Een gemiste kans

Een gemiste kans

Nederland heeft, samen met enkele andere Westerse landen, in april van dit
jaar verstek laten gaan op een conferentie van de Verenigde Naties tegen
racisme. Het betrof een vervolg op de Wereldconferentie over Racisme die in 2001
in Durban had plaatsgevonden. Dat was een turbulente conferentie geweest, waarin
ontwikkelingslanden het Westen heftige verwijten hadden gedaan. Die betroffen
niet alleen het verre (slavernij) en recente verleden – de conferentie vond niet
zonder reden plaats in het land waar Apartheid had geheerst – maar bijvoorbeeld
ook het onrecht de Palestijnen aangedaan.

Onder het motto ‘onafhankelijk en vrij, maar niet over de partij’ worden
op pvda.nl regelmatig columns gepubliceerd.

In Durban hadden het Westen en Israël het zwaar te verduren gehad. Maar aan
het eind van de conferentie was algemene overeenstemming bereikt over een
slotdocument. De VS deden toen niet mee – zij onttrekken zich wel vaker aan
debatten in het kader van de Verenigde Naties – maar alle aanwezige landen
konden zich in de uitkomst vinden. Het Nederlandse kabinet (Paars II) had zich
destijds bezorgd getoond, maar we hadden ons actief met de onderhandelingen
bemoeid. Die waren moeizaam verlopen, maar er werd naar elkaar geluisterd en
uiteindelijk bleken alle landen bereid tot compromissen. De opluchting was
algemeen. Landen die zich in de overeengekomen tekst konden vinden kwamen daar
later niet op terug. Ook Nederland niet. De Kamer floot het kabinet niet terug.
Het was al met al dan ook een goede tekst. De Verenigde Naties hadden zich
bewezen als het universele wereldforum bij uitstek, waar een grote variëteit aan
opvattingen over beginselen, normen, waarden en grondrechten kan worden
besproken, met de bedoeling om het met elkaar eens te worden. Een dergelijke
consensus kan bijdragen aan het indammen van geweld dat voortvloeit uit
culturele conflicten. Dat is van belang voor de gehele wereld, inclusief
Nederland.

Zo’n consensus moet regelmatig worden onderhouden en bijgesteld. Vandaar de
nieuwe conferentie in Geneve, waartoe de Algemene Vergadering van de VN had
besloten. Het is onbegrijpelijk dat Nederland die conferentie heeft geboycot. De
regering, bij monde van Minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen, zei er
geen vertrouwen in te hebben. We deden mee aan de vooronderhandelingen, maar
haakten af omdat we niet op alle punten onze zin kregen. Let wel: nog voordat de
conferentie zelf begon. Verhagen schreef aan de Kamer met geen enkele tekst
akkoord te kunnen gaan, zolang deze de tekst welke in Durban was overeengekomen
bevestigde. Ik begrijp dit niet. Nederland had zich destijds akkoord verklaard
en had zich nadien niet van de tekst gedistantieerd. In moeizame
vooronderhandelingen kan geen argument gelegen zijn om af te haken, zeker gezien
de ervaringen van de vorige keer.

Ik vind de tekst die uiteindelijk in Geneve is aangenomen een verbetering ten
opzichte van de vorige. In het debat in Nederland hebben tegenstanders van de
Nederlandse deelname aan de conferentie argumenten gehanteerd die ontleend waren
aan tekstvoorstellen die niet in de slotverklaring zijn terechtgekomen. Westerse
diplomaten hebben verklaard dat andere landen het Westen tegemoet zijn gekomen.
Dat klopt. Ook ditmaal bleek dat in de Verenigde Naties onderhandeld kan worden.
Maar je moet dan wel mee onderhandelen.

De verklaring gaat over “racisme, rassendiscriminatie, xenofobie en
gerelateerde intolerantie”. Antisemitisme wordt expliciet veroordeeld en op een
lijn gesteld met wat omschreven wordt als anti-Arabisme, Islamofobie en
Christianofobie. Israël wordt niet genoemd. Genocide wordt ondubbelzinnig
veroordeeld. Over de Holocaust wordt vastgesteld dat deze nooit mag worden
vergeten.

De verklaring spreekt zich uit tegen het aanzetten tot haat en tegen
discriminatie op grond van ras of religie. Negatieve stereotypering van
minderheden, inheemsen, immigranten, vreemdelingen en vluchtelingen moet worden
tegengegaan.

De vrijheid van meningsuiting wordt essentieel genoemd voor een democratische
en plurale samenleving. Die vrijheid wordt niet beperkt. Integendeel, vrijheid
van meningsvorming kan, zo zegt de verklaring, een positieve rol spelen bij het
tegengaan van discriminatie.

Al deze uitspraken zijn even zovele toetsstenen voor het beleid van India,
Mexico, Soedan, Zimbabwe en andere landen in het Zuiden van de wereld, als voor
het Westen. Daarom is het des te meer onbegrijpelijk dat een aantal Westerse
landen het overleg heeft geboycot. Natuurlijk waren er confronterende
redevoeringen tijdens de conferentie, zoals die van president Ahmadinehad van
Iran. Hij had zich op aandringen van VN Secretaris Generaal Ban Ki Moon
gematigd, maar naar diens mening onvoldoende. Ban nam daarom onverwijld en
zonder omwegen afstand van Ahmadinehad. En in het debat zelf diende de Noorse
minister van Buitenlandse Zaken de President van Iran op staande voet van
repliek.

Zo hoort het in de VN. Daar hoort ons land bij te zijn. We hebben een kans
gemist. Nederland was altijd een pleitbezorger van de Verenigde Naties, als
forum ter beslechting van politieke meningsverschillen. Wij hebben door deze
boycot de autoriteit van datzelfde forum geschaad. Het is jammer dat dit
gebeurde onder medeverantwoordelijkheid van de PvdA in de regering.

Het is meer dan jammer dat wij ons door onze afwezigheid hebben onttrokken
aan mogelijke kritiek van andere landen op toegenomen racisme, xenofobie en
intolerantie in ons eigen land. Wij zijn haantje de voorste in het bekritiseren
van anderen, maar onttrekken ons aan een debat over onszelf. We staan kennelijk
boven discussie. De regering nam de beslissing om weg te blijven enkele maanden
nadat een opkomend politiek leider in ons land had opgeroepen om de Koran te
verbieden. En zes weken later, dus nadat de regering geweigerd had mee te doen
aan een wereldwijd politiek debat over religieuze discriminatie en intolerantie,
riep diezelfde politieke leider dat miljoenen Moslims Europa zouden moeten
verlaten omdat zij allen hetzij de Sharia willen opleggen, hetzij misdadiger
zijn of Jihadist. Bij de Europese verkiezingen werd zijn partij de op een na
grootste in ons land.

Wat thans in ons land gebeurt, valt onder de zorgen die aanleiding gaven tot
een wereldwijd debat. In het internationale discours heeft ons land gezwegen. En
binnen ons land lijkt de tegenspraak verstomd.

Delen: