Kamerlid zoekt boer #13

Kamerlid zoekt boer #13

Door Sjoera Dikkers op 2 juli 2013 Delen  

Er zijn veel plekken in de Nederlandse samenleving waar mensen niet werken voor het geld, maar werken vanwege het vak. Neem bijvoorbeeld de zorg, het onderwijs en zeker ook de agrarische sector. Een boer gaat niet ’s morgens naar het werk, maar is 24 uur per dag, 7 dagen per week het hele jaar door boer. Stoppen met je bedrijf omdat het economisch niet meer gaat is voor boeren en boerinnen dan ook heel emotioneel. Ik loop vandaag een dagje mee met de hulpverleners van de stichting Zorg om Boer en Tuinder.

Een stichting gerund door mensen die uit eigen ervaring weten hoe het is om te moeten stoppen. Ik krijg verhalen over de schaamte als het bedrijf dat al generaties in de handen van één familie is opeens te koop moet worden gezet, over zwijgen en de schone schijn ophouden. De buitenwereld ziet vaak niet zo snel dat er iets aan de hand is. Gewassen staan op het land, de koeien in de wei, maar eenmaal aan de keukentafel komen de verhalen los. Verhalen over het niet meer openen van de post, niet meer opnemen van de telefoon en over het laatste onvermijdelijke gesprek met de bank.

We zitten aan de keukentafel bij een akkerbouwer die volle grondsgroente teelt. De macht van de supermarkten is groot, de markt is internationaal en de concurrentie is enorm. Alleen met een echt onderscheidend kwaliteitsproduct, en met inspelen op de vraag van de consument kan je in Nederland het hoofd boven water houden. Maar soms zijn het ook externe factoren die een boer nekken en kan het zijn dat ze ondanks het ondernemerschap toch het bedrijf moeten verkopen.

De mensen aan de keukentafel stonden op dat kruispunt en het was bijzonder dat ze hun afwegingen met mij wilde delen. Ik zag wat het met ze deed.

Delen: