PvdA en SP presenteren wetsvoorstel ‘Zekerheid voor flex’

PvdA en SP presenteren wetsvoorstel ‘Zekerheid voor flex’

Door Mariëtte Hamer op 3 juli 2012 Delen  

SP-collega Paul Ulenbelt en ik presenteren dinsdag het initiatiefwetsvoorstel ‘Zekerheid voor flex’. Met dit voorstel krijgen werknemers met tijdelijke contracten eerder een vast contract, meer zekerheid over hun toekomst, en wordt de valse concurrentie op arbeidsvoorwaarden beëindigd. Daarnaast stimuleert ‘Zekerheid voor flex’ de scholing en productiviteitsgroei van werknemers waar de 21e eeuw om vraagt en helpt de toenemende inkomenszekerheid de economie weer op gang door hogere consumptie-uitgaven van flexwerkers.

Onze voorstellen op een rij
1. Werknemers met een tijdelijk contract krijgen net als vaste werknemers een ontslagvergoeding als hun contract afloopt. Voor elk gewerkt jaar krijgen ze een maandsalaris. Deze vergoeding kan door de werknemer gebruikt worden om nieuw werk te vinden of in te zetten voor scholing.

2. Werknemers met een tijdelijk contract en uitzendkrachten krijgen ruim van tevoren te horen of het contract verlengd wordt. Hierdoor weten zij op tijd dat hun contract afloopt en kunnen ze op zoeken naar nieuw werk.

3. Er komt een einde aan het eindeloos geven van tijdelijke contracten. Er mogen nog maar maximaal twee opvolgende tijdelijke contracten worden gegeven. Iedereen krijgt na maximaal twee jaar een vast contract.

4. Nadelen van payrollen worden aangepakt. Een werknemer heeft voortaan maar één werkgever: het bedrijf waar hij gesolliciteerd heeft en waar hij elke dag voor werkt. Het uitbesteden van personeelsadministratie- en loonbetalingen aan een externe organisatie blijft gewoon mogelijk.

5. Werkgevers die gebruik maken van vaste contracten worden beloond met een lagere WW-premies. Vaste krachten worden hierdoor goedkoper en aantrekkelijker voor werkgevers.

6. Het concurrentiebeding verbiedt een werknemer bij een andere werkgever te gaan werken als zijn contract afloopt. Dit past niet bij tijdelijke contracten en wordt daarom alleen toegestaan bij vaste contracten.

7. De proeftijd, waarbij aan het begin van het contract te allen tijd opgezegd mag worden, wordt verboden bij een contract van minder dan 6 maanden.

8. Uitzendkrachten krijgen meer rechten. Het gebruik van het uitzendbeding, waardoor uitzendkrachten per direct op straat gezet kunnen worden, wordt aan banden gelegd. Dat mag maximaal 18 maanden gebruikt worden.

9. Uitzendkrachten krijgen eerder recht op loondoorbetaling als er geen werk is.

10. Elk contract moet op papier gezet worden zodat alle gemaakte afspraken terug te vinden zijn.

De huidige arbeidsmarkt is uit balans. Veel werk is te onzeker geworden, men hopt van tijdelijk contract naar tijdelijk contract. Terwijl mensen inkomenszekerheid nodig om een toekomst op te bouwen: ze willen samenwonen, moeten een gezin onderhouden, een huis huren of een hypotheek aanvragen, en een autootje voor de deur. Aan de andere kant zie je dat er door de groei van flexwerk steeds minder in werknemers wordt geïnvesteerd. Voor jou vijf anderen, maar door het tijdelijke werk ontstaat er geen binding met het bedrijf en is scholing van de flexwerker door de werkgever niet rendabel.

Deze situatie remt de productiviteitsstijging van de Nederlandse werknemers. Dat is niet goed voor de internationale concurrentiepositie van ons bedrijfsleven. En de flexibele schil in Nederland lijkt groter dan economisch noodzakelijk, we hebben een van de grootste hoeveelheden flexwerkers van Europa. Daarom hebben we een oplossing bedacht om vaste contracten aantrekkelijker te maken voor werkgevers.

In onze wet wordt de kloof tussen tijdelijke werknemers en vaste werknemers verkleind. Voortaan krijgen tijdelijke werknemers na twee jaar of twee contracten een vast contract. Het eindeloze stapelen van tijdelijke contracten wordt dus aangepakt. Ook krijgen ze net als vaste werknemers een vergoeding als hun contract niet wordt verlengd. Met de vergoeding kan men de periode naar nieuw werk overbruggen of inzetten voor scholing. Tevens gaan werkgevers voor vaste contracten minder WW-premie betalen. Maken ze veel gebruik van flexwerkers, die vaker een beroep doen op het vangnet van de werkloosheidswet, dan betalen ze een hogere premie.

De premieheffing wordt dus aangepast onder het mom ‘de vervuiler betaalt’. Zo stimuleert de wet werkgevers om werknemers sneller een vast contract aan te bieden. Als de wet wordt aangenomen krijgen tijdelijke werknemers ook recht krijgen op een opzegtermijn. Hierdoor weten de werknemers of hun contract verlengd wordt of niet en kunnen zij op tijd op zoek naar nieuw werk.

Uitzendkrachten
Maar ook uitzendkrachten en werknemers met een zogenoemd payrollcontract wordt meer zekerheid geboden. Voor uitzendkrachten gaat ook een opzegtermijn gelden en mag er niet langer onbeperkt gebruik worden gemaakt van het uitzendbeding. Het uitzendbeding betekent namelijk dat een uitzendbureau de werknemer mag ontslaan als de inlener geen werk meer heeft.

Bij payrollconstructies zijn de verantwoordelijkheden van de werkgever verdeeld over een salarisadministratiekantoor en de feitelijke werkgever. Het gevolg is dat de werknemer tussen de wal en het schip terecht komt en beroofd wordt van zijn ontslagbescherming. Daarom moet het in de toekomst niet langer mogelijk zijn om de verantwoordelijkheden van de werkgever te verdelen. De personeelsadministratie kan gewoon worden uitbesteed, maar het bedrijf waar de werknemer gesolliciteerd heeft en waar hij elke dag werkt, wordt weer de verantwoordelijke werkgever die de ontslagregels moet naleven.

In het reces zal dit wetsvoorstel officieel ingediend worden om later besproken te worden in de Tweede Kamer.

Delen: