Column op Thomas von der Dunk op manifestatie ‘Een nieuw jaar, een ander Nederland’

Column op Thomas von der Dunk op manifestatie ‘Een nieuw jaar, een ander Nederland’

Door De Redactie op 19 januari 2011 Delen  

Wij worden thans geconfronteerd met het meest schunnige kabinetsbeleid ooit.
Het kabinet regeert samen met een partij die groot is geworden door het uitbaten
van de wrok in delen van de samenleving, en zal door zijn eigen beleid die wrok
alleen maar verder versterken. Want voor de reële zorgen van de mensen met de
meeste problemen biedt het geen oplossing, integendeel. De zogeheten
moderniseringsverliezers, die zowel de sociaal-economische als de
sociaal-culturele prijs van de privatisering en globalisering hebben betaald,
zullen alleen nog verder verliezen.

De vorm van ultrakapitalistische grenzeloosheid die het kabinet propageert,
betekent dat de directeur onder verwijzing naar de Amerikaanse concurrentie nog
meer kan verdienen, en de monteur het van hem, onder verwijzing naar de Albanese
concurrentie, maar met wat minder moet doen. Niet toevallig was de Top 2000 van
De Volkskrant eigenlijk best tevreden: geen ‘linkse elite’, maar een rechts
establishment dat erin geslaagd is de miljardenbezuinigingen bij alle anderen
neer te leggen, bij de modale burger, bovenal een onevenredig deel bij de
onderkant. En de bankier, hij graaide voort.

‘De markt’ is nu een onverbloemd excuus voor egoïsme geworden -de VVD heeft
zich tegen een fatsoenlijk arbeidscontract voor postbodes gekeerd, omdat Ton
Elias anders vijf cent meer voor zijn postzegels neertellen moet. Minder dan
fatsoenlijk voor arbeid te hoeven betalen door mensen letterlijk harder te laten
hollen, heet in de neoliberale newspeak namelijk ‘innovatie van het
productieproces’. Onder het mom van zelfredzaamheid wordt derhalve de Wajong
afgebroken, want die mensen kunnen best zelf werken, aldus Rutte en Co.
Inderdaad: ze kunnen zeker werken. Alleen komen ze nooit op de markt aan de bak,
omdat de individuele werkgever altijd de voorkeur geeft aan mensen die voor 120%
inzetbaar zijn – desnoods haalt hij ze uit het buitenland.

Over de openlijke desinteresse voor cultuur en natuur door
staatssecretarissen die nog nooit een serieus boek hebben gelezen c.q. als
buikspreekpop van industrieboeren fungeren zullen we maar zwijgen. Wel hebben we
nu met veel bombarie een aparte cavia-politie gekregen om Poesjes-in-Nood te
redden – maar over de intensieve veehouderij geen woord, want dan gaat de
Heilige Kiloknaller van Henk en Ingrid er aan. Het met niet minder bombarie
aangekondigde veiligheidsbeleid voor mensen beperkt zich tot drieduizend extra
agenten die we al hadden en het recht er bij gebrek aan extra agenten zelf op
los te meppen. Het enige dat dit o zo daadkrachtige kabinet tot dusver verder
heeft geregeld, is dat we nu weer ongeremd mogen racen en paffen. Wat dat
betreft doet nicotinelobbyist Hans Hillen inderdaad netjes zijn werk.

Op eigen benen staan, weg met de subsidieverslaving: dat geldt bij dit
kabinet voor iedereen, behalve voor de bovenlaag. Want de belangrijkste vorm van
subsidieverslaving, de miljonairsvillaubsidie, blijft onbeperkt bestaan. Zelfs
erover spreken is taboe zie de reactie op wensen van de Tweede Kamer, zie ook
het jongste stuk van de VVD onder de titel Eerlijk is Eerlijk (over
taalvervuiling gesproken): het gaat over alles, behalve over dit. En wie weet
wat dat kost weet ook dat als men hier de miljarden zou zoeken die nu door
andere sectoren moeten worden opgehoest, de bezuinigingen elders heel wat minder
desastreus zouden uitvallen -van orkesten tot omroepbestel. Dat niet te doen is
een politieke keuze, gebaseerd op de onaantastbaarverklaring van de meest
perverse rechtse hobby die deze coalitie kent.

Hier ligt ook voor links een taak: om er op te blijven hameren dat, bij
gebrek aan personeel door de komende bezuinigingen, bejaarden minder goed
verpleegd en kinderen minder goed onderwezen zullen worden, omdat Rutte te laf
is voor een bescheiden solidariteitsbijdrage bij Rijkman Groenink langs te gaan.
En u weet wat zijn ABN-AMRO-avontuur, waar hij zelf meer dan twintig miljoen aan
heeft overgehouden, de belastingbetaler die via Wouter Bos zijn bank moest
redden, aan miljarden heeft gekost.

Dat Rutte met dit alles tot dusver wegkomt, zelfs tamelijk populair is, en de
kiezer nog niet wakker is geschud, is ook te danken aan zijn voorganger. Na
Balkenende lijkt alles als snel een verademing -maar in feite is hij veel erger.
Balkenende had tenminste nog zelf ideeën, alleen waren die door zijn gebrekkige
formuleringen niet te volgen. Rutte weet zijn totale gebrek daaraan met heldere
formuleringen te maskeren -en daar tippelt de pers dus natiebreed in. Het komt
in de loop van een mensenleven weinig voor dat Arend-Jan Boekestijn gelijk
heeft, maar eenmaal had hij het: toen hij zich precies dát op tv tegenover
Maarten van Rossem liet ontvallen, niet wetend dat diens microfoon nog niet was
uitgezet. Rutte is geen minder lege huls dan zijn collega’s van de Duitse FDP en
de Britse LibDems, Guido Westerwelle en Nick Clegg, die na hun eerdere
electorale triomf inmiddels zijn aangeland aan de rand van een onpeilbaar diep
eclectoraal ravijn.

Bij beide heren steekt Rutte bovendien in één opzicht zeer negatief af, en
dat zou de hele oppositie bij alle interne verschillen, op één punt moeten
binden, ook en juist als het gaat om een perspectief van een ‘ander Nederland’:
dat betreft de uit opportunistische motieven voor onproblematisch verklaarde
samenwerking met de PVV. Die gaat zelfs zover dat er een oproep ligt om in elk
geval VVD, PVV of CDA te stemmen: het doet er niet toe wat. Kunt U zich
voorstellen dat Guy Verhofstadt zou zeggen: ach, een stem op Filip Dewinter is
ook wel OK?

Dat betreft daarmee bovenal de huidige premier en zijn partij, die – anders
dan het CDA – elke interne discussie daarover doelbewust uit de weg is gegaan,
en zich daarmee, juist gemeten aan een daadwerkelijk liberaal mensbeeld, heeft
geopenbaard als een geestelijke woestenij. Wie gedurende alle maanden van de
formatie op geen enkel moment er blijk van heeft gegeven dat er een probleem zou
kúnnen zijn – ik formuleer het voorzichtig – met samenwerking met een ‘partij’
die niet alleen dictatoriaal georganiseerd en op schimmige wijze gefinancierd
wordt, maar ook een miljoen ingezetenen van dit land tot tweederangsburgers wil
maken, die zo’n club zelfs als heel normaal en volwassen bestempelt, alsof hij
een autoritair leidersbeginsel ook met het liberalisme in overeenstemming acht,
zo iemand is het hoge ambt van minis¬ter-president intellectueel,
karakterologisch en moreel onwaardig, en daarmee in die rol ongeloofwaardig.

Om één concreet voorbeeld te noemen: Rutte stelt de verhuftering tegen te
willen gaan. Zijn kabinet stoelt evenwel op een Kamermeerderheid van één hufter
– en wel de grootste die ooit in het parlement heeft gezeten, maar mag blijven
zitten omdat de coalitie te laf is hem aan te pakken omdat zij anders haar
meer¬derheid kwijt zou hebben. En Rutte verklaart dat voor geen probleem. Het is
tekenend voor het gebrek aan totale beginselloosheid van deze coalitie, zoals
die verder nog het meest wordt belichaamd door Gerd Leers, die nu genoodzaakt is
om Wilders – ooit door hem als de aartsvader van de vuilspuiterij betiteld – als
een constructieve kracht te beschouwen, en zo van een gerespecteerde
burgemeester verworden is tot een clown in een tragicomedie die hijzelf niet
meer snapt.

Er worden de laatste tijd regelmatig vergelijkingen met het verleden
getrokken, soms gelukkige, soms minder gelukkige. Maar één parallel is evident:
het gemak waarmee opnieuw ter rechterzijde uit politiek opportunistische en
economisch zelfzuchtige motieven normen opzij worden geschoven en dingen plots
aanvaardbaar heten die even eerder nog als onfatsoenlijk werden beschouwd. Niet
alleen Leers verkondigt nu meningen, die hij een jaar geleden nog ondenkbaar had
geacht, en waarop hij over tien jaar, als we ook Wilders hebben overleefd, vol
schaamte zal terugkijken. Op het fameuze CDA-congres van afgelopen najaar kon
ik, gewoon op karakterologische gronden, overigens bijna feilloos voorspellen
wie standvastig tegen zou blijven, en wie door de mand zouden vallen: Elco
Brinkman, Hans Hillen, Jaap de Hoop Scheffer natuurlijk, Camiel Eurlings. En
Maxime Verhagen, maar daar was allang geen mand meer voorhanden waardoor hij nog
vallen kon.

Hierin, in het opkomen voor de geest van de rechtsstaat, ligt een belangrijke
taak voor links: het hooghouden van een elementaire vorm van politiek en
maatschappelijk fatsoen. Ik zeg nadrukkelijk: de geest van de rechtstaat, want
in de wetgeving zal deze coalitie niet zo gek veel onheil kunnen aanrichten,
daar steekt Europa dan wel een stokje voor. Maar wel kan het gifgas dat nu door
de Bosma’s de samenleving wordt ingeblazen, en door Ruttes opmerkingen over een
‘normale, volwassen partij’ de facto wordt gelegitimeerd, voor veel onheil
zorgen als het gaat om de maatschappelijke samenhang in dit land.

Die samenhang staat, en daar ligt de tweede opgave van links, door het
neoliberale ieder-voor-zich dat ook dit kabinet weer uitdraagt, sowieso verder
onder druk. Miljoenen burgers zijn de vermarkting, de privatisering, de afbraak
van collectieve instituties zat. Waar zij op wachten is op partijen ter
linkerzijde die de moed hebben dat ook eenduidig zo te verwoorden, en zich
vooral niet te late intimideren door rechts. Intimidatie in tweeërlei opzicht:
ideologisch en politiek.

Ideologisch door hantering van het TINA-argument: There is no alternative.
Dat is er uiteraard wel – deels via Europa. Ik verwijs hier graag naar het
voortreffelijke stuk van Abram de Swaan in de NRC van 20 november, waarin hij
duidelijk maakt hoezeer de belastingen door gewone burgers en bedrijven betaald
worden, en de bovenlaag zich daaraan internationaal weet te onttrekken door land
tegen land uit te spelen: als men in Den Haag naar de bonus wijst, dreigt men
het hoofdkantoor naar Londen te verplaatsen, terwijl men in Londen tegelijk het
omgekeerde doet. Het meest schaamte¬lo¬ze voorbeeld vormt recent het optreden
van MAFIFA-chef Sepp Blatter, die zelfs strafrechtelijke immuniteit verlangde –
en ook in dat geval bleek Rutte gewillig, want over geen enkele morele
ruggegraat te beschikken.

De politieke intimidatie behelst rechtse dreigementen dat links als het zich
niet ‘realistisch’ opstelt – wil zeggen: zonder voorbehoud bij het rechtse
kruisje tekent – zichzelf isoleert: het mag dan niet meedoen. Maar heb geen
illusie: rechts regeert altijd het liefste over rechts, desnoods met
ultrarechts, zoals nu. Met links regeert het alleen als er geen werkbare rechtse
meerderheid is. En dan zal het er alles aan doen om, met een beroep op
‘verantwoordelijkheid nemen’, slechts één, en een zo klein mogelijke linkse
partij mee te laten doen, zodat die zo min mogelijk invloed kan uitoefenen,
onder het motto verdeel-en-heers.

Dat valt alleen te voorkomen als links op de meest cruciale momenten
gezamenlijk durft op te trekken en zich niet, teneinde niet ‘onverantwoordelijk’
te lijken, uit elkaar spelen en met mooie beloften lijmen laat die uiteindelijk
toch niet worden ingelost – van algemene kabinetsformaties tot heel specifieke
expedities in Afghanistan.

Delen: