Klant? Nee, bank is koning!

Klant? Nee, bank is koning!

Door Paul Tang op 10 augustus 2013 Delen  

U betaalt te veel voor uw hypotheek. Die conclusie valt te trekken uit een vergelijking tussen Nederland en de ons omringende landen. Het verschil in hypotheekrente is gemiddeld 1 procentpunt in uw nadeel. Zou het maar zo eenvoudig zijn dat u in de auto stapt en net over de grens uw hypotheek inslaat tezamen met benzine, sigaretten of drank. Het zou flink schelen.

Maar waarom betalen u en ik te veel? Hiervoor zijn grofweg twee verklaringen. De eerste is dat voor banken geld duur is; de tweede is dat banken geld duur maken voor de consument. Het effect is hetzelfde maar de oorzaak is verschillend. Laat ik het uitleggen.

Banken moeten geld lenen om u geld te kunnen lenen. In Nederland staan tegenover de langlopende hypotheeklening niet voldoende spaartegoeden. Er is een financieringsgat. Daarom zien banken graag dat u spaargelden bij hen stalt. De spaarrente is in Nederland dan ook niet laag. Daarom zien banken graag dat u de hypotheek vervroegd aflost, ook al is dat voor u niet altijd verstandig. Meer spaargeld en vervroegde aflossing maakt het gat kleiner, maar laat het gat niet verdwijnen. Per saldo moeten Nederlandse banken lenen bij andere buitenlandse banken. Dat maakt de Nederlandse banken kwetsbaar. In tijden van financiële turbulentie is het onderlinge vertrouwen van banken laag en is lenen bij andere banken lastig. Bovendien moeten de Nederlandse banken hogere buffers opbouwen. Het financieringsgat en de bufferopbouw maken dat Nederlandse banken niet graag meer hypotheken verstrekken: voor iedere Nederlander is de hypotheek relatief kostbaar en voor sommigen onder ons zelfs niet te krijgen. In essentie komt dit omdat geld voor banken duur is. Dit is de visie van De Nederlandsche Bank.

Die visie wordt niet zonder meer onderschreven door het Centraal Planbureau. De rekenmeesters van het Rijk wijzen op een andere oorzaak. Er zijn minder banken dan ooit die hypotheekleningen aanbieden. Buitenlandse banken als Paribas hebben de Nederlandse markt verlaten maar ook SNS heeft zich teruggetrokken. Bovendien mogen ABN en ING niet stunten met hypotheekrentes omdat ze staatssteun hebben ontvangen. Er is weinig concurrentie en er is veel marge. Geld wordt dan duur gemaakt. Banken gebruiken de hoge marge om winsten te maken.

Wat u ook doet – een hoge rente betalen of vervroegd aflossen -, u draagt bij aan het herstel van het Nederlandse bankwezen. Het is een schrale troost. Kan dat herstel niet op een andere manier plaatsvinden? Zeker.

Verknipt land

Nederland is verknipt. Het is een land van sectoren die gewend zijn om langs elkaar heen te werken en grote moeite hebben om samen te werken. Dat geldt ook voor pensioenfondsen en banken. De pensioenfondsen brengen geld naar het buitenland en de banken halen geld uit het buitenland. Zo heeft Nederland als geheel een groot spaaroverschot, en hebben de Nederlandse banken toch een fors financieringsgat.

Er ontbreekt een markt tussen banken en pensioenfondsen, waarop banken een deel van de hypotheken aan pensioenfondsen verkopen. Voor beide partijen kan die markt interessant zijn. Voor banken is het interessant om het financieringsgat te verkleinen of om de buffers te verhogen. Dit stelt hen in staat om nieuwe leningen aan burgers en bedrijven te gaan verstrekken. Voor pensioenfondsen is het interessant om te beleggen of te investeren in Nederlandse hypotheken. Veilig beleggen is aantrekkelijk omdat rendement op hypotheekleningen hoger is dan rente op staatobligaties. Een stap verder is dat pensioenfondsen de risico’s van hypotheken van banken deels overnemen. Verstandig investeren wordt mogelijk als pensioenfondsen het risico van loon- en prijsinflatie kunnen afdekken. Dit kan vereisen dat banken de aflossing van hypotheken koppelen aan inflatie. Dat is niet zo gek: het is makkelijker af te lossen als het gemiddelde loon stijgt.

Om handel tussen pensioenfondsen en banken op gang te brengen is het tijd voor eerste stap en voor een nieuwe bank: een nationale hypotheekbank. Deze koopt hypotheken van banken en verkoopt gestandaardiseerd veilig papier aan pensioenfondsen. Hierdoor kunnen pensioenfondsen veilig beleggen en wordt het financieringsgat voor banken gedicht.

Bankier Cees van Dijkhuizen heeft een ronde langs de verschillende partijen gemaakt en geconstateerd dat een eerste stap mogelijk is. Er wordt gezocht naar de mogelijkheid om hypotheken met een Nationale Hypotheek Garantie (NHG) om te zetten in Nederlandse Hypotheek Obligatie. Deze laatste kent een staatsgarantie en wordt daarmee zo veilig als een staatsobligatie. Dit hoeft de staat niets te kosten: op de NHG-hypotheken rust als een staatsgarantie als het NHG-fonds onverhoopt tekort blijkt te schieten. Het voorstel van Cees van Dijkhuizen is eigenlijk om hypotheken nog mooier te verpakken en daardoor beter verkoopbaar te maken. Maar goed, het is een eerste stap.

Gaat u een verschil merken? Ik hoop het van harte, maar twijfel daaraan. Zo is het voorstel van Van Dijkhuizen om de NHG-premie te verhogen. Dat maakt voor velen de hypotheek duurder, en niet goedkoper. Bovendien is het probleem nog niet verdwenen dat banken buffers opbouwen – waarvoor u en ik betalen – en het probleem dat banken niet concurreren. Dus als pensioenfondsen veilig in hypotheken beleggen en als banken het financieringsgat zien verkleinen of verdwijnen, is het nog maar de vraag of de banken dit voordeel aan hun klanten zullen doorgeven. De klant centraal? Daarvoor moeten nog meer stappen gezet worden. Doorstappen!

Delen: