Peuterspeelzaal goedkoper voor kinderen met taalachterstand

Peuterspeelzaal goedkoper voor kinderen met taalachterstand

Door Sharon Dijksma op 21 augustus 2009 Delen  

Elk kind moet met gelijke kansen aan de basisschool beginnen. Mijn streven is
om geen enkel kind met een achterstand aan de basisschool te laten beginnen.
Daarom stel ik twintig miljoen euro beschikbaar om de peuterspeelzaal goedkoper
te maken voor peuters met een taalachterstand.

Voor kinderen met een taalachterstand wordt de peuterspeelzaal flink
goedkoper. De ouderbijdrage komt door de investeringen op gemiddeld 105 euro per
jaar, nu is dat nog 645 euro. Met deze maatregel hoop ik voor de kinderen die
voorschoolse educatie het hardste nodig hebben, de belangrijkste drempel weg te
nemen.

Te veel kinderen beginnen de basisschool met een achterstand. Deze
achterstand halen ze in veel gevallen hun hele schoolloopbaan niet meer in.
Gericht spelen en leren zorgt ervoor dat ze een betere uitgangspositie hebben op
het moment dat ze aan de basisschool beginnen. Uit onderzoek blijkt dat de
financiële bijdrage voor ouders de belangrijkste reden is om hun kinderen niet
deel te laten nemen aan voorschoolse educatie.

Kinderen kunnen zowel op de kinderopvang als op de peuterspeelzaal hun
achterstand inlopen. Door de inkomensafhankelijke toeslag is voorschoolse
educatie al betaalbaar voor de ouders die in aanmerking komen voor de
kinderopvangtoeslag. De ouders die daar niet voor in aanmerking komen, kunnen
met hun kind naar de peuterspeelzaal. Ik verwacht veel resultaat van de
maatregel.

Nederlands Dagblad

In een interview in het Nederlands Dagblad licht ik de de maatregel toe.
Hieronder het interview, overgenomen van het Nederlands Dagblad:

Wie zijn die 40.000 kinderen met een taalachterstand?
‘De groep is heel divers. Het zijn zeker niet allemaal allochtonen, zoals
weleens wordt gedacht. Je vindt deze kinderen in de Randstad, maar ook in
Oost-Groningen of Zuid-Limburg. Twee dingen hebben ze vaak gemeen: het
opleidingsniveau van de ouders is laag en thuis is er armoede. Zonder
begeleiding komen zij op de basisschool met een achterstand van soms wel twee
jaar. Die halen ze later nooit meer in.’

En wat gaat u daar aan doen?
‘We willen ze bijspijkeren met taallessen op kinderdagverblijven en
peuterspeelzalen. Elk kind met een achterstand moet kunnen deelnemen aan vroegen
voorschoolse educatie, ofwel vve. Op het consultatiebureau kijken jeugdartsen
welke kinderen ervoor in aanmerking komen. Zij geven ouders het advies hun kind
door te sturen.’

De schoolbanken in?
‘Er bestaat een verkeerd beeld van de vve. Mensen zien al snel een arme peuter
met een rugzakje en schriftjes voor zich die wordt klaargestoomd voor zijn
eerste toets. Zo gaat het helemaal niet. Kinderen spelen graag, dus leren ze
spelenderwijs. Leidsters zingen liedjes met ze, lezen ze voor of spelen
winkeltje. Dat gaat op een manier van ‘mag ik van jou een komkommer’. Zo leren
ze, zonder dat ze het door hebben, vanzelf de groentenamen kennen. En ze vinden
het fantastisch, sommigen zijn door hun ouders nog nooit voorgelezen.’

Kunnen die leidsters dat wel aan?
‘We stellen kwaliteitseisen. Van de kinderen met een achterstand komt tachtig
procent op een peuterspeelzaal terecht. Sommige zalen kunnen en moeten
professioneler worden. In delen van het land draaien die nog altijd uitsluitend
op vrijwilligers. Dat is op zich prachtig en dat willen we ook niet gaan
verbieden. Maar we eisen wel dat er straks per zestien kinderen met een
achterstand zeker twee gediplomeerde sociaalpedagogen zijn.’

Uw ambitie is om al die 40.000 kinderen naar de vve te krijgen. Maar u
kunt ouders toch niet dwingen?

‘De mensen die je het liefst wilt bereiken, zijn het moeilijkst bereikbaar. Uit
onderzoek blijkt dat veel ouders de eigen bijdrage voor de vve op
peuterspeelzalen te hoog vinden. Daarom trekken we twintig miljoen euro uit om
het gemiddelde bedrag te verlagen van 645 naar 105 euro. Dat is vergelijkbaar
met de hoogte van de eigen bijdrage die de laagste inkomens mét
kinderopvangtoeslag betalen voor vve op het kinderdagverblijf.’

Waarom maakt u de vve niet gratis?
‘In sommige plaatsen gebeurt dat ook. Gemeenten steken jaarlijks 200 miljoen
euro in de peuterspeelzalen, wij doen er nu zestig miljoen euro bij. De afspraak
is dat het gemeentebudget voor het peuterspeelzaalwerk op peil blijft. Gemeenten
kunnen dus zelf die laatste 105 euro bijpassen.’

Toch lijkt zestig miljoen euro extra niet veel voor zo’n ambitieus plan.

‘Op 200 miljoen is dat wel heel veel. Bovendien is het effect van deze maatregel
groot. Van elke euro die je erin stopt, haal je er zeven weer uit. Je zorgt dat
achterstandskinderen later toch op eigen benen kunnen staan. En het komt de
kwaliteit van het onderwijs ook nog eens ten goede. De meester kan straks zijn
aandacht beter over alle kinderen verdelen, in plaats van dat een paar
achterblijvers veel tijd nodig hebben.’

Bron en meer info: Ministerie Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, Nederlands
Dagblad