, graag verneem ik uw mening. Ik begrijp dat u niet over reactoren in Belgie gaat, maar bij een melt-down in Belgie zijn onze burgers de pineut. Het zou goed zijn wanneer de burgemeester van Maastricht als voorzitter van de veiligheidsregio met een rampenplan komt, ik heb begrepen dat dit er nu niet is – wilt u mijn fractie toezeggen dat uw regering hier aandacht aan zal besteden en tevens in overleg zal treden met de regering van Belgie inzake de veiligheid van de centrales aldaar, waarbij ik u verzoek uw reputatie waar te maken en om het naadje van de kous te vragen.

Mijn fractie heeft met belangstelling kennis genomen van de hernieuwde belangstelling rond Thorium als grondstof voor nucleaire installaties. China en India werken aan opwekking van energie met Thorium, maar ook Noorwegen werkt hieraan. De benodigde investeringen voor een centrale zijn groot, maar de voordelen ook: geen risico op een melt down, een significant lagere halfwaarde tijd en het afval uit bestaande uranium centrales kan verwerkt worden in Thorium centrales. Graag zou ik van de minister vernemen of hij bereid is om met de Noren in overleg te treden om de voor- en nadelen van een Thorium proefproject in kaart te brengen.

Voorzitter, in IJsland is tweederde van de energievoorziening duurzaam en afkomstig van vulkanische geothermie. De energie spuit daar zo’n beetje uit de grond. Een van de andere grote uitdagingen bij de omschakeling naar duurzame energie is hoe wij compenseren voor piekbelasting van onze netten op dagen dat er geen zon en wind is. Mijn fractie overweegt de aanleg van een Vulkanische KrachtKabel tussen IJsland en Nederland. Zo kunnen we duurzame energie importeren en compenseren voor de piekbelasting op onze netwerken als er geen wind en zon is. In dat verband heb ik met belangstelling kennis genomen van het voorstel van de Engelse Energie Minister, Charles Hendry, om duurzame geothermische energie te importeren uit IJsland. De Britten overwegen eveneens een interconnector, een Vulkanische KrachtKabel, aan te leggen naar IJsland. Wellicht kunnen we met de Britten samenwerken of de kabel verlengen. Graag verneem ik het standpunt van de minister over dit onderwerp en ik verzoek hem te onderzoeken of een Vulkanische KrachtKabel naar IJsland een goede manier is om de Nederlandse base-load te verduurzamen. In plaats van kolen en gas zou vulkanische warmte een duurzamere oplossing zijn.

Voorzitter, de situatie van de energie-intensieve industrie. Wij zijn en blijven voorstander van een gelijk speelveld. Als andere landen besluiten om hun industrie ook voor indirecte CO2-kosten en transportkosten te compenseren dan moet Nederland actie ondernemen. De beste oplossing is andere landen te bewegen daar mee op te houden. Indien dat niet mogelijk is dan moet worden overwogen hetzelfde te doen. Nederland en het milieu schieten er niets mee op als de zware industrie naar Duitsland vertrekt en wij de spullen vervolgens importeren.

Voorzitter,

De PvdA is aanvankelijk, in 2011, kritisch geweest over het topsectorenbeleid als onderdeel van het bredere bedrijfslevenbeleid. De PvdA-fractie vond bijvoorbeeld dat het MKB onvoldoende aangesloten was, dat er te weinig vrouwen in de topteams zaten, en dat het bedrijfsleven te veel invloed zou krijgen op wetenschappelijk onderzoek en dat fundamenteel onderzoek te veel onder druk zou komen te staan.

Maar naarmate er vele tussenstappen doorlopen waren, groeide bij diverse betrokkenen het draagvlak voor het topsectorenbeleid, ook bij de Partij van de Arbeid. De PvdA steunt inmiddels in grote lijnen het topsectorenbeleid.

De PvdA vindt echter wel dat de regering te weinig echte keuzes heeft gemaakt. Binnen het beleid dat zich richt op de toppers, is er niet gekozen voor een absolute winnaar. Niet eens voor de runner up. Daardoor kan eigenlijk een kwart van de Nederlandse economie en bedrijven onder de noemer topsector worden geplaats. De kritiek van enkele economen zoals vandaag verwoord in het FD kan bij mijn fractie dan ook weerklank vinden en wij vernemen graag een reactie van de minister, met name ten aanzien van de kritiek dat vooral gevestigde partijen geld herverdelen terwijl we weten dat innovatie tot stand wordt gebracht door nieuwe spelers, vaak het MKB. Het beleid heeft wat de PvdA betreft tevens nog onvoldoende focus. De PvdA vindt in dit kader vergroening en verduurzaming van groot belang. Zij wil daarom meer focus op de totstandbrenging van een biobased economy.

Onderzoek en innovatie zijn de motor van onze economie en het toekomstige welzijn en welvaart van ons land. De PvdA-fractie is – uiteraard – erg blij met de ambities in het regeerakkoord. De PvdA heeft wel een vraag aan de minister over de ‘intensivering van onderwijs en onderzoek’: Mijn fractie kan zich voorstellen dat het voor onderzoek en innovatie van belang is dat de gelden voor onderzoek eerder dan 2017/2018 beschikbaar zijn. Tevens kan mijn fractie zich voorstellen dat bedrijven in deze economisch lastige tijden onvoldoende kunnen investeren in de topsectoren. Wat denkt de Minister hierover en kan een deel van het budget voor de topsectoren – als dit niet wordt besteed – ingezet worden ten behoeve van intensivering van onderwijs en onderzoek?

Banken – De PvdA wil ingrijpen als blijkt dat banken hun maatschappelijke verantwoordelijkheid niet nemen. Niet alleen via de Nationale Investeringsbank, maar ook door de staatsborgstellingsregelingen BMKB, de Groeifaciliteit en de GO te verruimen. Graag een reactie van de minister.

De PvdA wil consumenten en bedrijven helpen om bewuster te kiezen. Door bedrijven meer greep te geven op hun toeleveranciers en door productieketens transparanter te maken. Sommige zaken moeten we internationaal regelen, veel kan al nationaal. De Kamer stemde in 2009 in met een voorstel van de PvdA voor verplichte, volledige transparantie van productieketens in 2020. Dat besluit moet dit kabinet uitvoeren. De Europese Commissie moet met een voorstel komen om transparantie van financiële stromen tussen grondstof delvende bedrijven en productielanden te waarborgen. Graag een reactie van de minister.

Delen:

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma