Twijfels over nieuw ‘toezichtmoloch’

Twijfels over nieuw ‘toezichtmoloch’

Door Martijn van Dam op 14 maart 2011 Delen  

Minister Verhagen van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie wil de drie toezichthouders NMa, Opta en Consumentenautoriteit samenvoegen. Dat is onverstandig, omdat hij voorsorteert op minder sectorspecifiek toezicht en onvoldoende oog heeft voor ingrijpen op de markt voor internet, telecom en media. Dat betogen mijn fractiegenoot Sharon Dijksma en ik vandaag in een opiniestuk in het FD.

Bij de liberalisering van de telecommarkt kreeg de Opta bevoegdheden om de markt concurrerender te maken, zonder dat sprake hoeft te zijn van misbruik van een economische machtspositie. In die zin wijkt de Opta af van de NMa, die slechts achteraf maatregelen mag nemen.

Na de herziening van de Europese telecommunicatierichtlijnen is het sectorspecifieke toezicht ingekaderd binnen de spelregels voor het algemeen mededingingsrecht. Zo kan de Opta pas maatregelen nemen als een bedrijf een ‘aanmerkelijke marktmacht’ bezit, wat in de praktijk neerkomt op een groot marktaandeel, en er geen verbetering in de nabije toekomst wordt voorzien. Die aanscherping leidt ertoe dat de Opta nog altijd niet in staat is de tv-kabel open te stellen voor concurrenten. De verwachting is dat de nodige vernieuwing van de vaste netwerken voor ultrasnel breedband op veel plekken zal leiden tot nog minder concurrentie.

Een fusie schuift taken in elkaar. De nieuwe toezichthouder moet afwegingen maken tussen generiek toezicht, specifieke taken ter bescherming van de consument, sectorspecifiek toezicht op de energiemarkt en sectorspecifiek toezicht op de telecommarkt. De kans is groot dat consumentenbescherming en sectorspecifiek toezicht – de kleinere taken vergeleken met het takenpakket van de huidige NMa – het onderspit delven.

De vraag is of dat past bij de ontwikkeling van de markt. Minister Verhagen kan dat opvangen door het sectorspecifiek toezicht binnen de nieuwe organisatie een eigen budget en eigen beslisbevoegdheid te geven, waarmee de Opta in feite een beschermde positie krijgt binnen de nieuwe NMa. Maar dat verhoudt zich niet echt tot de fusiegedachte.

Er is nog een reden waarom wij aan deze fusie twijfelen. De telecommarkt is volop in beweging met een paar zeer grote spelers voor vaste en mobiele netwerkverbindingen. De concurrentiestrategie draait vooral om de convergentie tussen netwerk en diensten of inhoud. Samenvoeging van de Opta met het Commissariaat voor de Media, (een deel van) het Agentschap Telecom en het College van Toezicht Auteursrecht is een logische stap om de convergerende markten onder één toezichthouder te brengen.

Groot-Brittannië ging ons voor met de oprichting van Ofcom. Een lezenswaardig rapport van Rand Europe (2009) besprak de verschillende mogelijkheden om het toezicht op deze convergerende markten goed in te richten. Vorige week pleitte ook het Centraal Planbureau voor een Nederlandse Ofcom. In de vorige kabinetsperiode liep dat stuk op de weigerachtigheid van het ministerie van OCW dat de ‘eigen’ toezichthouder wilde behouden.

Minister Verhagen lijkt die strijd niet opnieuw aan te willen en beperkt zich tot fusie van toezichthouders die onder zijn ministerie vallen. De noodzakelijke convergentie van het toezicht op de markt voor telecom, internet en media is daarmee voorlopig van de baan, met het grote risico dat het sectorspecifiek toezicht op de telecommarkt, net als de gerichte consumentenbescherming, een ondergeschoven kindje wordt in de nieuwe toezichtmoloch.

Dat pad moet minister Verhagen niet opgaan. Als hij dat toch doet, moet hij het sectorspecifiek toezicht met eigen budget en eigen beslisbevoegdheid veiligstellen. Maar veel beter kan hij de ambitie richten op wat werkelijk nodig is: de toezichthouders op de markt voor internet, telecom en media samenvoegen.

Dit artikel stond op 14 maart op de opiniepagina van het FD.