Ieder kind een veilig thuis

Ieder kind een veilig thuis

Door Loes Ypma op 7 oktober 2013 Delen  

Er zullen helaas altijd kinderen zijn die niet bij hun eigen ouders kunnen opgroeien. Zo zijn er ongeveer 36.000 kinderen die niet thuis wonen. Velen van hen komen bij een pleeggezin terecht. De Partij van de Arbeid heeft grote waardering voor pleegouders die hun deuren openen voor kinderen zonder veilig thuis. Daarom zorgen we ervoor dat gemeenten, die vanaf 2015 verantwoordelijk worden voor jeugdzorg, genoeg mogelijkheden krijgen om deze kinderen hulp te bieden en pleeggezinnen waar nodig bij te staan.

Het is altijd een triest gezicht als een kind door jeugdzorg uit huis geplaatst moeten worden. Het zijn kinderen die geen passende zorg en bescherming kunnen krijgen van hun eigen ouders. Zij voelen zich erg eenzaam en behoren tot de meest kwetsbare groep van onze samenleving. Ze hebben veelal de angst weer weg te moeten, hebben vaak (onterechte) schuldgevoelens. Onderzoek laat zien dat deze groep tijdens hun jeugd veel schade oploopt in hun ontwikkeling.

Gemeenten kunnen uithuisplaatsingen alleen in uiterste gevallen inzetten en ouders zo vroeg en zo goed mogelijk te ondersteunen om dit te voorkomen. Maar als het echt niet anders kan, zie ik liever dat kinderen inhuis geplaatst worden bij pleeggezinnen en gezinshuizen. Opvang binnen een gezinssetting – waarbinnen veilige gehechtheid kan ontstaan – en continuïteit zijn daarbij de toverwoorden. Dat is ook de belangrijkste motivatie van mensen om pleegouder te worden: kinderen een goede start laten maken, veiligheid bieden.

Alleen twee liefdevolle armen bieden is echter niet genoeg. Pleegouders moeten om kunnen gaan met de realiteit van het leven van de kinderen. Ze zijn niet voor alle pleegkinderen geschikt en moeten weten waar ze goed in zijn. Zo vertelde een alleenstaande pleegmoeder uit Bunschoten me dat ze vooral ervaring heeft met drukke jongens met een verstandelijke beperking. Daar is zij echt goed in. Dè geschikte pleegouder bestaat niet. Hoe meer doorsnee je bent, des te meer kinderen kunnen er volgens haar bij je geplaatst worden.

Pleegouders moeten ook om kunnen gaan met de biologische ouders. Want zij hebben als pleeggezin wat de ouders zo graag willen; namelijk de dagelijkse zorg over hun kind of kinderen. Toch geeft het volgens veel pleegouders die ik heb gesproken heel veel voldoening, als je kinderen op ziet knappen, tot rust komen. Ze komen met van die gesloten gezichtjes binnen. Je ziet de ogen opengaan.

Ik heb erg veel respect voor pleegouders. Het zijn stuk voor stuk mensen met een groot hart die in hun leven ruimte maken voor deze kinderen. Die ervoor zorgen dat kinderen zich niet meer zo alleen voelen. Goede samenwerking met – en voldoende ondersteuning door professionals maakt dat pleegouders ook in moeilijke tijden hun belangrijke rol volhouden.

De overheveling van verantwoordelijkheid naar de gemeenten biedt een prachtige kans om verbeteringen te bewerkstelligen op het terrein van gezinsopvang en continuïteit van plaatsing van uit huis geplaatste kinderen. Gemeenten kunnen pleegzorg uitbreiden en de kwaliteit ervan nog verder verbeteren. Dit kan door intensieve begeleiding, supervisie en bijscholing van pleegouders. Het is nu aan gemeenten om hierin het voortouw te nemen. Maar dat kan ik wel aan mijn lokale partijgenoten overlaten!

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma