Datawet voor veiligheid, privacy en werk

Datawet voor veiligheid, privacy en werk

Datawet voor veiligheid, privacy en werk
Foto Flickr / iwinatcookie

Door Jeroen Recourt op 25 november 2014 Delen  

De PvdA wil dat het kabinet aan de slag gaat met een alomvattende wet op het dataverkeer. Deze Datawet moet regelen hoe we de privacy van onze burgers op internet beschermen, helder afbakenen wat de overheid wel en niet mag om cybercrime te bestrijden, en duidelijke regels maken voor bedrijven in de digitale economie. Mijn collega Astrid Oosenbrug en ik dienen hiertoe vandaag
een uitgewerkt voorstel in.

 

Met de Datawet creëren we zekerheid en bescherming voor burgers op internet en kunnen we cybercrime effectiever bestrijden. Tegelijkertijd maken we Nederland een aantrekkelijker vestigingsland voor bedrijven in de interneteconomie. Nederland kan na de Rotterdamse haven en Schiphol een derde, digitale mainport creëren die tienduizenden banen oplevert.

Burgers en bedrijven moeten weten dat hun gegevens in Nederland veilig zijn. Transport, opslag en verwerking van data raakt iedere Nederlander in zijn dagelijks leven. E-mails, sms’jes, maar ook bijvoorbeeld reisgegevens belanden in servers. Die data zijn niet goed beschermd. De huidige wet is ouderwets; het is alsof we met een postkoets de digitale snelweg betreden. Daarom wil de PvdA een Datawet. Een moderne wet die Nederland klaarstoomt voor de toekomst en die ook in de digitale wereld burgers beschermt, cybercriminelen pakt en bedrijven helpt. Met een Datawet geven we vertrouwen én duidelijkheid aan burgers en bedrijven, en kunnen we zorgen dat meer mensen aan het werk kunnen in deze steeds belangrijker wordende tak van de Nederlandse economie.

We hebben ons voorstel uitgewerkt en leggen het tijdens het debat over de begroting Veiligheid en ustitie voor aan het kabinet. De PvdA wil dat het kabinet werk maakt van de Datawet. Als daar heldere wetgeving op komt, gevat in één moderne Datawet, dan is Nederland goed ingespeeld op de toekomst. Bovendien loopt Nederland daarmee voorop in Europa en worden we een aantrekkelijker vestigingsland voor bedrijven in de interneteconomie.

Dit moet wat de PvdA betreft sowieso worden geregeld in de Datawet:

Privacy
– het recht om vergeten te worden.
– een meldplicht van datalekken: zowel van de overheid aan de bron van het datalek, als van de bron aan de overheid.

Toelichting: Onze persoonsgegevens zijn van ons en van niemand anders. Dit uitgangspunt moet neergelegd worden in de Datawet. Zo ook het recht om vergeten te worden. Het niveau van bescherming van persoonsgegevens moet beter aansluiten bij de manier waarop bedrijven op internet werken. Zo beschermen we onze burgers, kunnen zij vertrouwen op in Nederland gehoste data en weten bedrijven waar ze aan toe zijn.

Cybercrime
– duidelijke grenzen aan wat politie en justitie mogen. De overheid mag niet hacken buiten de diepere, anonieme internet-laag (het tor-net) en niet inbreken op hoofd-databestanden.

Toelichting: De politie moet boeven kunnen vangen. Ook als die criminelen gebruik maken van internet. In de Datawet moet worden geregeld hoe de politie dit zo goed mogelijk kan doen. Maar ook waar de grenzen liggen en wie waar verantwoordelijk voor is. Net als in de reële wereld dus. De politie moet als andere instrumenten ontbreken kunnen hacken tegen criminele activiteiten op dat diepe deel van het internet dat niet zomaar vindbaar is via zoekmachines en waar mensen proberen hun identiteit te verbergen: zoals op het tor-net. Kinderporno, drugssmokkel en mensenhandel moeten we ook daar kunnen aanpakken. Niet met een algehele hack-bevoegdheid, maar met een bevoegdheid om te voorkomen dat criminelen zich onaantastbaar wanen door techniek.

De politie moet service-providers kunnen aanspreken, maar niet ingrijpen op de enorme datastromen van het hoofdnetwerk. De Datawet moet hierover duidelijkheid scheppen. Het uitgangspunt is de vrijheid van meningsuiting en de gelijke behandeling van alle data (netneutraliteit). Maar als er dan iets verwijderd moet worden of er medewerking gevraagd wordt bij opsporing dan moeten de procedures helder en zorgvuldig zijn. Van de kant van de overheid moet de samenwerking tussen politie en Openbaar Ministerie zorgen voor een professionele uitvoering, en dat mogen we ook van de internetsector verwachten. Als ontdekt wordt dat een Nederlands internetbedrijf zuiver technisch meehelpt aan de verspreiding van bijvoorbeeld kinderporno, zonder dat het zich hier van bewust was, dan mag verwacht worden dat ze onmiddellijk meehelpen om deze informatie niet verder te verspreiden en gegevens aanleveren voor de opsporing. In zulke gevallen hoeft het internetbedrijf niet te vrezen voor vervolging.

Overheid en providers
– De overheid moet van een provider kunnen eisen om content (zoals kinderporno) te verwijderen, ookal is de provider niet verantwoordelijk voor de inhoud.
– Zowel de overheid als providers moeten in één loket verenigd zijn zodat er snel gehandeld kan worden bij het verwijderen van content.

Werk
Het potentieel van de Nederlandse digitale economie is gigantisch. Nederland is het op een na grootste internetknooppunt van de wereld en nu al biedt de interneteconomie werk aan 140.000 mensen. Recent heeft Google besloten een groot datacentrum in de Eemshaven te bouwen. Werkgelegenheid in een kwetsbare regio. Dat vinden we als PvdA heel belangrijk. Werk voor inkomen, voor ontwikkeling, voor zekerheid.

Na de Rotterdamse haven en Schiphol is Nederland groot in het doorgeven en opslaan van data. Big data, big business. Want met de dataopslag ontstaat er werk in de dataverwerking, game- industrie, dienstverlening etc. Allemaal hoogwaardige banen. Deze trend moeten we benutten. Laten we onze wetgeving transparant en toekomstgericht maken, zodat bedrijven weten waar ze aan toe zijn en met dit vertrouwen sneller voor Nederland als vestigingsland zullen kiezen. Want er zijn kapers op de kust: meer landen zien de enorme potentie van deze industrie.