Een kind hoort niet in een cel

Een kind hoort niet in een cel

Door Marit Maij op 10 oktober 2013 Delen  

Een kind hoort niet in een cel. Toch komt het in het asielbeleid soms voor dat kinderen in detentie komen. Daarom heeft de PvdA samen met een aantal andere partijen aan de staatssecretaris gevraagd om hiervoor alternatieven te bedenken. Zowel voor vreemdelingen- als grensdetentie heeft hij toegezegd daarnaar te kijken. De PvdA is positief over de maatregelen die moeten leiden tot een humaner asiel- en vreemdelingenbeleid.

Zo wordt het detentieregime versoepeld, het aantal mensen in detentie wordt verminderd, er komen verbeteringen bij de medische ondersteuning en een verbreding van activiteiten voor vreemdelingen in opvang en detentie. Dit zijn belangrijke verbeteringen waar de PvdA lang voor heeft gepleit. Aanvullend op deze positieve maatregelen blijft er voor ons ruimte voor verbetering. Met name als het gaat om kinderen.

Grensdetentie
Asielzoekers kunnen zich op twee manieren melden in Nederland. Over land kunnen zij zich melden bij een asielzoekerscentrum, maar als zij met het vliegtuig in Nederland aankomen, belanden ze eerst in grensdetentie op Schiphol. Deze grensdetentie is opgeknipt in een korte procedure van maximaal twee weken en een verlengde procedure. De staatssecretaris heeft al toegezegd dat in de verlengde procedure geen kinderen meer in de grensdetentie zullen verblijven. Deze gezinnen worden na de korte grensdetentie overgebracht naar een regulier asielzoekerscentrum.

Dat is mooi. Maar de PvdA pleit er ook voor dat in de korte grensdetentie geen kinderen meer komen. Het verschil in opvang tussen zij die zich over land melden en zij die zich op Schiphol melden is simpelweg te groot. Deze kinderen zitten maximaal veertien dagen in grensdetentie, maar dat is wel veertien dagen te lang.

Algemene vreemdelingendetentie
Daarnaast is het nu ook nog zo dat kinderen soms in vreemdelingendetentie kunnen komen, met name kort voordat een uitgeprocedeerd gezin uitgezet wordt. Mensen die geen asielstatus krijgen en geen recht hebben op een andere vergunning, moeten namelijk terugkeren naar hun land van herkomst. Als zij daar niet aan meewerken, en er gegronde redenen zijn om te verwachten dat zij zich aan terugkeer onttrekken, kunnen zij worden vastgezet in vreemdelingendetentie.

Ik heb de staatssecretaris dringend gevraagd of dit echt noodzakelijk is en of dit vaak voorkomt. De staatssecretaris stelt dat hij zelf ook liever geen kinderen in de cel ziet en dat dit alleen bij hoge uitzondering gebeurt. De PvdA vindt dat onvoldoende beargumenteerd en heeft de staatssecretaris gevraagd naar alternatieven te kijken. Die heeft toegezegd dat hij in gesprek gaat met de coalitie ‘Geen kind in de cel’ en dat hij naar alternatieven gaat kijken. Ook heeft hij de intentie om de grensdetentie anders in te vullen. Dat biedt dus echt zicht op een toekomst waarin er op een humanere wijze wordt omgegaan met deze groep kinderen.

De PvdA blijft zich hiervoor inzetten, want een kind hoort niet in een cel thuis.