Dit kabinet bezuinigt hard en kil op cultuur

Dit kabinet bezuinigt hard en kil op cultuur

Door Jetta Klijnsma op 13 december 2010 Delen  

De toon van het debat over kunst en cultuur wordt steeds killer. Dit kabinet
bezuinigt rancuneus op kunst en cultuur. Gigantische bezuinigingsvoorstellen die
ons en alle cultuurliefhebbers pijn doet. Kunst en cultuur moeten begaanbaar
zijn voor mensen met kleine en grote portemonnees. Daar staat de PvdA voor.
Natuurlijk zou de PvdA ook hebben bezuinigd op cultuur, maar nooit zo
buitenproportioneel als dit kabinet. Dit kabinet bezuinigt als je alles optelt
tot zo’n 350 miljoen! Er is echter nog veel onduidelijk over deze bezuinigingen.
Om met z’n allen meer inzicht te krijgen in de uitwerkingen die de voorgenomen
bezuinigingen zullen hebben, heb ik in een debat over de voorgenomen
bezuinigingen voorgesteld  een hoorzitting te organiseren.

Tijdens een hoorzitting kunnen specialisten uit het veld hun visie over de
gevolgen van de bezuinigingen geven. Pas dan wil ik verder praten over de
meerjarenbezuinigingen. Wat betreft de bezuinigingen voor 2011 wil ik wel een
paar schoten voor de boeg geven.

De bezuiniging op de cultuurkaart voor jongeren vind ik een hele beroerde. We
weten allemaal nog hoe we onder de indruk waren van ons eerst concert, ons
eerste museumbezoek. Dat mogen we onze middelbare scholieren niet ontzeggen. De
cultuurkaart is een prima instrument geleken om via het onderwijs jongeren te
interesseren voor kunst. Ik hoop dan ook dat het kabinet hier nog eens heel goed
naar wil kijken.

Datzelfde geldt voor de afschaffing van de
WWIK
(Wet Werk en inkomen kunstenaars)
. Het gaat om een steun in de rug voor
jonge kunstenaars, die vaak zzp-er worden en in eerste instantie wat hulp nodig
hebben voor ze hun eigen broek op kunnen houden. Die WWIK blijkt succesvol.
Zonder de WWIK zouden mensen na hun kunstopleiding in de bijstand terecht komen,
die overigens een stuk duurder is.

Ik ben geen zwartgallig typje, maar dat zou je van dit beleid wel worden.
Kunst is niet elitair, is geen franje of slagroom, maar is belangrijk voor ieder
mensenleven!

 

Lees hieronder mijn volledige inbreng;

Inbreng wetgevingsoverleg cultuur 13 december 2010.

Meneer de voorzitter,

Twee weken geleden stuurde de staatssecretaris de woordvoerders cultuur een
geweldig mooi boekje, dat gemaakt is ter gelegenheid van het uitreiken van de
Johannes Vermeerprijs 2010 aan Alex van Warmerdam. Ik wil de staatssecretaris
daarvoor hartelijk danken, want ik ben sinds de film “Abel” een enorme fan van
Van Warmerdam en was inderdaad jammer genoeg niet aanwezig bij de
prijsuitreiking in Delft. Van Warmerdam had bij die gelegenheid een prachtig
“bedankverhaal”, waarin hij onder meer zei: “Bijna alles waar ik vandaag voor
geëerd word is mede dankzij overheidsgeld tot stand gekomen. Dat het gezegd is,
want er waait de laatste tijd een kleingeestige wind over ons land waaruit
steeds luider rancuneuze stemmen opklinken tegen de kunsten.”

Voorzitter, ik vind het heel belangrijk dat we het daar vandaag over hebben.
De toon van het debat over kunst en cultuur wordt steeds killer. Daar vloeien de
gigantische bezuinigingsvoorstellen, die dit kabinet heeft bedacht, uit voort.
Natuurlijk zou de PvdA ook hebben bezuinigd op cultuur, maar nooit zo
buitenproportioneel als dit kabinet. Wij zouden zo’n 50 miljoen hebben
bezuinigd, terwijl dit kabinet als je alles optelt tot zo’n 350 miljoen komt!
Waarom worden onze “kunstenaars” zo in de hoek gezet? Komt dat omdat het vaak
onorthodoxe mensen zijn, die ons als publiek aan het denken zetten en spiegels
voorhouden? Vindt het kabinet deze mensen gevaarlijk?

Voorzitter, natuurlijk is een overheid op aard om gemeenschapsmiddelen te
investeren in de basisvoorzieningen voor haar burgers. Ik denk dan aan de
arbeidsmarkt en ons sociaal vangnet, aan de zorg en het onderwijs, aan wonen,
veiligheid, vervoer en energie. Allemaal zaken die onontbeerlijk zijn in een
mensenleven. Kunst en cultuur lijken dan franje te zijn, maar een land dat niet
investeert in Kunsten en Wetenschappen is een treurig land, want kunst brengt
ook warmte en saamhorigheid. Dat merkte ik zaterdag 20 november op het Neude in
Utrecht en op het Leidseplein in Amsterdam bij de schreeuw om cultuur, maar ook
afgelopen zaterdagavond in de Jaarbeurs bij de MaxProms, waar honderden mensen
genoten van Engelbert Humperdink en het Metropole-orkest. Kunst kan je troosten
als je verdrietig bent of wakker schudden als je een beetje ingeslapen bent.
Daar mogen we best in investeren met z’n allen. Kunst en cultuur moeten
begaanbaar zijn voor mensen met kleine en grote portemonnees. Daar staat de PvdA
voor. Natuurlijk is het fijn wanneer rijke mensen of bedrijven willen investeren
in kunst, maar dat doen ze vooral als ze zien dat de overheid ook een stap
voorwaarts doet en in moeilijke financieel economische tijden is dat voor
bedrijven natuurlijk veel minder voor de hand liggend.

Deze staatssecretaris zadelt de gezelschappen, de podia, de medeoverheden en
het publiek met grote onzekerheid op. Hij schuift zijn besluitvorming op de
lange baan. De zakelijk leiders weten niet of ze voor de periode na 2012 nog
afspraken kunnen maken, de gemeenten zien de economische uitstraling van de
kunstinstellingen teloor gaan en het publiek is helemaal in de aap gelogeerd,
want blijft verstoken van prachtige voorstellingen en concerten, zeker als het
geen dikke portemonnee heeft.

Het kabinet kiest niet alleen maar voor een platte bezuiniging van 200
miljoen, maar heeft daarbovenop de hele rijksbegroting doorgevlooid om te kijken
waar wat te halen valt, dat raakt aan  kunst en cultuur. Daarom worden
cultuurkaart, WWIK en MCO ook afgeschaft en de BTW op kunstproducten met 13
procent verhoogd en worden loterijopbrengsten meer ingezet voor sport en dus
minder voor cultuur. 
Al deze maatregelen zijn nog maar kort bekend. Een eerste reactie van de
samenleving is gehoord, maar sinds de brief van de staatssecretaris van vorige
week maandag hebben we als Kamer nog nauwelijks kunnen spreken met
vertegenwoordigers uit het veld en uit het publiek. Dat brengt mij ertoe
voorzitter om donderdag tijdens onze procedurevergadering mijn collega’s te
vragen om een hoorzitting te organiseren na de feestdagen, opdat we met z’n
allen meer inzicht krijgen in wat deze voorgenomen maatregelen voor uitwerking
zullen hebben.

De bezuinigingsmaatregelen die voor het jaar 2011 worden ingeboekt zijn 
natuurlijk ook al moeilijk, maar veelal gaat het hier om “extra’s”, die het
vorig kabinet in het vooruitzicht had gesteld, maar die nu er breed bezuinigd
moet worden, het eenvoudigst kunnen worden ingeleverd.
Over het NHM hebben we het al uitvoerig gehad en dat blijft een feuilleton, want
de staatssecretaris geeft alleen voor 2011 helderheid. Wat er daarna gebeurt is
koffiedikkijken. We komen hier dus zeker op terug.

De matchingsregeling, die er nu juist voor zorgde, dat instellingen die veel
geld van buiten haalden beloond werden, wordt afgeschaft. Dat is wel vreemd
vanuit de filosofie van dit kabinet.

Verder wordt er 19 miljoen bezuinigd op het museaal aankoopfonds. Kan de
staatssecretaris bevestigen, dat dit een eenmalige actie is, alleen voor de
jaarschijf 2011 en kan hij melden hoeveel er nog over blijft in dat fonds?
Verder krijgt het project “beelden voor de toekomst” 25 miljoen extra, omdat er
geen enkele inverdiener zou zijn, terwijl die inverdiener eerst op 64 miljoen
werd begroot. Curieus… Dat kan toch niet alleen maar door de gratis schoolboeken
komen?

Tot zover de bezuinigingen voor 2011. Voor wat betreft de
meerjarenbezuinigingen: ik zei het al, ik wil eerst ordentelijke hoorzitting,
maar ik wil wel een paar schoten voor de boeg geven.

Voorzitter, een hele beroerde bezuiniging vind ik die op de Cultuurkaart voor
jongeren. Wat is het belangrijk om onze jonge mensen kennis te laten maken met
kunst in de brede zin van het woord. Muziek, literatuur, toneel, dans, beeldende
kunst, wat is het heerlijk om er mee in aanraking te komen. We weten allemaal
nog hoe we onder de indruk waren van ons eerste concert, ons eerste
museumbezoek. Dat mogen we onze middelbare scholieren niet ontzeggen. De
cultuurkaart is een prima instrument gebleken om via het onderwijs jongeren te
interesseren voor kunst. Ik hoop dan ook dat het kabinet hier nog eens heel goed
naar wil kijken.

Dat zelfde geldt voor de afschaffing van de WWIK, eigenlijk een onderdeel van
de begroting voor Sociale Zaken, maar ik breek er hier een lans voor, omdat het
gaat om een steun in de rug voor jonge kunstenaars, die vaak zzp-er worden en in
eerste instantie wat hulp nodig hebben voor ze hun eigen broek op kunnen houden.
Die WWIK blijkt succesvol. Het zou plezierig zijn wanneer het kabinet de netto
opbrengst van de maatregel goed in kaart zou willen brengen en daarna ons zou
willen melden of het wijs is om deze voorziening al per 1 januari 2012 ten grave
te dragen of nog even te laten voortbestaan. Het blijft namelijk belangrijk, dat
het kunstvakonderwijs de studenten  leert om de arbeidsmarkt goed te kunnen
betreden na het behalen van het diploma. Daar schort het nu nog aan en daardoor
zouden mensen zonder de WWIK na hun kunstopleiding in de bijstand terecht komen,
die overigens een stuk duurder is.

Voorzitter, de staatssecretaris stelt voor, de erfgoedinstellingen uit de
wind te houden als het om bezuinigen gaat, maar hij maakt daarop een
uitzondering en dat zijn de regionale historische centra. Het budget hiervoor
wordt gedecentraliseerd, maar tegelijkertijd met 25 procent gekort. We hebben
inmiddels begrepen, dat die centra dan onmogelijk kunnen voorbestaan, vooral
omdat ze veelal in prachtige historische panden zitten, die in de exploitatie
duur zijn. Verder is er nog een punt van aandacht rond de BRIM-regeling voor de
historische buitenplaatsen, die is overgenomen van LNV en waarvan de uitvoering
veel problemen oplevert. Kan de staatssecretaris daar op korte termijn
verbetering in brengen?

Voorzitter op de 200 miljoen ga ik nu niet verder in, want als je die
bezuiniging goed tot je laat doordringen en je beseft dat die bezuiniging vooral
op de podiumkunsten moet worden gevonden, dan snap je ook dat dat het einde
betekent van veel muziek, dans en theatergezelschappen. Als je daar dan ook nog
de partiële opheffing van het Muziekcentrum van de Omroep bijtelt, dat gelukkig
in tweede instantie nog 35 procent van de subsidie overhoudt, dan besef je dat
bijna de helft van onze orkesten zal verdwijnen. De bezuinigingen die gemeenten
en provincies afkondigen, zorgen er in het verlengde voor, dat de exploitatie-
en de programmeringsubsidies van al die podia in het land worden gemillimeterd,
dus de gezelschappen kunnen niet bij onze medeoverheden terecht. Ik hoop dat er
in iedere regio heel veel potentiële Jopen van de Ende staan te popelen om te
investeren in podia of gezelschappen, maar van de enige echte Joop van de Ende
begrepen we al, dat hij ook niet blij is met de “enthousiasmerende” maatregelen
van dit kabinet t.a.v. het Mecenaat. De enige strohalm in deze is de Geefwet,
die dit kabinet vorm wil geven, maar daar weet nog niemand het fijne van.

Voorzitter, ik ben geen zwartgallig typje, maar dat zou je van dit beleid wel
worden. Ik vind dat ik daarom positief moet uitswingen en dat doe ik tweeërlei:
ik heb 2 mooie voorbeelden gevonden van kunst en cultuur voor alle mensen in
Nederland. De ene is het “leerorkest” en wat zou het mooi zijn als heel veel
kinderen van ouders met kleine portemonnees een instrument zouden kunnen krijgen
en bespelen. De PvdA blijft natuurlijk pal staan voor amateurkunst en
cultuurparticipatie. Dat moeten we samen blijven doen met gemeenten en
provincies. Het tweede voorbeeld gaat daar ook over. Het is een project van
Adelheid Rosen. Zij heeft een wijkjury samengesteld van vrouwen uit 12
Amsterdamse wijken, die nooit met toneel in aanraking kwamen, maar nu meewerken
aan de programmering van de Stadsschouwburg en Frascati. Beide voorbeelden
bestaan al, maar verdienen wat mij betreft navolging, want kunst is niet
elitair, is geen franje of slagroom, maar is belangrijk voor ieder mensenleven!