Mijn eerste 100 dagen als Kamerlid

Mijn eerste 100 dagen als Kamerlid

Door Loes Ypma op 29 december 2012 Delen  

Het is zover; de eerste 100 dagen zitten erop! Na de achtbaan van de campagne en verkiezingen ben ik één van de 38 PvdA Tweede Kamerleden. En het is geweldig, ik ga iedere dag met veel plezier naar Den Haag. De eerste dagen liep ik door de lange gangen van het parlementsgebouw en realiseerde me dat ik samen met 149 andere Kamerleden alle Nederlanders vertegenwoordig. Een zware verantwoordelijkheid op een pittig moment. Als er geld genoeg is, is het leuk om in de politiek te zitten. Maar als er heel zwaar bezuinigd moet worden is het nog belangrijker.

Tijdens de campagne konden wij als nieuwe Kamerleden oefenen met debatteren over de heel uiteenlopende onderwerpen; van milieu , onderwijs, verkeer en Europa tot de economie, de verzorgingsstaat de arbeids- en de woningmarkt en het verkeer. Mijn eerste debat was met 5 mannelijke kandidaat Kamerleden (onder andere Tofik Dibi). De heren hakten behoorlijk op elkaar en mij in. Ik voelde me echt een provinciaal wethoudertje die gewend was dat mensen elkaar laten uitspreken. 14 debatten, 20 afdelingsbezoeken, vele interviews, zeker 1000 rozen en nog veel meer gesprekken later was het 12 september, verkiezingsdag. De uitslag in Paradiso was overweldigend; 38 zetels!!! We konden aan de slag met een team van mensen die er allemaal veel zin in hadden. Dat ik van maar liefst 2569 mensen uit heel Nederland een persoonlijk vertrouwen kreeg maakte het extra bijzonder.

De eerste weken stonden voor de partijtop in het teken van de onderhandelingen over het regeerakkoord. Het beoordelen van het eindresultaat was een indrukwekkend hoogtepunt in deze eerste 100 dagen. Tussen 7 en 9 werden we met een ontbijtje ontvangen in de fractiekamer en lazen we in stilte het regeerakkoord. We konden tijdens de formatie meedenken en formatiedossiers vullen met suggesties voor het regeerakkoord op onze kennisgebieden, maar kenden het totaalplaatje nog niet. Ik las een prachtig resultaat op mijn onderwerpen (zoals geen eigen bijdrage jeugdzorg meer) en zelfs een aantal zaken die letterlijk uit mijn suggesties zijn overgenomen. Maar het totaal was natuurlijk wel even slikken. Na maandenlang ons eigen verkiezingsprogramma uitdragen was dit toch een akkoord van twee partijen. Ik ben met veel mensen en afdelingen in gesprek gegaan over de enorm grote opgave voordit kabinet; 46 miljard structureel bezuinigingen; dat zal werkelijk iedereen voelen, hier moeten we doorheen met elkaar. Maar het totaalpakket is evenwichtig en het wordt een periode van hervormingen op zowel de arbeidsmarkt, de woningmarkt als de verzorgingsstaat. We brengen de economie weer op orde, pakken banken en bonussen aan, verdelen de rekening van de crisis eerlijk en voorkomen de volgende crisis. Voor het eerst in dertig jaar tijd gaan de lagere inkomens erop vooruit, we blijven de publieke sector goed houden en maken vooruitgang mogelijk op bijvoorbeeld het gebied van onderwijs en duurzame technologie.

In de fractie werden de portefeuilles verdeeld en leerden we elkaar goed kennen tijdens het fractieweekend. Hier was tijd voor inhoudelijke verdieping, maar ook voor ontspanning; raften in de branding van de zee was super! ‘s Avonds kwamen alle verhalen en achtergronden van de collega’s aan bod. Alle verschillende talenten komen goed tot hun recht met de vele onderwerpen waar we onze tanden in kunnen gaan zetten! Ik mag me over de volle breedte bezig houden met de jeugd; jeugdzorg, passend onderwijs, speciaal onderwijs en het reguliere primair onderwijs. De eerste 100 dagen heb ik vooral gebruikt om heel veel mensen te spreken uit die sectoren. Kinderen en jongeren, ouders, professionals, leerkrachten, directeuren, vrijwilligers, maar ook veel wetenschappers. Met al deze informatie stelde ik mijn eerste ongeveer 10 vragen aan de Staatssecretaris of Minister over bijvoorbeeld het leerlingenvervoer en ging ik aan de slag met mijn eerste grote vergaderingen over de toekomst van de sectoren waar ik verantwoordelijk voor ben; de begrotingsbehandeling jeugd en de begrotingsbehandeling onderwijs. Tot half 3 in de nacht gingen we door. Dan gaan er geen treinen meer terug van Den Haag naar Woerden en wordt het duidelijk waar de onkostenvergoeding voor nodig is. Wat mij opviel is hoe sommige politici als een soort cabaretier optreden en wild om zich heen slaan naar alle kanten, maar weinig voor elkaar krijgen in de Tweede Kamer. Of Kamerleden die zich direct omdraaien als ze iets gezegd hebben, niet geïnteresseerd in welke reactie dan ook. Gelukkig heb ik ook heel prettig samen kunnen werken met zowel woordvoerders van de coalitie- als oppositiepartijen. Mijn eerste zeven moties en amendementen zijn aangenomen, zowel bij de jeugdzorg (onder andere de verplichting vanaf 2014 om gezinnen de kans te geven problemen met het eigen netwerk op te lossen door zogenaamde eigenkrachtconferenties) als bij onderwijs (waardoor leerkrachten en ouders in de medezeggenschapsraad meer te zeggen krijgen). Het gaat om zaken die er echt toe doen; de besteding van miljarden en het aanpassen van wetten. Dat maakt het de opoffering van de nachtrust meer dan waard.

Het waren dus 100 indrukwekkende dagen waarvan ik hoop dat er nog velen volgen. Ik hoop ook in 2013 weer fijn samen te kunnen werken met de slimme collega’s in mijn fractie, onze inhoudelijk sterke fractiemedewerkers, maar vooral ook met de mensen die ervaring hebben in de jeugdzorg en het onderwijs, of daar werken. Blijft u mij vooral bestoken met mails, telefoontjes en iedere maandag blijft mijn agenda vrij voor werkbezoeken. Op die manier kan ik mijn werk als volksvertegenwoordiger goed blijven doen. En houd ik er trouwens ook een hoop lol in.

Delen: