Tijd voor elkaar

Tijd voor elkaar

Tijd voor elkaar

Door Martijn van Dam op 3 oktober 2015 Delen  

Een goed leven, dat willen we allemaal. Wat echt van waarde is in het leven, is tijd hebben voor elkaar. Voor onze opgroeiende kinderen, onze ouder wordende ouders, voor onze vrienden die we veel te weinig zien. Daarover gaat mijn interview vandaag in het AD en de regionale kranten.

Toch lukt het ons amper om daar tijd voor vrij te maken, vooral als jonge ouders. Vooral vaders blijven fulltime werken, terwijl in onderzoek van afgelopen juni nog zes op de tien jonge vaders zeggen eigenlijk minder te willen werken. Waarom lukt het ons dan niet? Waarom blijven acht op de tien mannen volledige werkweken maken?

Veel mensen ervaren twee soorten barrières. Natuurlijk een financiële. Maar ook een culturele: het is op papier een recht om minder te gaan werken, maar in de praktijk is het in veel bedrijven nog altijd niet normaal. De politiek kan helpen. Als je een dag minder wil werken, moet je nog steeds een fatsoenlijk salaris kunnen verdienen. Op zijn minst een minimumloon in 36 uur, 4 dagen van 9 uur. Met een belastingkorting voor mensen met een niet zo hoog salaris, hou je netto meer over. En met een kostenvoordeel voor werkgevers gericht op banen met een lager inkomen, blijft het voor werkgevers ook betaalbaar.

Maar daarmee zijn we er niet. De kosten van kinderopvang vormen vaak een belemmering. Als je als minst werkende partner een dagje extra wil gaan werken, gaat er veel geld, soms wel twee- tot driehonderd euro, rechtstreeks naar de extra dag kinderopvang. Die drempel moeten we slechten. De kosten moeten fors omlaag, op termijn moet je nauwelijks nog kosten hoeven maken. Dat maakt het voor stellen veel makkelijker om allebei vier dagen te werken. En het is ook nog eens hartstikke goed voor de ontwikkeling van kinderen. En om het vaders vanaf het begin in staat te stellen om ook voor hun kinderen te zorgen, pleitte mijn collega Keklik Yücel deze week al voor een verruiming van het babyverlof tot op termijn zes maanden, waarvan twee voor de vader.

Wat ook goed is voor kinderen, is als ze tijdens hun basisschooltijd ook andere vaardigheden ontwikkelen. Op de arbeidsmarkt van 2035 helpt het als je sociaal bent, creatief, ondernemend en als je kunt omgaan met technologie en veranderingen. Een onmogelijke klus voor leraren tijdens de traditionele schooltijden. School en buitenschoolse opvang zouden daar beter in slagen als ze een geheel worden. En dat zou ouders enorm helpen. Niet dezelfde schooltijden als veertig jaar geleden, maar een flexibel begin en eind van de dag en daar tussenin als die belangrijke dingen leren die je de beste kans geven op een goede toekomst.

Met Prinsjesdag hebben we eerste stappen gezet: kinderopvang wordt volgend jaar goedkoper, babyverlof voor partners gaat van twee naar vijf dagen betaald en alle peuters kunnen naar de opvang, ook als niet allebei de ouders werken.

Meer tijd voor elkaar en kinderen de beste kans op een goede start in het leven bieden. Dat is waar ik het over wil hebben. Lees mijn interview vandaag in het AD en de regionale kranten (via Blendle) >

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma