Uit het plakboek van Lo Casteleijn, persoonlijk assistent Joop den Uyl 1977-1981

Uit het plakboek van Lo Casteleijn, persoonlijk assistent Joop den Uyl 1977-1981

Door Plakboek PvdA op 21 september 2012 Delen  

‘De periode van begin 1976 tot begin 1982 is een zeer interessante periode uit mijn werkzame leven geweest’, vertelt Casteleijn. ‘Toen werkte ik als medewerker van de Tweede Kamerfractie in Den Haag. Eerst als beleidsmedewerker met de portefeuilles Buitenlandse Zaken en Defensie, tot in 1977 de roemruchte formatie mislukte en de minister-president Joop den Uyl terugkeerde in de Tweede Kamer en verder moest als fractievoorzitter. Dat was het moment dat ik gevraagd werd om zijn persoonlijke medewerker te worden.’

‘Het was een hele interessante en leerzame periode. Den Uyl was uiteraard na de mislukte formatie een teleurgesteld man, maar hij moest wel leiding geven aan de grootste fractie (53 zetels) in de Tweede Kamer. Daarnaast wist hij dat het kabinet Van Agt-Wiegel slechts op een kleine meerderheid in de Kamer kon rekenen en dat dit kabinet in principe ieder moment kon vallen. Dat betekende dan ook dat je altijd rekening moest houden met verkiezingen.

Dit was ook de tijd dat mede op initiatief van Ed van Thijn nieuwe campagnetechnieken voor het eerst werden uitgeprobeerd. Zo begonnen we in die tijd bijvoorbeeld met de verspreiding op grote schaal van de laatste dag folder. Die werd voor het eerst gemaakt toen Den Uyl nog minister-president was. Daarnaast begonnen we ook echt met canvassen en trokken we georganiseerd het land in. Nou moet je bij het woord ‘georganiseerd’ niet gelijk denken aan hoe het nu gaat. In tegenstelling tot nu, kon de fractievoorzitter van de PvdA geen gebruik maken van een auto met chauffeur. Dat betekende dat Den Uyl en ikzelf om en om achter het stuur moesten kruipen. Je kunt je voorstellen hoe vermoeiend dat was.

En dan kwam je ergens in het land en dan gingen we langs de deuren om kiezers te overtuigen om op de partij te stemmen. Den Uyl moest vreselijk aan dat canvassen wennen, maar hij deed het wel. Ik weet niet of hij het ook leuk vond, maar kenmerkend voor Den Uyl was zijn enorme inzet en werkkracht. Je kon nooit merken als hij ergens geen zin in had, of als hij twijfelde aan het nut van zijn bezoek Hij was een echte doorzetter. En dan stond hij met zijn kenmerkende regenjas onwennig op een markt met een flyer of met rozen. Maar hij leefde helemaal op als hij een discussie met iemand kon aangaan. Als hij met iemand over zijn visie op de politiek kon praten. Dan was Den Uyl ook op zijn best.

Gedurende deze campagnes in het land hadden we behoorlijk veel lol. Zo had Marcel van Dam de gewoonte om tegen obers te vertellen dat er iemand uit het gezelschap jarig was. Hij hoopte dan altijd dat ze opeens met een bloemetje of iets anders zouden komen aanzetten. Wij hebben het een keer bij hem geflikt toen we de afdeling Hoogeveen bezochten. ‘s Middags hadden we tegen de afdelingsvoorzitter gezegd dat het vandaag de verjaardag was van Van Dam. Maar er gebeurde niets. Totdat we ’s avonds in de Tamboer zaten en hij opeens door 700 man werd toegezongen en door iedereen werd gefeliciteerd. Van Dam pakte het sportief op en speelde zijn verjaardag gewoon mee, maar hij heeft de grap niet vaak meer herhaald.

Maar het was natuurlijk niet altijd leuk en gezellig. Het was de periode van de polarisatie. Er waren grote verschillen tussen de partijen en deze werden breed uitgemeten. Het positieve hiervan was dat de kiezer een goede duidelijke inhoudelijk keuze kon maken. Maar het zorgde ook voor een felle toon in het debat en dit was de periode dat er ook voor het eerst in de partij werd opgeroepen om de ‘ononderhandelbare breekpunten’ te noemen. Journalisten vragen daar nu ook nog steeds om. Wat dat betreft is er niet veel veranderd met vandaag. Den Uyl was altijd huiverig voor het noemen van breekpunten. Hij was meer iemand die duidelijk wilde maken waar hij voor stond. Anderen riepen dan op om de radicale strijd aan te gaan, breekpunten te noemen, maar daar voelde hij zich niet bij op zijn gemak.

Als je nu naar de campagnes kijkt dan zie je natuurlijk dat er veel is veranderd. Sociale media bestonden nog niet, laat staan dat deze een rol hadden bij het bepalen van de winnaar van een debat. Debatten waren er vroeger natuurlijk ook, maar niet in die hoeveel als nu. Den Uyl zorgde er altijd voor dat hij op en top voorbereid was. Als er iemand goed voorbereid was en van de feiten op de hoogte was, dan was het Den Uyl wel.

Als ik nu Diederik Samsom zie debatteren dan moet ik wel eens denken aan Den Uyl. Net als Den Uyl had Samsom de neiging om in het begin vreselijk fel het debat in te gaan. En ook Den Uyl kon zich vreselijk opwinden, bijvoorbeeld over de ongelijke inkomensverdeling. Wiegel wist dat en probeerde hem dan uit zijn tent te lokken. Ik ben blij dat Samsom in de debatten zijn rust wat meer gevonden heeft en dat we de weg omhoog hebben gevonden.

Want ik steun de partij natuurlijk nog steeds. Wel ben ik kritisch over ons programma wat betreft het opnieuw grootschalig bezuinigen op defensie. Ik vind niet dat je op deze manier onze internationale verplichtingen serieus neemt. Defensie is geen speeltje van rechts. Kortom, op dat punt zal ik me nog wel eens roeren in de partij.’

Op 1 maart 2012 ontving Lodewijk (Lo) Casteleijn uit handen van de Duitse ambassadeur het Erekruis van de Bundeswehr in goud. Lo Casteleijn was tot zijn pensionering in 2011 algemeen directeur van de politieke afdeling van het Nederlandse ministerie van Defensie in Den Haag. Lo Casteleijn kreeg het erekruis voor zijn bijdrage aan de ontwikkeling van de voortreffelijke samenwerking tussen de strijdkrachten van Nederland en Duitsland. Casteleijn sloot in 2011 een lange carrière af bij Defensie en het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Delen:

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma