Eerlijker, sterker en mooier

Eerlijker, sterker en mooier

Door Albert de Vries op 17 oktober 2012 Delen  

Met mijn portefeuille ruimtelijke ordening, havens en scheepvaart wil ik een bijdrage leveren aan een eerlijker, sterker en mooier Nederland. Eerlijker door lusten en lasten beter te verdelen in de ruimtelijke ordening en in het grondbeleid. Sterker door samenhang tussen verschillende belangen te vinden en door mee te denken in de ontwikkeling van onze havens en alles wat daarmee samenhangt. Mooier door, ondanks alle trends tot deregulering, te knokken voor zorgvuldig ruimtegebruik met kwaliteit van architectuur, natuur en landschap. Een interview.

Wat wil je verder nog bereiken als Kamerlid?
Als één van de oudere leden wil ik proberen een teamplayer te zijn binnen de PvdA-fractie. Een bijdrage leveren zodat wij als fractie meer zijn dan 38 individuele haantjes en kippetjes. Daarnaast wil ik als geboren en getogen Zeeuw en als Zeeuws Kamerlid ook strijden voor een sterk en sociaal Zeeland. Zorgen dat er rekening mee gehouden wordt dat bij ons de omstandigheden vaak anders zijn: de aantallen zijn kleiner en de afstanden groter.

Hoe ben je in de politiek terecht gekomen?
Vooral door mijn Amsterdamse opa is mijn interesse in de politiek ontstaan. Hij is zijn hele leven lid geweest van de Sociaal-Democratische Arbeiders Partij en later van de Partij van de Arbeid. Ook was hij lid van de spoorwegvakbond. Wanneer zijn broers en zuster op visite kwamen in de Molukkenstraat in Amsterdam-Oost, dan ging het steevast en stevig over politiek. Ze waren allemaal rood, maar de ene nog roder dan de ander. Ome Herman was de fanatiekste. Hij was van de Communistische Partij Nederland, maar mijn opa moest daar niets van hebben. Links moest volgens hem voor vrijheid, solidariteit en emancipatie vechten. Nog belangrijker, links moest zich verenigen om een vuist te kunnen maken tegen de belangen van het kapitaal. Mijn opa zou zich erg boos maken over de linkse verdeeldheid van nu. Opvallend is dat hij toen al stelde dat niet de werkgever, maar het kapitaal de vijand van de arbeider was.

Mijn moeder was lid van de Arbeiders Jeugd Centrale en tevens van de PvdA. Mijn vader sloot zich later aan, al aarzelde hij wel vaak of DS70 of D66 toch niet beter was. We hebben hem altijd op het rechte pad weten te houden. Mijn vrouw komt, net als ik dus, ook uit een rode familie. Ik ben in 1978 lid geworden van de PvdA en werd in 1979 lid van het bestuur van de afdeling Middelburg. Ik ben al die tijd actief gebleven. In 2002 werd ik samen met een heel nieuw team raadsleden wethouder van Middelburg. Dat gebeurde nadat de PvdA in 2000 uit het college was gezet. Dat gaf echt energie. We hebben enorm teruggeknokt en zijn nu al jaren veruit de grootste partij in Middelburg.

Wat maakt jou een PvdA’er in hart en nieren?
Ik voel me sociaal democraat in hart en nieren. Ik geloof in een inclusieve samenleving waarin alle mensen gelijkwaardig zijn en ongeacht afkomst of beperking naar vermogen mee kunnen doen, hun talent kunnen ontwikkelen en de regie over hun eigen leven kunnen voeren. Eerlijk delen en dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen zijn voor mij vanzelfsprekend. De overheid dient maximaal te beschermen en minimaal te belemmeren. Als de overheid desondanks benadeelt is compensatie op zijn plaats. Maar als het omgekeerde gebeurt dan zou wat mij betreft de winst veel vaker ten goede van de gemeenschap moeten komen.

Wat was je opleiding?
Aardrijkskunde was al sinds de eerste lessen in de derde klas van de lagere school mijn passie. Na de HBS ben ik dan ook Sociale Geografie gaan studeren in Amsterdam. Toen ik alle tentamens had gehaald en mijn scriptie aan het schrijven was werd ik ziek. Niet veel later trouwde ik en kreeg ik mijn eerste baan en werd ik vader. Het afschrijven van de scriptie is er niet meer van gekomen. Al mijn vrije tijd ging op aan mijn gezin, werk, politiek en tafeltennissen. In die sport speelde ik niet alleen zelf in de (landelijke) competitie, maar was ik ook clubbestuurder, trainer, docent en jeugdbegeleider.

Wat was je eerste baan?
Mijn eerste baan was ambtenaar bij de gemeente Middelburg. Ik werd al snel hoofd van het bureau sociaal-economische zaken en statistiek. Later kreeg ik leidinggevende functies bij de gemeenten Vlissingen (hoofd sectie bouwen en wonen/plaatsvervangend directeur stadsontwikkeling) en Goes (sectorhoofd grondgebied).

Wie ben je dankbaar?
Dat is niet één iemand. Natuurlijk mijn familie, kinderen, vrouw en al die medewerkers die mij in mijn gedrevenheid en veeleisendheid altijd hebben gesteund.

Wie inspireren jou?
Ik heb heel veel geleerd van oud-burgemeester Piet Wolters van Middelburg. Weliswaar een VVD’er, maar iemand die ervoor ging om resultaat te boeken. Ik heb ook veel geleerd van de voorlaatste burgemeester van Middelburg, Koos Schouwenaar. Ook een VVD’er en nu lid van de Eerste Kamer. Hij is buitengewoon goed in het onderhouden van relaties met bewoners en in het coachen van wethouders die nog wel eens door de porseleinkast wilden rennen.

Verder zijn mijn leermeesters Daan Bruinooge en Kees de Keijzer, beide voormalig wethouder van Vlissingen. Daan Bruinooge heeft mij vergezichten geschetst en op strategisch gebied veel bijgebracht. Kees de Keijzer heeft met zijn gedreven om het beste te bereiken voor “gewone mensen” veel indruk op mij gemaakt. Ten slotte heb ik heel veel geleerd van Piet van den Beemt over hoe je naar gelijke kansen voor mensen moet kijken. Hij gooide als directeur van de stichting Arduin het roer radicaal om in de ondersteuning van mensen met een verstandelijke beperking. Inclusie en eigen regie als uitgangspunt. Super!

Je bent wethouder geweest in Middelburg. Wat kan Den Haag leren van Middelburg?
Den Haag kan van gemeenten leren dat het bij veel regels niet primair moet gaan over of alles klopt en past, maar dat het moet gaan of iets ook echt werkt. Het is nodig om in te zien dat er heel vaak maatwerk nodig is. In de ene regio moet het soms net iets anders dan in de andere. Voor de ene mens helpt (gegeven zijn omstandigheden) dit beter dan dat. Kortom: leg uitvoering op het zo laag mogelijke niveau en geef daarbij maximale ruimte. Heb meer vertrouwen in de lokale democratie.

Waar kan je je boos over maken?
Over discriminatie en alles wat daar op lijkt. Destijds op Rita Verdonk. Hartvochtig. Nu op de PVV. De manier waarop die partij hele bevolkingsgroepen en andere landen van ons vervreemt. De manier waarop Khadija Arib werd weggezet toen ze zich kandideerde als Kamervoorzitter. Stuitend.

Wat is je beste eigenschap?
Knokken om er het beste uit te halen. Koers houden. Anderen kunnen van mij leren hoe je op basis van een sterke en gedragen visie dingen voor mensen voor elkaar kunt krijgen.

Wat wil je zelf graag leren als Kamerlid?
Ik heb niet zozeer vragen over “wat”, maar meer over “hoe”. Hoe krijg je in de kamer echt iets voor elkaar? Hoe leer je de fijne kneepjes van debat techniek? Hoe leer je framen? Etecera.

Waar word je blij van?
Privé word ik blij van mijn kleinkinderen Luka -van december 2011- en Zelda -geboren eind augustus 2012-. Ik snap nu goed dat mensen ‘hoteldebotel’ kunnen zijn van hun kleinkinderen. In mijn werk word ik blij als ik zie dat mensen ook echt beter af zijn met de dingen waar ik voor gestreden heb.

Wat is volgens jouw een goede balans tussen landbouw en natuur?
Dat is een lastige vraag die is niet in algemene zin te beantwoorden is. Het hangt nogal af van de omstandigheden. Ik neig naar de benadering die ook door het planbureau voor de leefomgeving wordt uitgedragen, namelijk dat het verstandig is om in bepaalde gebieden de landbouw voorrang te geven en concessies te doen aan natuurwaarden om dan in andere (waardevolle) gebieden te kiezen voor natuurontwikkeling zonder concessies te doen aan de landbouw.

Met deze vraag proberen jullie me waarschijnlijk uit de tent te lokken over het H-woord in Zeeland. Over die Hedwigepolder ben ik helder. Dat dossier verdient absoluut geen schoonheidsprijs. Ik heb waardering voor de mensen die gestreden hebben om hem droog te houden en als Zeeuw snap ik hen ook, maar ik respecteer het standpunt van onze partij dat gemaakte afspraken nagekomen moeten worden. Het boek dicht moet, natuurherstel is gewenst en de verhoudingen met Vlaanderen moeten genormaliseerd worden. Maar… nieuwe werken in de Westerschelde moeten veel beter met alle betrokkenen worden besproken en verdiepingen die opnieuw natuurschade opleveren moeten we afwijzen.

Wat doe je het liefst op een vrij dagje?
In mijn volkstuintje rommelen.

Waarom past deze portefeuille bij jou?
Ruimtelijke ordening is het hoofdonderwerp van mijn studie Sociale Geografie geweest en het was de rode draad in mijn werk voordat ik wethouder werd. Daarbij kwam ook de ontwikkeling van havens regelmatig voorbij, maar scheepvaart is relatief nieuw voor mij. Ik moet me dus weer inlezen en een nieuw netwerk opbouwen. Dit vind ik absoluut geen last, want verandering geeft altijd nieuwe energie. Bovendien mag de PvdA best weer een beetje meer profiel krijgen op deze onderwerpen.

Mooiste muziek?
Wat muziek betreft kan ik niet kiezen. Het hangt echt van mijn stemming en de omstandigheden af. Ik heb meer dan 15.000 nummers op mijn harde schijf staan en dat varieert sterk: als echte Zeeuw natuurlijk Bløf, Racoon en Surrender. Verder veel blues, sing a song, gitaristen, Mark Knopfler, Eric Clapton, Wilco, Pink Floyd, Pearl Jam, Led Zeppelin, Van Morrison, Afrikaanse muziek, Folk en The Beatles.

Delen:

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma