Werken voor de publieke zaak gaat om dienen, niet om verdienen

Werken voor de publieke zaak gaat om dienen, niet om verdienen

Foto Shutterstock

Door John Kerstens op 19 september 2016 Delen  

Het is tijd voor een ‘Wet Aanpak Schijnconstructies II’. Nu niet om onderbetaling van mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt (en daarmee tegelijk het niet meer aan de bak komen van hun daardoor ‘te dure’ collega’s) aan te pakken, maar óverbetaling aan de bovenkant. Want bij de overheid en in de semipublieke sector moet het gaan om dienen, niet om verdienen. Dat schrijf ik een opiniestuk in Trouw.

Het volledige artikel zoals verschenen in Trouw van 17 september:

De vorig jaar ingevoerde Wet Aanpak Schijnconstructies is een succes, ook volgens de vakbonden. Het aanpakken van onderbetaling van werknemers via allerlei trucs is er een stuk makkelijker door geworden. Nu is het tijd om trucs die leiden tot óverbetaling de pas af te snijden. Stiekeme slimmigheidjes waarmee bijvoorbeeld bestuurders van een ‘netwerkbedrijf’, een directeur van een regionale omroep of ziekenhuisbestuurders de vorig jaar eveneens ingevoerde Wet Normering Topinkomens proberen te omzeilen.

Uw en mijn belastingcenten moeten gaan naar goede zorg, naar excellent onderwijs, fijn wonen en goede tv-programma’s en niet naar over-de-topsalarissen aan de top. In de (semi-)publieke sector hoort het om dienen te gaan, niet om verdienen. Met de Wet Normering Topinkomens (de strengste in z’n soort in Europa) wordt geregeld dat het salaris van de hier aan de orde zijnde bestuurders niet meer mag bedragen dan dat van een minister, is hun ontslagvergoeding gemaximeerd op 75.000€ en wordt een eind gemaakt aan bonussen. Die leiden immers niet tot het beter besturen van een organisatie, wel tot perverse prikkels.

Dankzij die wet treedt er inmiddels bij de overheid zelf en bij de omroep, in het onderwijs, in de zorg en bij woningcorporaties bijvoorbeeld eigenlijk niemand meer in dienst met een hoger salaris. Voor tijdens inwerkingtreding van de wet al zittende bestuurders geldt een overgangsregime dat in een (geleidelijke) verlaging van het salaris naar de nieuwe fors lagere norm voorziet.

Toch komt het regelmatig voor dat wordt geprobeerd de wet te omzeilen, met schijnconstructies en andere trucs. Teken dat de wet pijn doet. Teken ook dat sommige bestuurders en hun toch nog veelal uit hetzelfde ‘old-boysnetwork’ afkomstige toezichthouders hun tijd (en onze centen) liever besteden aan het via sluipweggetjes alsnog ophogen van hun salaris dan aan waar ze eigenlijk voor zijn aangesteld.

Uiteraard voorziet de wet in toezicht en handhaving. En dat leidt dan ook meer dan eens tot het terugdraaien van te hoge salarissen. Maar: men is inventief en creatief. Op zich twee mooie competenties waar in de (semi-)publieke sector zeker behoefte aan is, maar dan toch net even anders. Zo tuigde netwerkbeheerder Alliander (dat ervoor moet zorgen dat bij u en mij het licht aangaat als we de lamp aandoen) ineens een holding op en stopte daar z’n bestuurders in. Prettige, en uiteraard volstrekt toevallige, bijkomstigheid: die holding valt niet onder de Wet Normering Topinkomens en heeft dus ook niks te maken met de daarin genoemde maximumsalarissen. Waardoor je met dik vier ton per jaar naar huis kunt blijven gaan. Of neem de directeur van Omroep West, dat zich geconfronteerd ziet met forse bezuinigingen en daardoor afscheid heeft moeten nemen van een deel van haar mensen.

Onder druk van wet, publieke opinie en Kamervragen die ik erover stelde werd de bonus van betrokkene dik een jaar geleden geschrapt. Naar vorige week bleek, gebeurde dat echter onder het gelijktijdig fors ophogen van z’n vaste salaris (dat al boven de nieuwe norm lag). Dus een tot willekeur en korte termijnfocus uitnodigende ‘prestatiebonus’ werd simpelweg ingeruild voor een automatisch te ontvangen extra 1000 euro. Per maand. En wat te denken van de bestuurders van twee gelieerde ziekenhuizen die 0,7 dienstverband bij het ene en 0,8 dienstverband bij het andere ziekenhuis hadden en zo dus 1,5 maal het maximumsalaris ontvingen. Voor een werkweek van 7,5 dag tenslotte. Terwijl een week toch echt maar zeven dagen telt.

Daar moet wat mij betreft een eind aan komen. En snel. Tijd dus voor een ‘Wet Aanpak Schijnconstructies II’. Nu niet om onderbetaling van mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt (en daarmee tegelijk het niet meer aan de bak komen van hun daardoor ‘te dure’ collega’s) aan te pakken, maar óverbetaling aan de bovenkant. Omdat het bij de overheid en in de semipublieke sector zoals gezegd om dienen moet gaan, niet om verdienen. Omdat er bij de overheid en in de publieke sector zat uitdagingen liggen die méér tijd, meer aandacht en meer geld verdienen dan het hele bestuursvergaderingen wijden aan het proberen een wet te omzeilen.

Een oproep dus aan het kabinet, en uiteraard ook aan al die bestuurders en toezichthouders die zich aangesproken (zouden moeten) voelen. Maak er snel werk van. Anders doe ik het. Namens al die mensen die het ook zat zijn.