PvdA kiest voor internationale solidariteit

PvdA kiest voor internationale solidariteit

Door Kirsten Meijer op 7 augustus 2012 Delen  

Internationale samenwerking is een politieke keuze. Een keuze die de Partij van de Arbeid hartstochtelijk maakt, zoals je ook kunt lezen in het verkiezingsprogramma dat werd aangenomen op het PvdA-congres. Bij een politieke keuze hoort geld om de plannen uit te voeren. Daarom houdt de PvdA vast aan de internationale afspraak om 0,7 procent van het bruto nationaal product te besteden aan internationale samenwerking. Ook heeft het PvdA-congres besloten dat het percentage weer omhoog gaat naar 0,8 procent, zodra er in Nederland weer sprake is van begrotingsevenwicht. Dat is financieel verantwoord, maar vooral ook sociaal.

De VVD kwam afgelopen maand met plannen om 3 miljard op het budget voor ontwikkelingssamenwerking te bezuinigen. Dat staat gelijk aan 70% van het budget. De wereld veiliger en beter maken gaat niet vanzelf. Natuurlijk zijn handel en economische groei de motor van ontwikkeling en bedrijven spelen daarbij een cruciale rol. Daarom staat in ons verkiezingsprogramma ook daar meer aandacht aan moet worden besteed. Maar lost dat vanzelf ook de aids problematiek op? Draagt dat zomaar bij aan het bestrijden van kinderarbeid? Wordt daardoor spontaan rekening gehouden met de natuur? Ik weet wel zeker van niet. En dat is voor mij reden genoeg om de belangen van de 1 miljard allerarmste wereldburgers niet over te willen laten aan de VVD.

De VVD, bij monde van minister Rosenthal, stelt het eigenbelang van Nederland voorop. Hoewel het mooi meegenomen is als er een win-win situatie is, gaat internationale samenwerking wat mij betreft om meer. Het gaat ook om internationale solidariteit, het idee dat je andere mensen niet aan hun lot overlaat, ook als ze ver weg wonen. Simpelweg omdat iedereen recht heeft op een veilig en menswaardig bestaan.

Daar is niet alleen een actief Nederlands bedrijfsleven voor nodig dat durft te investeren in moeilijke landen, maar ook een actieve overheid en een sterk maatschappelijk middenveld. Hier, maar vooral ook in de landen waar het om gaat. Door nu 3 miljard te korten wordt niet eens meer aan de stoelpoten van 50 jaar ontwikkelingssamenwerking gezaagd. Daarmee wordt de stoel in een keer bij het vuilnis gegooid.

Wie dan zegt dat dat niet erg is, omdat er toch geen resultaten worden geboekt verwijs ik graag naar de evaluaties van bijvoorbeeld de Verenigde Naties. Voor de liefhebbers hier een selectie van wapenfeiten, met dank aan #jekrijgtwatjegeeft:

– Aantal kinderen dat NIET naar school gaat is gedaald van 106 miljoen naar 67 miljoen tussen 1999 en 2009. Onder wie 32 miljoen kinderen in Afrika.
– Aantal kinderen dat sterft voor de vijfde verjaardag is verminderd van 89 naar 60 op de 1000 tussen 1990 en 2009. Dat betekent dat elke dag 12 duizend minder kinderen sterven.
– Het aantal vrouwen dat sterft door complicaties tijdens zwangerschap en bevalling is met 34% afgenomen tussen 1990-2009, van 440 naar 290 op de 100.000.
– Tussen 2001 en 2009 is het aantal nieuwe besmettingen met HIV/AIDs met 25% teruggebracht. (nb het aantal mensen met HIV aids bleef toenemen)
– Het aantal sterfgevallen als gevolg van malaria is teruggebracht met 20 procent tussen 2000-2009.

Kortom, er is veel bereikt. De PvdA is daar trots op. Miljoenen mensen hebben toegang gekregen tot onderwijs, gezondheidszorg, schoon drinkwater en sanitaire voorzieningen. Als het aan de PvdA ligt blijft Nederland zich hier in de toekomst internationaal onverminderd voor inzetten.

Delen: