Wereldbank moet meer gaan investeren in allerarmsten

Wereldbank moet meer gaan investeren in allerarmsten

Door Marit Maij op 12 april 2013 Delen  

De Partij van de Arbeid wil dat de Wereldbank zich meer gaat richten op de allerarmste landen in de wereld. Nu gaat er nog meer geld naar middeninkomenslanden en de opkomende economieën. Ik vind dat deze landen stabiel en rijk genoeg zijn om zelf grotere verantwoording te nemen in armoedebestrijding. Minister Ploumen heeft toegezegd dat ze zich hiervoor gaat inzetten in Washington.

Het geld dat daardoor beschikbaar komt moet worden ingezet in de allerarmsten landen die blijven terugvallen in de vicieuze cirkel van geweld, rechteloosheid, corruptie en armoede.

De minister zal deze maand de voorjaarsvergadering van de Wereldbank in Washington bijwonen. Ter voorbereiding op deze vergadering sprak de minister donderdagochtend met de Tweede Kamer.Ons voorstel betekent niet dat de Wereldbank moet vertrekken uit de opkomende economieën. De Bank kan daar assisteren bij het optuigen van sociale vangnetten voor de onderkant van de samenleving of helpen met de verbetering van fiscale structuren en belastinginning. Op deze manier kunnen deze landen hun nieuwe welvaart eerlijker verdelen.

Tijdens het overleg heb ik, samen met de collega’s van GroenLinks en D66, er ook bij de minister op aangedrongen kritisch te blijven ten aanzien van de mogelijke betrokkenheid van de Wereldbank bij landroof in ontwikkelingslanden. Ze zal dit aankaarten in Washington en heeft ook toegezegd binnenkort de Tweede Kamer hierover verder te informeren. Ook omdat niet alleen de Wereldbank investeert in grootschalige landbouw-, bosbouw- of grondstoffenprojecten. Het mag natuurlijk niet zo zijn dat de Wereldbank, die zichzelf als doel stelt om binnen één generatie extreme armoede vrijwel geheel uit te bannen, bedrijven financiert die land roven van kleine boeren en gemeenschappen in ontwikkelingslanden. Daardoor wordt armoede juist vergroot in plaats van verminderd.

Tenslotte hebben we ook gesproken over de Nederlandse samenwerking met de Wereldbank. Ik vind het belangrijk dat de minister hier een lange termijn visie op geeft. Nederland draagt jaarlijks meer dan 500 miljoen euro bij aan de Wereldbank en is hiermee een belangrijke speler binnen de organisatie. Ruim een derde van de Nederlandse bijdrage is bestemd voor IDA (International Development Association), het Wereldbank-loket voor de armste landen. Dit fonds moet, zoals gezegd, volgens de PvdA groter worden.

Ook moet Nederland zijn invloed beter inzetten om ervoor te zorgen dat de Wereldbank haar beleid nog meer richt op de onderwerpen die voor Nederland belangrijk zijn, namelijk armoedebestrijding, vrouwenrechten, milieuaspecten en anti-corruptiebeleid. De Bank heeft hierin al belangrijke stappen genomen en zet nu bijvoorbeeld scherper in op armoedebestrijding in fragiele staten en post-conflict situaties.

De minister heeft toegezegd dat ze er tijdens de aankomende voorjaarsvergadering op aan zal dringen dat de Wereldbank deze positieve ontwikkeling met ambitie voortzet. Ook zal zij in aanloop naar de volgende vergadering de kamer informeren over haar visie op de Wereldbank op de middellange termijn. Nederland zal niet alleen de agenda van de Wereldbank kritisch volgen, maar deze ook meer gaan sturen.

Delen:

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma