Ik stel me kandidaat voor de Tweede Kamer

Ik stel me kandidaat voor de Tweede Kamer

Door Ronald Plasterk op 10 maart 2010 Delen  

Ik heb partijleider
Wouter
Bos
deze week laten weten dat ik een plaats ambieer op de kandidatenlijst
voor de Tweede-Kamerverkiezingen op 9 juni. Mijn eerste intuïtie na de val van
het kabinet was: ik wil door. Maar eerst heb ik mensen gesproken die na een
kabinetsperiode de Kamer zijn ingegaan, licht ik in
een
interview met de Volkskrant
toe. Sommigen is dat meegevallen, anderen viel
het zwaarder. Ik heb een redelijk beeld gekregen.

Vreest u niet vier jaar knarsetandend oppositie te moeten
voeren?

‘Eigenlijk vind ik dat een rare vraag. Het is mijn ambitie zeker nog vijftien
jaar actief te blijven in de landelijke politiek. Daar zullen heus ook perioden
bij zijn dat de PvdA niet in de regering zit.’

Kamerlid zijn is anders wél iets anders.
‘Natuurlijk, maar ik heb drie jaar geleden na 25 jaar mijn wetenschappelijke
carrière opgegeven voor een prominente rol in de landspolitiek. De kiezer mag
bepalen welke rol dat nu wordt: in de oppositie of in een regeringspartij. Ik
heb zin in de verkiezingscampagne. Ik ben benieuwd hoeveel zetels de PvdA haalt
en hoeveel voorkeurstemmen ik krijg.’

Liefst wordt u weer minister?

‘Als de PvdA weer in de regering komt, en ik acht dat goed denkbaar, ben ik
daar absoluut voor in; de rol van minister beviel me goed. Liefst zou ik dan
weer Onderwijs, Cultuur en Wetenschap doen. Ik heb veel niet kunnen afmaken.’

Wat wilt u als Kamerlid doen?
‘Het is ongebruikelijk dat een oud-bewindspersoon zijn oude portefeuille houdt
als Kamerlid. Je moet niet je opvolger of je ambtenaren bestrijden. Ik ben een
generalist. Financiën, buitenlandse zaken, milieu, volksgezondheid: het is
allemaal core business voor de sociaal-democraten.’

Wat is uw gedroomde coalitie?
‘Ik wil geen potje stratego spelen. De PvdA sluit geen enkele partij uit,
behalve de PVV. Het is volgens mij realistisch dat de PvdA de grootste wordt.
Als wij in de oppositie komen, dan hebben we ofwel een kabinet met een
merkwaardige samenstelling, ofwel een heel rechts kabinet. Dat moet de kiezer
zich goed realiseren.’

Nu gaat u het land in om campagne te voeren, maar u heeft geen
dienstwagen met chauffeur meer en zelfs geen eigen auto.

‘Ik heb ook geen auto gekocht, wel een ov-kortingskaart. Er zijn vast mensen die
me van het station willen halen. Dertig jaar geleden, na de val van het
kabinet-Den Uyl, heb trouwens nog eens een dagje Marcel van Dam rondgereden met
mijn Lelijke Eend. Misschien doet ook wel iemand dat voor mij.’

Bart Dirks

Delen: