Week van Wajong en WSW

Week van Wajong en WSW

Door John Kerstens op 22 november 2012 Delen  

Deze week staat in het teken van Wajong en de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW). Ik heb veel contact met mensen die onder begeleiding werken, mensen die in de sociale werkvoorziening werken en met Wajongeren: jonggehandicapten. Ik vraag deze week extra aandacht voor deze mensen, onder andere door Kamervragen te stellen.

Samen met collega Albert de Vries trapte ik maandag de week van WSW en Wajong af in Zeeland. In goede gesprekken met wethouders, directies, ondernemingsraden en vooral ook met de mensen op de werkvloer zelf heb ik gesproken over de Participatiewet. De PvdA zet zich in voor een fatsoenlijke invulling van deze wet. Anders dan zijn voorganger, de Wet Werken naar Vermogen, moet deze ervoor zorgen dat werkgevers mensen met een beperking straks wel echt in dienst nemen. Op deze manier kunnen ook zij meedoen op de arbeidsmarkt en in de samenleving. Ik heb de staatssecretaris gevraagd hierin het goede voorbeeld te geven.

Woensdag ontving ik een delegatie van Wajongers Centraal en vanochtend had ik een overleg met staatssecretaris Jetta Klijnsma. Daarin heeft zij mij toegezegd voor het einde van het jaar meer helderheid te scheppen over de hoofdlijnen van de Participatiewet. Tevens maakte de staatssecretaris een eind aan de indianenverhalen dat het salaris van de mensen die nu onder de WSW vallen zou worden verlaagd.

Ik vind het van groot belang dat iedereen constructief meedenkt en meewerkt aan een fatsoenlijke invulling van de nieuwe wet. Daar zijn de mensen waar het allemaal om gaat meer bij gebaat, dan bij het vanaf de zijlijn klagen dat het allemaal niet fantastisch is en anderen daar de schuld van geven.

Ten slotte heb ik deze week twee keer schriftelijke vragen aan het kabinet gesteld (zie hieronder). Ten eerste over de misstanden bij het sw-bedrijf in Schiedam waar mensen door hun leidinggevenden werden geïntimideerd en gekleineerd. Onaanvaardbaar wat mij betreft! Ten tweede heb ik vragen gesteld over dat vrouwelijke Wajongeren veel minder kans hebben op een baan lijken te hebben dan mannelijke. Ook dit vind ik een slechte zaak.

Deze week vraag ik extra aandacht voor de WSW en Wajong, maar uiteraard zet ik mij ook de volgende weken weer met hart en ziel in voor al deze mensen! Ik blijf vechten voor al die mensen die vooruit willen komen in het leven, maar daar net even wat extra hulp bij nodig hebben.

Lees hier mijn Kamervragen aan de staatssecretaris van SZW over het bericht over misstanden bij de sociale werkplaats in Schiedam.

1. Heeft u kennis genomen van het artikel ‘Beerput sociale werkplaats geopend: werknemers getreiterd’ in het Algemeen Dagblad van 16 november jongstleden?

2. Bent u (ook) geschrokken van het in bedoeld artikel omschreven klaarblijkelijk stelselmatig treiteren en kleineren van mensen die vaak minder weerbaar zijn dan andere werknemers? Wat vindt u van dergelijk gedrag?

3. Heeft u de indruk dat in sociale werkplaatsen in dit opzicht sprake is van een (mogelijk) structureel probleem? Zo ja, welke rol ziet u voor u zelf weggelegd in het aanpakken daarvan? Zo nee, bent u dan bereid onderzoek te verrichten naar dergelijk (wan)gedrag dan wel cao-partijen te verzoeken in overweging te nemen tijdens hun momenteel plaatsvindende onderhandelingen aandacht aan een en ander te besteden?

4. Bent u, mede tegen de achtergrond van het uit de afspraken in het regeerakkoord voortvloeiende extra aan de slag gaan van mensen met een beperking in het reguliere bedrijfsleven, voornemens (extra) aandacht te besteden aan de bejegening van mensen met een beperking door collega’s en leidinggevenden? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?

Lees hier mijn Kamervragen aan de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het feit dat mannelijke Wajongers vaker een baan vinden dan vrouwelijke:

1. Kent u het bericht ‘Wajong én vrouw zijn is dubbele pech’?

2. Bent u op de hoogte van de inhoud van het rapport ‘Wat werkt bij Wajongers’ van onderzoeker Anja Holwerda van het Universitair Medisch Centrum Groningen in samenwerking met het UWV?

3. Hoe beoordeelt u de conclusie dat de medische diagnose veel minder zwaar meetelt voor het vinden van een baan, maar dat de ouders en de eigen motivatie van de Wajongeren de doorslag geven?

4. Deelt u de mening van de PvdA-fractie dat het voor alle Wajongeren die kunnen werken, het ook wenselijk is om aan het werk te komen? Zo nee, waarom niet?

5. Deelt u de mening van de PvdA-fractie dat het wenselijk is dat de omgeving van een Wajongere hen stimuleert aan het werk te gaan, voor zover de gezondheid dat toelaat? Zo ja, op welke manier kan dit verbeterd worden? Zo nee, waarom niet?

6. Op welke manier besteedt het UWV aandacht aan ‘het zelfbeeld’ van Wajongeren op het terrein van arbeidsmarktkansen?

7. Op welke manier betrekt het UWV de ouders en de school van de Wajongeren bij de begeleiding naar de arbeidsmarkt?

8. Welke rol kan het UWV spelen bij vergroting van het aantal vrouwelijke Wajongers op de arbeidsmarkt?

9. Bent u bereid met het UWV in overleg te treden over intensivering van het begeleiden van met name vrouwelijke Wajongeren naar de arbeidsmarkt? Zo nee, waarom niet?