De zus van Troelstra

De zus van Troelstra

De zus van Troelstra
Rika Brok in 1903.

Door De Redactie op 22 juni 2015 Delen  

Veertig jaar lang zette zij zich met hart en ziel in voor de socialistische idealen en voor haar partij, de SDAP. In 1935 moest ze via de krant vernemen dat ze was geroyeerd. Rika Brok-Troelstra, de jongste zus van Pieter Jelles Troelstra (medeoprichter van de SDAP), is daar nooit meer overheen gekomen. Was dat royement wel terecht? Zeventig jaar na Rika’s dood vinden velen in de Drentse PvdA dat de partij iets goed te maken heeft. Historicus Jan de Roos dook in de partijgeschiedenis, bestudeerde de stukken en ging praten met haar biograaf, de familie en andere betrokkenen. Zijn conclusie: het royement was terecht, al liet het partijbestuur destijds wel wat steken vallen.


Een korte versie van dit artikel verscheen in het PvdA-ledenblad Rood, juni 2015.

Met Egbert van der Veen (79), een gepensioneerd omroepjournalist, loop ik op een mooie dag op de Zuiderbegraafplaats in Assen, waar Rika Brok-Troelstra en haar man Klaas, 25 jaar lang Drents gedeputeerde voor de SDAP, in 1944 te ruste werden gelegd. Het graf ligt er mooi bij. ‘Hun leven was werken voor de gemeenschap’, luidt de inscriptie op de grafplaat. We zien een man met zijn paard de akker ploegen, terwijl een vrouw op de achtergrond zaait. ‘Heel treffend’, zegt Van der Veen, die het echtpaar in 2003 fraai portretteerde in de Drentse Volksalmanak. ‘Klaas was namelijk boer van oorsprong en zijn vrouw zaaide inderdaad met hem het socialistische gedachtegoed.’

Egbert van der Veen bij het graf van Klaas en Rika Brok-Troelstra in Assen.

In zijn levensschets brengt Van der Veen de vele verdiensten van het echtpaar voor de socialistische zaak in kaart. Ze waren actief in Friesland, Nunspeet, Den Haag, de IJmond en vooral in Drenthe. Ze maakten onvermoeibaar propaganda voor het socialisme, droegen bij aan de culturele verheffing van arbeiders, waren actief in verenigingen, schreven artikelen in de socialistische pers en bekleedden politieke functies. Het echtpaar Brok -Troelstra liet op die manier ‘een groot aantal vaak indrukwekkende sporen’ achter, aldus Van der Veen. Geen wonder dat Rika en Klaas in de partij veel aanzien genoten.

Sovjet-Unie

Maar dan gaat het mis. Begin jaren dertig raakt Rika, die in haar jonge jaren contacten heeft gehad met vooraanstaande communisten, in de ban van de Sovjet-Unie. Ze leert Russisch en gaat lezingen houden over de communistische heilstaat. In Nederland wordt de totalitaire Sovjet-Unie bejubeld door de CPN, maar verafschuwd door haar eigen SDAP wegens de meedogenloze onderdrukking die er onder dictator Stalin plaatsvindt. Niet alleen de burgerlijke pers, ook de SDAP-bladen berichten regelmatig over de gruwelijkheden die er plaatsvinden. Sociaaldemocratie en communisme zijn water en vuur, weet ook de intelligente zuster van Troelstra. In 1934 nodigt de Vereniging van Vrienden van de Sovjet-Unie (VVSU), een mantelorganisatie van de CPN die voor haar propaganda geld ontvangt uit Moskou, Rika uit om met een delegatie een bezoek te brengen aan de Sovjet-Unie. Haar man Klaas, geen bewonderaar van het Sovjetregime, vindt dat ze best kan gaan, mits ze dat doet als vertegenwoordiger namens de SDAP. Een gesprek hierover met partijvoorzitter Koos Vorrink verloopt onaangenaam. Volgens Rika’s jongste dochter Renschje, die erbij aanwezig is, spreekt Vorrink haar moeder autoritair toe en biedt hij haar niet eens een stoel aan. De partijvoorzitter wijst het verzoek af, maar zou volgens Rika wel hebben gezegd dat ze lid van de SDAP kon blijven, ook als ze na terugkomst op VVSU-bijeenkomsten zou spreken.

Op aandringen van Vorrink publiceert Het Volk, de partijkrant van de SDAP, kort na het gesprek een waarschuwing dat ‘met de meeste gestrengheid zal worden opgetreden’ tegen partijgenoten die zich laten gebruiken voor communistische propaganda. Rika negeert dit signaal en vertrekt op 16 april 1935. Het vier weken durende bezoek aan de Sovjet-Unie omvat excursies naar fabrieken, scholen, consultatiebureaus, bibliotheken, staatslandbouwbedrijven, musea en kerken. Na terugkeer doet zij in een reeks lezingen voor de VVSU, gebundeld in een brochure met de omineuze titel ‘Het wonder in de Sowjet-Unie’, verslag van haar indrukken en ervaringen.

Lofzang

Met verbijstering lees ik het vergeelde boekje bij het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) in Amsterdam. ‘Wij hebben in de Sovjet-Unie geen paradijs gevonden, wat wij ook niet hadden verwacht’, schrijft Rika, ‘maar ook geen hel, zoals sommigen ons hadden voorspeld. Wij hebben gevonden een mensenmaatschappij met al hare gebreken, maar die als één grote gemeenschap streeft naar de bevrediging aller behoeften door gezamenlijke arbeid, in het land met zijn onmetelijke rijkdom, dat in staat is aan al zijn bewoners een menswaardig leven te verzekeren’. Het is de enige relativerende opmerking in het 118 pagina’s tellende relaas, dat één lofzang is op het arbeidersparadijs ‘dat zich ontworsteld heeft aan dat vréselijke kwaad – het kapitalistische stelsel.’

Behalve het boekje is er ook nog een geluidopname bewaard gebleven van een van haar toespraken. Daarin zegt ze: ‘Richt uw ogen naar de Sovjet-Unie. Daar is de grondslag gelegd voor een betere en gelukkige samenleving, het fundament waarop het socialisme kan worden opgebouwd.’ Rika etaleert alle ‘successen‘ van het communisme, maar geen woord over de systematische onderdrukking van de vrijheid van meningsuiting en van iedere vorm van oppositie. En dat terwijl haar jeugdvriendin Henriëtte Roland Holst daar na een reis al in 1927 gewag van had gemaakt. Bij een andere prominente SDAP-vrouw, Heleen Ankersmit, was de bewondering voor de Sovjet-Unie inmiddels ook omgeslagen in teleurstelling en kritiek. Dat miljoenen onschuldige burgers werden vermoord en systematisch jacht werd gemaakt op ‘opposanten’, die in schijnprocessen tot bekentenissen werden gedwongen, moet Rika geweten hebben. Maar ze volhardde in haar adoratie. Vermoedelijk een karakterkwestie. ‘In haar standpunten was ze vasthoudend, sterker: hardnekkig’, aldus haar biograaf Van der Veen. Haar dochter Renschje noemde Rika ‘een vrouw met een vasthoudende aard en een one-tracked-mind’. Ze vond het ‘een beetje overdreven’ dat haar moeder de Sovjet-Unie zo ophemelde.

Werkelijke democratie

De CPN is uiteraard zeer ingenomen met het optreden van Rika. Het communistische dagblad De Tribune buit de bejubeling van de Sovjet-Unie door de zuster van Troelstra propagandistisch uit. De krant opent op 4 juni 1935 met de kop ‘Mw. Brok-Troelstra over de Sovjet-Unie’ en citeert uit een interview dat Rika tijdens haar bezoek aan de Sovjetpers heeft gegeven. Daarin zegt ze: ‘Bij ons bestaat een schijn-democratie en er heerst een dictatuur der bourgeoisie van boven naar beneden toe. In de Sovjet-Unie is het omgekeerd (…) er heerst een werkelijke democratie. Stalin kan niet met Mussolini of Hitler worden vergeleken; hij is de leider van het volk, die door brede massa’s van het volk wordt geëerd en bemind’.

Het SDAP-bestuur bespreekt het optreden van Rika op 15 juni 1935 uitvoerig. De partijbestuursleden komen tot de conclusie dat zij zich heeft laten misbruiken voor ‘de communistische propaganda’, zoals Willem Drees het uitdrukt. Artikel 12 van de partijstatuten maakt het royement mogelijk van ‘verspreide leden, wier gedrag de partij benadeelt’. Op zichzelf is deze bepaling voldoende om haar uit de partij te stoten, al moet nog wel worden uitgelegd waaruit dat benadelen van de partij bestaat. Koos Vorrink stelt voor artikel 12 op te rekken en krijgt daarvoor steun van de andere partijbestuursleden. De formulering wordt: ‘Partijgenoten, die zich er toe lenen op vergaderingen van politiek vijandige partijen of hun mantelorganisaties het woord te voeren, daarmee handelend in strijd met de belangen der partij, (…) worden geroyeerd.’Het door Vorrink ondertekende royementsbesluit wordt niet persoonlijk meegedeeld aan Rika, zij moet het lezen in het Volksblad voor Groningen en Drenthe. Rika is daar boos over. Ze stoort zich ook aan het feit dat het partijbestuur haar niet gehoord heeft en vindt dat zij tegen haar in 1930 overleden broer Pieter Jelles wordt uitgespeeld. Haar grieven verwoordt ze in de brochure Ik vraag uw oordeel, die in de zomer van 1935 verschijnt. Ze is zich er niet van bewust dat ze door haar optreden de partij heeft benadeeld en kan ‘moeilijk berusten in het leed, dat mij [door het royement] wordt aangedaan’. Rika bestrijdt dat ze ‘bekeerd’ of ‘overgelopen’ is en stelt dat ‘voor ons land en volk een andere weg moet worden gevolgd’ dan die van de Sovjet-Unie. Nogmaals onderstreept ze de ‘verworvenheden’ van de socialistische staat, zoals ‘de zorg voor moeder en kind’, het feit dat daar ‘hongersnood voorgoed [is] gebannen’. Tijdens haar ‘prachtige reis’ was ze ‘getroffen door het blijde, onbezorgde uiterlijk der mensen’.

Beroep

Rika tekent beroep aan tegen het royementsbesluit. Ze schrijft: ‘Ik stel er prijs op te verklaren, dat ook al zal de leiding der SDAP mij als een onwaardige uit de partij stoten mijn gevoelens blijven dezelfde – ik ben sociaaldemocraat en voel mij aan de beweging verwant als voorheen’.

De partijraad behandelt het beroep op 15 februari 1936 op een bijeenkomst in Krasnapolsky in Amsterdam. Er zijn 92 leden aanwezig. Rika heeft van tevoren laten weten dat ze haar beroepschrift niet komt toelichten. Partijvoorzitter Vorrink opent de aanval: ‘Een kind wist, laat staan mevrouw Brok, dat zij zich met haar daden tegenover de Partij stelde. Zij wist, dat zij met haar daden de Partij schade berokkende’. Tijdens de uitvoerige discussie in de partijraad is er wat gemor over het oprekken van het royementsartikel. Een enkeling vindt de straf te zwaar. Maar uiteindelijk wordt met 89 stemmen voor en 3 tegen besloten het royement te handhaven. Rika’s echtgenoot Klaas is bij de vergadering aanwezig maar roert zich niet. Hij blijft na het royement van zijn vrouw gewoon lid van de Partijraad.

De vraag blijft waarom Vorrink zich er persoonlijk voor inspande om het royementsartikel op te rekken en haar zo hard aanpakte. Had dat te maken met het feit dat Rika’s broer Pieter Jelles Troelstra zich destijds had verzet tegen de benoeming van Vorrink tot partijvoorzitter? Rika’s dochter Renschje meende dat Vorrink op deze manier een oude rekening wilde vereffenen, zei ze tegen biograaf Egbert van der Veen, maar die heeft hiervoor geen schriftelijk bewijs kunnen vinden.

Gevoelig

Tachtig jaar na dato ligt het royement van Rika Brok-Troelstra bij sommigen, vooral in Drenthe, nog altijd gevoelig. Nadat Egbert van der Veen in 2003 het levensverhaal van Rika en haar man heeft gepubliceerd, komt de Asser ondernemer Nico van der Veen (een achterneef van Egbert) in actie. Hij zorgt er in samenspraak met de PvdA-afdeling Assen voor dat Wouter Bos, in 2006 op verkiezingstournee in de Drentse hoofdstad, oog in oog komt te staan met twee acteurs van toneelgezelschap Spakaat. Zij hebben zich uitgedost als het echtpaar Brok-Troelstra en vragen Bos om het royement van 1935 ongedaan te maken. De partijleider belooft dit te zullen bespreken met het partijbestuur. Als een reactie uitblijft, gaat Sicko Heldoorn, oud-gedeputeerde van Friesland en sinds 2007 burgemeester van Assen, zich met de zaak bemoeien. Hij wil een ‘actiegroep eerherstel Rika Brok-Troelstra’ in het leven roepen. In januari 2010 schrijft Heldoorn een brief aan PvdA-voorzitter Lilianne Ploumen. Hij doet dat mede namens Bertus Mulder (voorzitter van het PvdA-gewest Fryslân), Harm Brouwer (voorzitter van het PvdA-gewest Drenthe) en Ab Doppenberg (voorzitter PvdA-Assen). De brief somt Rika’s vele verdiensten op en vraagt het partijbestuur om ‘rehabilitatie’. ‘Haar royement uit de SDAP – de partij waaraan zij haar leven wijdde – heeft zij altijd als een groot en onterecht leed meegedragen. Dat geldt ook voor haar dochters en kleindochters’. Heldoorn heeft met één van die kleindochters gesproken en vernomen dat zij ‘nog altijd hopen dat hun grootmoeder zal worden gerehabiliteerd.’ ‘Met u willen wij niet verzeild raken in ingewikkelde statutaire kwesties. We willen ook geen excuses over de vraag of de maatregel van toen al dan niet – in die tijd – gerechtvaardigd was. Wij vragen een gebaar van onze Partij nu, dat past bij deze tijd en dat Hendrika Troelstra de plaats in de geschiedenis van onze partij geeft waar deze strijdbare vrouw, die haar tijd ver vooruit was, recht op heeft. De viering van het 150e geboortejaar van Pieter Jelles Troelstra, 20 april 2010, zou hiervoor een geschikte gelegenheid kunnen zijn.’

Publiciteit

Heldoorn wacht het antwoord van het partijbestuur niet af. Hij zoekt de publiciteit en krijgt die ook, maar vermoedelijk niet helemaal tot zijn genoegen. ‘Asser burgemeester pleit voor eerherstel Sovjet-fan’, kopt het Dagblad van het Noorden op 8 januari 2010. De krant schrijft over Troelstra’s zuster: ‘Haar werd verweten dat ze zich door communisten liet gebruiken voor ondermijning van de sociaaldemocratie. Volgens de Noordelijke PvdA-afdelingen maakte Hendrika Brok-Troelstra zich juist sterk voor de democratie en kwam zo op voor de rechten van de vrouw.’

In de Leeuwarder Courant schaart columnist Pieter de Groot zich achter Heldoorns pleidooi voor eerherstel. Als Wouter Bos in de Tweede Kamer ‘warme woorden’ wijdt aan de overleden communist Marcus Bakker, die ‘in zijn hart altijd stalinist is gebleven’, dan kan tegen rehabilitatie van Rika Brok-Troelstra toch ook nauwelijks bezwaar bestaan? Een heel ander geluid komt van de Sneeker historicus Wiebe Dooper. Hij meent, dat Heldoorn en de zijnen blijkbaar van mening zijn dat het partijbestuur het verzoek tot rehabilitatie ‘kritiekloos en klakkeloos’ moet overnemen, zonder dat daar een goede afweging van de historische feiten en omstandigheden aan voorafgaat.

Historisch perspectief

Niesco Dubbelboer, de directeur van het PvdA-partijbureau en zelf Drent van origine, stelt een memo op voor het partijbestuur, waarin hij de feiten op een rij en in historisch perspectief zet. Hij memoreert dat Koos Vorrink ‘niets moest weten van de communisten, maar ook niet van Troelstra, die hem flink had tegengewerkt toen Vorrink actief werd in de SDAP. Het gevoel bestaat dat hij postuum Troelstra wilde treffen door zijn zuster te royeren. Maar de vraag die moet worden meegewogen is hoe Troelstra zelf de verrichtingen van zijn zuster zou hebben beoordeeld.’ Daarover heeft Dubbelboer enkele historici geraadpleegd, onder wie Piet Hagen. Die heeft net een grote biografie over Troelstra voltooid. Dubbelboer: ‘De geraadpleegde historici (…) geven aan dat Troelstra absoluut tegen deze handelwijze van zijn zuster zou zijn geweest. Zijn haat tegen de communisten en de Sovjet-Unie schraagt dit oordeel. We weten natuurlijk niet of hij het royement zou hebben gesteund, want Troelstra overleed in 1930. De biograaf [Hagen] denkt echter dat Troelstra hier vierkant achter zou hebben gestaan.’ Rika Brok zelf meende dat haar broer haar zou hebben gesteund. Het memo noemt vervolgens twee opties. 1. Niet beginnen aan rehabilitatie. 2. Het instellen van een kleine commissie van ‘wijzen’ die het PB over de kwestie adviseert. Het memo erkent dat Rika ontegenzeggelijk veel verdiensten heeft gehad voor de SDAP en de emancipatie van vrouwen, ‘maar haar ongebreidelde steun aan en propagandistische activiteiten voor de Sovjet-Unie rechtvaardigen het besluit destijds om haar te royeren. Vergeet ook niet dat zij vooraf gewaarschuwd was. Hooguit kan men stellen dat het oprekken van het artikel in de SDAP-statuten (…) en deze met terugwerkende kracht op Rika Brok toe te passen discutabel is geweest. Laat de geschiedenis geschiedenis zijn en laten we niet met terugwerkende kracht de in het perspectief van die tijd genomen beslissingen, op gronden die nog steeds als valide erkend moeten worden, herstellen. Het risico bestaat dat het de deur open zet voor anderen die aanspraak menen te mogen maken op eerherstel omdat het door hen als onrecht is ervaren.’

Geen goed idee

Op 1 februari 2010 vergadert het PvdA-bestuur aan de Amsterdamse Herengracht over (onder andere) deze kwestie. ‘Een grote meerderheid van het partijbestuur geeft aan dat zij het geen goed idee vinden om Rika Troelstra te rehabiliteren’, vermelden de notulen. Wel zal in samenwerking met Monika Sie, de directeur van de Wiardi Beckman Stichting, en in overleg met de werkgroep Geschiedenis van de WBS worden gekeken ‘of er mogelijkheden zijn om in een andere vorm aan de gevoelens [van de verzoekers] recht te doen.’

Op 8 februari 2010 berichten Niesco Dubbelboer en Monika Sie namens het partijbestuur aan Heldoorns c.s.: ‘Hoewel u in uw schrijven niet expliciet vraagt om het ongedaan maken van het royement, maar om rehabilitatie, hecht het partijbestuur er toch aan te melden dat van het ongedaan maken van het royement geen sprake kan zijn. De SDAP is de voorganger van de Partij van de Arbeid, maar de huidige partij kan – zelfs als ze het zou willen – officiële besluiten uit het verleden van de SDAP niet ongedaan maken. Uw verzoek luidt om over te gaan tot rehabilitatie: het herstellen van haar eer en goede naam. Het Partijbestuur vindt het evenwel nu niet op zijn weg liggen om tot dergelijk eerherstel over te gaan. Om de afweging te kunnen maken om, en zo ja hoe, over te kunnen gaan tot (een bepaalde mate van) eerherstel, heeft het Partijbestuur de Wiardi Beckman Stichting en meer in het bijzonder de WBS-werkgroep Geschiedenis, gevraagd om aandacht te besteden aan deze kwestie. Het is aan deze werkgroep om te bezien of ze een advies willen schrijven of anderszins tot een oordeel komen en hierover het Partijbestuur wensen te berichten.’

Stilte

Daarna wordt het stil. Van de WBS wordt niets meer vernomen. De kwestie blijft met name Heldoorn dwarszitten. Als ik hem op een burgemeestersbijeenkomst tegenkom, vraagt hij of ik eens in de zaak Rika Brok wil duiken en er in het landelijke PvdA-ledenblad Rood over wil schrijven. Dat wil ik wel. Waarna hij contact zoekt met het Friesch Dagblad (Heldoorn is inmiddels benoemd tot waarnemend burgemeester in de Friese gemeente Dantumadiel) om er op 6 mei 2014 melding van te maken dat de zuster van Troelstra ‘een plek [krijgt] in de partijgeschiedenis van de PvdA.’ Hij heeft zich er inmiddels mee verzoend dat er geen officieel eerherstel komt – aandacht voor de figuur Rika Brok is voldoende. Het liefst op een partijcongres. Dat hij steeds bot ving, verklaart Heldoorn als volgt: ‘Dan viel er bijvoorbeeld weer een kabinet, waardoor het bleef liggen. Het partijbestuur pakte het ook zwaar op. Ze zeiden dat ze de notulen van de SDAP niet konden veranderen. Ik had het woord eerherstel misschien ook niet moeten gebruiken. Deze vrouw moet gewoon terug in de geschiedenis. Het artikel is een mooi begin en wat mij betreft houdt het daar niet mee op.’

Kleindochter

Voorjaar 2015 ontmoet ik Lottie Heyligers (79), een kleindochter van Rika Brok-Troelstra. Ze woont sinds haar 21ste in Canada, maar is nu in Haarlem op familiebezoek bij haar halfzus Rennie (69). In de huiskamer staat een roodbeklede antieke stoel. ‘Die is van Pieter Jelles Troelstra geweest’, zegt Rennie. ‘Te zijner tijd wil ik hem aan een museum schenken.’ De zussen vinden het ‘fantastisch’ dat er na 80 jaar nog belangstelling is voor wat Rika Brok-Troelstra is overkomen. Rennie: ‘Daar zijn we heel blij mee. Mijn zus is er overigens veel meer mee bezig dan ik.’ Lottie beaamt dat. ‘Ik ben er niet emotioneel onder, maar het is wel een heel nare geschiedenis. Mijn oma is groot onrecht aangedaan. Vorrink heeft haar slecht behandeld, dat had ze niet verdiend. Mijn moeder zei altijd dat oma aan een gebroken hart is overleden, als gevolg van het royement. Rika wilde vooral weten hoe de vrouwen in Rusland leefden, daarom is ze erheen gegaan. Ze zag alleen de goede kanten van de Sovjet-Unie, dat klopt. Maar ze heeft nooit de bedoeling gehad met haar optreden de SDAP te schenden.’ Net als haar zus ziet Lottie wel in, dat het royement zich niet laat terugdraaien. ‘Maar het zou wel heel mooi zijn als de PvdA de verdiensten van Rika en Klaas eens onder de aandacht zou brengen, bijvoorbeeld op een congres.’

Rennie en haar halfzus Lottie Heyligers, die in de stoel van Pieter Jelles Troelstra zit.

Luchtige bijeenkomst

In Assen zijn er plannen om binnenkort op een kleine bijeenkomst het echtpaar Brok-Troelstra in het zonnetje te zetten. Initiatiefnemers zijn Dineke Mellink (66), voormalig docente geschiedenis en oud-raads- en Statenlid en oud-Statenlid Ans Groenendaal-Kuipers (72). ‘Het feit dat Rika midden jaren dertig uit de SDAP is gezet, betekent nog niet dat zij niets voor het democratisch socialisme heeft betekend. Dat besluit van weleer moet waarschijnlijk gezien worden binnen de normen en waarden van die tijd. Of wij in de huidige tijd een zelfde beslissing zouden nemen, is dan ook de vraag. Maar voor ons is dit gegeven minder interessant. Het blijft een vrouw die wat betekend heeft en dat zouden we willen belichten. Hetzelfde geldt voor haar man’, schreven beide vrouwen vorig jaar aan gewestvoorzitter Harm Brouwer. ‘Het gaat ons niet om rehabilitatie, maar om te onderstrepen dat Rika veel verdiensten heeft gehad, vooral voor de vrouwenemancipatie’, licht Dineke toe. ‘Je moet de dingen in hun tijd zien. Ik kan me heel goed voorstellen dat er in de partij destijds opwinding ontstond over haar optreden. Misschien had de emotie wel de overhand bij Rika. Je moet je ook realiseren dat ze in de partij in een mannenomgeving opereerde.’ Mellink en Groenendaal willen de te houden bijeenkomst wel een beetje luchtig houden. ‘Misschien iets in de vorm van een toneelstukje of zo. Er is zoveel gedoe en negatiefs in de partij, wij dachten: laten we eens iets positiefs doen.’ Rika’s biograaf Egbert van der Veen vindt het een leuk idee. ‘Ik zal er graag een bijdrage aan leveren.’

Conclusie

Alles afwegende, lijkt het royement van Rika Brok-Troelstra in de tijdsomstandigheden van de jaren dertig mij terecht. Zij heeft zich door haar optreden laten misbruiken voor communistische propagandadoeleinden, en dat mocht haar worden aangerekend, zeker omdat ze van tevoren was gewaarschuwd. De rol van partijvoorzitter Koos Vorrink in deze kwestie is dubieus. Niet alleen behandelde hij Rika Brok-Troelstra onfatsoenlijk, hij speelde ook een veel te dominante rol in de besluitvorming die tot het royement heeft geleid. Dat geldt voor het oprekken van de statuten en voor de manier waarop hij zich mengde in de discussie op de partijraad. Dat het partijbestuur Rika Brok-Troelstra niet persoonlijk op de hoogte stelde van het royement is een pijnlijke fout. Zeker gezien haar lange staat van dienst in de partij had dat moeten gebeuren.

Het partijbestuur is in 2010 mijns inziens zorgvuldig omgegaan met het verzoek tot rehabilitatie van Rika Brok-Troelstra. Argumenten voor en tegen zijn goed gewogen. Terecht heeft het partijbestuur verklaard dat ongedaan maken van het royement niet mogelijk is. Eerherstel kan wel, maar de vraag is of dat wenselijk is. De zware politieke beoordelingsfout die Rika Brok-Troelstra maakte en het feit dat ze ook later hier niet op is teruggekomen, kan en mag niet worden weggepoetst. Tegelijkertijd moet worden erkend dat zij vele verdiensten voor de partij heeft gehad. Het partijbestuur heeft dat ook gedaan. Sinds 2003 is er diverse keren in de publiciteit aandacht geschonken aan Rika Brok-Troelstra. De PvdA zou er goed aan doen dat ook een keer te doen. In het algemeen zou de PvdA meer aandacht moeten besteden aan mensen die in het verleden grote verdiensten voor de partij hebben gehad, niet alleen aan ‘landelijke’ figuren maar ook aan mensen die zich lokaal en provinciaal hebben ingezet. Dat zou kunnen door op elke grote bijeenkomst een korte presentatie te geven.

Klaas Brok (1873-1944) was aanvankelijk landarbeider. Omdat hij actief was in de Sociaaldemocratische Bond, een voorloper van de SDAP, werd hij ontslagen. In zijn omgeving kon hij geen werk meer vinden. Daarom liet hij zich omscholen tot machinist en zocht hij elders werk. In 1907 werd Klaas de eerste sociaaldemocraat in de gemeenteraad van het Noord-Hollandse Velsen, vier jaar later het eerste rode raadslid in Rolde en daarmee ook van Drenthe. Op de fiets ging hij de hele provincie door om lezingen te houden over de sociaaldemocratie. Dat leidde tot de oprichting van partijafdelingen in Rolde, Assen, Schoonoord, Coevorden en Meppel. Hij werd met messen bedreigd en tegenstanders scholden zijn kinderen uit voor ‘vuile rooie rotbrokken’. In 1916 werd Klaas lid van Provinciale Staten van Drenthe en op 1 juli 1919 de eerste socialistische gedeputeerde in deze provincie, een functie die hij tot zijn dood in 1944 zou uitoefenen. Hij was ook lid van de partijraad van de SDAP en redacteur van het Drentsch Volksblad. Samen met zijn vrouw zette hij zich in voor de veenarbeiders, die in diepe armoede leefden. Om hen cultureel te verheffen richtten ze zangkoren, fanfares en toneelclubs op.

Klaas Brok in 1936.

Klaas bleef ook in de Tweede Oorlog aan als dagelijks bestuurder op het provinciehuis. De Duitse bezetter had op al op 1 september 1941 de gemeenteraden en Provinciale Staten naar huis gestuurd. Voor SDAP-voorzitter Koos Vorrink was dat aanleiding om alle gedeputeerden en wethouders op te roepen om op te stappen. Klaas Brok bleef zitten, ook toen de Duitsers in 1943 de NSB’er J.L. Bouma aanstelden als commissaris van de provincie. Misschien omdat hij vreesde dat opstappen zou betekenen dat er ook voor hem als gedeputeerde een nationaalsocialist in de plaats zou komen. In ieder geval was van een ‘foute’ gezindheid bij Klaas geen sprake. De Duitsers plaatsten publicaties van Klaas en Rika op de lijst van verboden boeken. Dat het echtpaar Brok-Troelstra tijdens de oorlogsjaren enkele joodse onderduikers in huis had, spreekt kleindochter Lottie tegen. ‘Mijn moeder had wel onderduikers. Toen ze daarvoor werd gearresteerd, heeft ze de smoes opgehangen dat ze die van haar ouders had overgenomen.’ Klaas Brok overleed op 17 april 1944 aan de gevolgen van rundertuberculose, die hij vermoedelijk op zijn boerderij had opgelopen.

Rika Brok in 1927.

Rika Brok-Troelstra (1867-1944), van beroep huisonderwijzeres en later secretaresse, was een van de eerste vrouwelijke leden van de SDAP. Al vóór haar huwelijk met Klaas maakte ze als gouvernante in Berlijn kennis met socialistische kopstukken Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht. Rika maakte zich sterk voor het vrouwenkiesrecht, goede kinderopvoeding en praktische zaken als de invoering van een gemeentelijke wasinrichting. In 1925 werd ze het eerste vrouwelijke raadslid in de gemeenteraad van Rolde (en daarmee van heel Drenthe), waar ze zich onder meer inzette voor subsidiëring van nijverheidscursussen. In 1927 ging ze met haar man in Assen wonen. Daar richtte ze een afdeling op van het Instituut voor Arbeidersontwikkeling. Ze was betrokken bij de oprichting van een levensmiddelenwinkel van de plaatselijke verbruikscoöperatie en organiseerde huiskamerbijeenkomsten waarin ze vrouwen leerde ‘voor zichzelf op te komen’. Ze schreef artikelen over de schrijnende armoede in de veengebieden en hield lezingen over het vrouwenkiesrecht en over socialistische kinderopvoeding. Rika Brok-Troelstra overleed vier maanden na Klaas.

Meer informatie

http://www.npogeschiedenis.nl/nieuws/2003/februari/Jongste-zus-van-Troelstra.html
http://socialhistory.org/bwsa/biografie/troelstra-h
http://socialhistory.org/bwsa/biografie/brok
Egbert J. van der Veen: ‘Een Drentse gedeputeerde en zijn onafhankelijke vrouw’, in Nieuwe Drentse Volksalmanak, 2003, blz. 51-74.

Delen:

Een verbonden samenleving

Eerlijke spelregels zijn nodig. Zodat grote bedrijven netjes belasting betalen, net als de bakker op de hoek. Zodat we uitbuiting van werknemers aanpakken. En zodat we minder schreeuwen en beter naar elkaar luisteren.

Lees ons verkiezingsprogramma