St. Maarten verdient goed bestuur

St. Maarten verdient goed bestuur

Door Roelof van Laar op 12 november 2014 Delen  

De politiek op St. Maarten is corrupt, dat blijkt uit verschillende onderzoeken. Deze corruptie wordt aangepakt door de Rijksministerraad, en dat is terecht. Maar tegelijkertijd zie ik bij de politici op St. Maarten weinig aandrang om zelf schoon schip te maken. Dat moet afgelopen zijn. Als de politici op St. Maarten niet zelf hun verantwoordelijkheid nemen, wil ik dat de Rijksministerraad opnieuw ingrijpt.

Tijdens de behandeling van de begroting Koninkrijksrelaties, enkele weken geleden, sprak ik als enige uit dat de PvdA niet wil dat er een nieuwe regering komt die steunt op slechts 8 van de 15 zetels. Een regering waarvan de premier in rechtstreeks verband wordt gebracht met het kopen van stemmen en zetels. Daarvoor is in ons Koninkrijk geen plaats. Het is daarom goed nieuws dat er inmiddels op St. Maarten een regering met een breder draagvlak in de steigers staat. En dat door een besluit van de Rijksministerraad alle bewindspersonen gescreend worden, zodat zij van onbesproken gedrag zijn.

Toch maak ik mij ernstig zorgen. De politici van St. Maarten lijken geenszins van plan zelf een steentje bij te dragen om schoon schip te maken. Er is geen plan van aanpak, geen tijdpad. In brieven, moties, verklaringen en ronkende persberichten hebben de politici op St. Maarten hun pijlen gericht op de ware schuldige: de Nederlandse politiek. Alsof ‘Nederland’ het heeft gedaan. Alsof wij onze zakken vullen ten koste van de inwoners van St. Maarten. Alsof wij vergunningen verkopen aan de hoogste bieder. Alsof wij het havenbedrijf en de Centrale Bank gebruiken om geld te laten verdwijnen. Als ik de politici op St. Maarten moet geloven, zijn wij de oorzaak van alle ellende.

Ik kan niet anders dan de kant kiezen van de bevolking van St. Maarten. Zij verdienen goed bestuur en goede bestuurders. Een nieuwe aanwijzing van minister Plasterk, waarmee de politici op St. Maarten worden gedwongen corruptie en fraude aan te pakken, zal ik dan ook absoluut steunen. Daarbij moet ook iets gebeuren aan de omgangsvormen binnen ons Koninkrijk. We moeten zoeken naar wat ons verbindt en naar verbindende krachten. We staan meer en meer tegenover elkaar. Dat is logisch, gezien de ontwikkelingen, maar we moeten ook weer vinden waar we gezamenlijk voor staan. Een gezamenlijk plan voor kinderrechten. Een gezamenlijk plan voor duurzaamheid. Een gezamenlijk plan voor economische vooruitgang. De aanwijzingen van de Rijksministerraad zijn terecht en nodig, maar echte vooruitgang boeken we pas als we samen gaan werken.

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma