Duurzame energie heeft de toekomst

Duurzame energie heeft de toekomst

Duurzame energie heeft de toekomst
Foto Flickr / twicepix

Door Jan Vos op 26 februari 2014 Delen  

Voor de PvdA is het duidelijk: duurzame energie heeft de toekomst. Grootschalig, met onder andere windmolens op land en zee, maar ook door in te zetten op decentrale duurzame energievoorziening.

Voor kleinschalige decentrale energie, zoals zonnepanelen, zijn in het verleden verschillende subsidieregelingen geweest. Nadeel was dat deze potjes vaak snel leeg waren en er veel papieren rompslomp was. Voor particulieren die op hun eigen dak (achter de meter) duurzame energie opwekken bestaat al een belastingvrijstelling, het zogenaamde salderen. Minister Kamp van Economische Zaken heeft toegezegd dat die regeling in ieder geval deze regeerperiode blijft bestaan. Dat zorgt voor rust, maar helaas is er de afgelopen maanden onduidelijkheid ontstaan over de reikwijdte van de salderingsregeling. De Eerste Kamer heeft in december 2013 een motie aangenomen waarin de regering wordt verzocht de huidige regels voor de vrijstelling van energiebelasting te handhaven en dus ook voor zogenaamde ontzorgconstructies. De minister heeft daar op geantwoord, maar dat antwoord heeft helaas nog niet voldoende duidelijkheid gegeven.

Naast salderen achter de meter wil de PvdA meer. Al jaren is het onze grote wens dat kleinschalige duurzame projecten ondersteuning zouden krijgen. Het is gelukt om hierover een afspraak op hoofdlijnen in het regeerakkoord vast te leggen. Vervolgens heeft de minister besloten om de uitwerking van dit voorstel te betrekken bij het Nationaal Energieakkoord. Daarna is de regeling besproken bij het belastingplan 2014. Daar heeft een Kamermeerderheid met steun van de PvdA-fractie besloten om nog één belangrijke wijziging door te voeren, namelijk financiële zekerheid voor tien jaar. Nu is het aan al die initiatieven in het land om aan de slag te gaan en een succes te maken van decentrale energieopwekking.

Is daarmee ons werk af? Zeker niet. Minister Kamp heeft toegezegd om jaarlijks te kijken naar de voortgang van de regeling en dat is noodzakelijk. Wij maken ons geen illusies, een regeling zoals deze is nooit in één keer perfect. De komende jaren wordt het hard werken om de regeling nog beter te maken.

De minister heeft van veel kanten kritiek gekregen, omdat hij de regeling onnodig zou beperken. Hieronder een aantal vaak gehoorde kritiekpunten en onze visie daarop.

‘De regeling is financieel niet ruim genoeg.’
Dat zou kunnen, maar dat moet de praktijk uitwijzen. De minister heeft bij het energieakkoord onderhandeld en de uitkomst was 7,5 cent korting per kWh. Dat is krap, maar het doel is ook niet om forse winst te maken. Het doel van de regeling is om decentrale energieprojecten zodanig te stimuleren dat deze binnen een redelijke termijn terugverdiend kunnen worden. De kosten (behalve de eerste tien miljoen euro) worden gedragen door alle andere stroomgebruikers. Het voordeel daarvan is dat er gegarandeerd geld is voor projecten die aan de voorwaarden voldoen. Het nadeel is dat alle andere gebruikers dus iets meer voor hun energie gaan betalen. Die keuze vinden wij goed te verdedigen. Maar het is dan ook niet meer dan redelijk om van degenen die van de korting profiteren te vragen om zuinig met dat geld om te gaan en geen overdreven winst te maken. Natuurlijk had er ook gekozen kunnen worden voor een regeling die niet wordt omgeslagen over andere verbruikers, maar dan komt er dus steeds minder energiebelasting binnen. Degene die dat voorstelt moet dan ook aangeven op welke andere zaken er dan bezuinigd moet worden.

‘De regeling wordt dus omgeslagen naar andere kleinverbruikers, waarom niet ook naar grootverbruikers?’
Het klopt dat grootverbruikers niet meebetalen aan deze regeling. Sterker nog, door het degressieve energiebelastingstelsel betalen grootverbruikers in Nederland veel minder belasting per kWh dan kleinverbruikers. Dat is een politieke keuze, en één die door de PvdA in essentie wordt gesteund. Natuurlijk voelt het oneerlijk dat grote industriële bedrijven nauwelijks energiebelasting betalen en particulieren wel. Maar er is een goede reden om voorzichtig te zijn dit systeem rigoureus om te gooien. Als grootverbruikers zoals Tata Steel veel meer energiebelasting moeten betalen, komen zij in de problemen omdat hun concurrenten in andere landen net zo weinig of zo mogelijk nog minder belasting betalen. Dat betekent een concurrentienadeel. Het gevaar is dat dergelijke bedrijven failliet gaan, of noodgedwongen vertrekken uit Nederland. Dat betekent het verlies van duizenden banen, geen inkomsten uit de energiebelasting en bovendien moeten wij het staal (voor bijvoorbeeld onze windmolens) vervolgens importeren. Het milieu schiet daar niets mee op.

‘De regeling is geografisch niet ruim genoeg.’
Vooropgesteld: waar de grens ook gelegd wordt, deze is altijd arbitrair. De PvdA volgt de minister in zijn stelling dat de regeling bedoeld is voor projecten in de buurt. De postcoderoos voldoet daar aan. Wij hebben ook serieus overwogen of niet de driecijferige postcoderoos of eventueel de gemeentegrens een betere afbakening is. Voorlopig kiest de PvdA er voor om de minister te volgen en projecten binnen de postcoderoos de ruimte te geven.

‘De regeling geldt alleen maar voor corporaties en niet voor (kleine) ondernemers.’
Dat klopt en dat punt is door veel partijen aangekaart. Waarom zou de bakker niet ook mogen meedoen? Het probleem zit hier in de staatsteunregels. Bedrijven mogen van Europa, terecht, geen concurrentievoordeel genieten ten opzichte van andere bedrijven. De minister heeft aangegeven dit aan de Europese Commissie voor te leggen. Zodra er duidelijkheid is, wordt bekeken of en op welke wijze kleine ondernemers lid kunnen worden van een corporatie.

‘De regeling biedt te weinig ruimte voor scholen, woningbouwcorporaties, ziekenhuizen en gemeenten om mee te doen.’ 
Het klopt dat er is gekozen om alleen ‘natuurlijke’ personen in aanmerking te laten komen voor de belastingkorting. Het klopt ook dat zonder die korting de terugverdientijd een stuk langer wordt. Maar grote instellingen zoals woningbouwcorporaties kunnen ook kiezen voor een langere terugverdientijd. Hun investeringen en afschrijvingen lopen doorgaans voor vele jaren, hun gebouwen staan er vaak decennia en zij kunnen grootschalig inkopen. Dat betekent ook dat er, meer dan voor een particulier, ruimte is om voor de lange termijn te investeren. En bijkomend voordeel is dat woningbouwcorporaties voor de periode dat de zonnepanelen op het dak liggen minder afhankelijk zijn van fluctuerende stroomprijzen. En om het scherp te stellen: waarom zou een woningbouwcorporatie moeten profiteren van een belastingkorting die wordt betaald door kleinverbruikers?

‘De regeling staat alleen financial en geen operational lease toe en belemmert daardoor energiebedrijven om corporaties aantrekkelijke aanbiedingen te doen.’
Dat klopt. Omdat er risico’s aan operational lease zitten, wordt er door de regering gekeken of en hoe die in de toekomst alsnog toegestaan kunnen worden. Wij wachten dat onderzoek af. Tot die tijd wordt alleen financial lease toegestaan.

‘De aansluitkosten voor installaties jagen de kosten dusdanig op dat projecten niet van de grond komen.’
Dat is inderdaad een serieus probleem. De minister heeft al aangegeven dat als er al een bestaande aansluiting is die gebruikt kan worden zonder dat dat technische problemen oplevert, er geen nieuwe aansluiting hoeft te komen. Dan blijft de vraag over wat er met de kosten gebeurt in situaties waar wel een compleet nieuwe aansluiting noodzakelijk is. Als er een aanpassing nodig is, dan moet de elektriciteit- en gaswet worden aangepast. Het is sowieso een goed idee om die wet een keer goed te bekijken, omdat deze nog is ingericht op de oude situatie zonder decentrale opwekking. De wet zal dus de komende jaren regelmatig aangepast moeten worden aan de nieuwe realiteit.

Tot slot: kleinschalige windprojecten en zonnepanelen hebben veel voordelen. Bovendien worden de technieken steeds efficiënter en goedkoper. Maar het is een misverstand dat wind en met name zonne-energie goedkope opties zijn. Dat zijn ze puur gerekend naar de kosten per kWh niet. Natuurlijk heeft energie opgewekt door fossiele brandstoffen andere nadelen en worden de milieukosten die hun uitstoot veroorzaakt vaak niet meegerekend, maar als alleen naar de kostprijs wordt gekeken is zonne-energie relatief duur. Omdat wij het toch heel belangrijk vinden dat er steeds meer duurzame (decentrale) energie komt, hebben we gestreden om een regeling te krijgen zoals die er nu ligt. Die is nog niet perfect en moet in de toekomst vast nog worden aangepast en aangescherpt.

De PvdA zal kritisch blijven kijken naar de regeling. Binnenkort spreken we weer met minister Kamp in de Tweede Kamer. Maar ook proberen we er nu al een succes van te maken. Er zijn genoeg voorbeelden van creatieve mensen die met of zonder ondersteuning hun zonneproject of windmolen rondkrijgen.

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma