Besluit Uruzgan moet bevolking dienen

Besluit Uruzgan moet bevolking dienen

Onder het motto ‘onafhankelijk en vrij, maar niet over de partij’ worden op
PvdA.nl regelmatig columns gepubliceerd. Film- en opiniemaker
Eddy
Terstall
is een van de vaste columnisten. Dit keer schrijft hij over het
besluit of de missie moet worden voortgezet en zo ja, in welke vorm. ‘Militair
ingrijpen is iets waar je heel zuinig en afgewogen mee moet omgaan. Niet alleen
stuur je Nederlands militair personeel naar gevaarlijke gebieden, maar als je
soldaten stuurt naar vreemde bodem brengt dat buitengewone verantwoordelijkheden
met zich mee. Je komt van elders. Dat is iets dat je nooit mag vergeten. Je kunt
daar alleen maar naar eer en geweten zijn wanneer je aanwezigheid ook, en in
eerste instantie, de lokale bevolking dient.’

‘Ook is het belangrijk dat de besluitvorming rondom het uitsturen van
militairen transparant is, dat de missie op juiste gronden is en dat de missie
een duidelijk doel heeft. Het is daarom belangrijk dat het veel bediscussieerde
besluit om troepen naar Irak te sturen wordt afgesloten met een heldere
uiteenzetting van alle stadia van de besluitvorming.

Maar Irak is geweest. Hoe zeer het ook belangrijk is om duidelijkheid over
het hoe en waarom te verschaffen, er dient zich een nieuw cruciaal dilemma aan:
Afghanistan. Onze aanwezigheid in de brandbare provincie Uruzgan. De
instapsituatie was anders dan bij Irak. Waren bij de besluitvorming rond Irak de
bewijsvoering en het volkenrechtelijke aspect onderwerp tot veel discussie, wat
betreft Afghanistan lag de zaak eenvoudiger. Irak had een dictatoriale regering.
Afghanistan had géén regering maar werd openlijk gerund door een groep
internationale terroristen die de lokale Taliban als handlangers hadden. Vanuit
dit niemandland werden aanslagen gepland in de rest van de wereld, zo heette het
dan.

Maar niemandsland bestaat niet. In Afghanistan was weliswaar geen regering
maar wel een bevolking. Een bevolking die decennia lang geen normale situatie
heeft gekend. Eerst de Russische bezetting, vervolgens de burgeroorlog met de
terreur van de Taliban en losgeslagen krijgheren en dan nog eens de oorlog
tussen de Nato met de Noordelijke aliantie tegen de internationale jihadisten en
de Taliban waarbij ook weer vele burgerslachtoffers vielen. Tel daarbij op de
enorme armoede, het heroïneprobleem en de cultureel en religieus bepaalde
onderdrukking van de vrouw en je zult begrijpen dat de menselijke soort  in een
groot deel van Afghanistan decennia lang in een hel heeft geleefd.

Ook Uruzgan is een gebied waar de mensen eindelijk eens een keer recht zouden
hebben op een beetje hoop op een normaler bestaan. Binnenkort moeten we gaan
besluiten of de missie wordt voortgezet. Wat er ook besloten wordt; laat het
besluit in eerste instantie in het voordeel van de mensen daar uit pakken. Voor
politiek opportunisme is dit te belangrijk. Door gewapend een land binnen te
stappen laad je een onmetelijke verantwoordelijkheid op je. Peilingen in
Nederland mogen niet in beslissende mate doorslaggevend zijn voor de beslissing.

Nederland heeft in Uruzgan goed werk geleverd. De verhouding met de bevolking
is relatief goed en de Nederlandse aanpak wordt geprezen. Niet alleen om ons te
paaien of om ons over te halen maar de humane benadering is moreel en praktisch
de juiste. Nederland kent de provincie en de bevolking is gewend aan de
Nederlanders.

We moeten ons echt af vragen of de bevolking gebaat is bij de vervanging van
Nederlandse troepen door troepen met een andere, wellicht wat bottere aanpak. Is
het in het belang van de bevolking dat er troepen komen die de regio minder goed
kennen en er misschien andere maatstaven op na houden daar waar het de omgang
met de lokale bevolking betreft? Is onze missie uitzichtloos? Dat is een
belangrijke vraag om te stellen. Maar het is minstens zo’n belangrijke vraag om
te stellen: is er uitzicht voor de bevolking van Uruzgan? En verbetert of
verslechtert dat uitzicht als de Nederlanders blijven? Die open vraag moeten we
durven stellen.

Argumenten als dat de positie van Nederland in het internationale
geo-politieke veld zou verslechteren bij een aftocht, zijn wat mij betreft
secundair. Het belang van de bevolking staat voorop. Dat is onvermijdelijk
wanneer je als troepenmacht uit den vreemde een ander land betreedt.

Het enige dat ik vraag is dat we bij welk besluit we ook nemen dat we dat
principe als uitgangspunt nemen. Wat is het beste voor de bevolking van Uruzgan?
Elke beslissing met die insteek zal een beslissing zijn die naar eer en geweten
is genomen. Is dat blijven? Is dat vertrekken? Is dat een instructeurfunctie? Is
dat een nog uit te dokteren alternatief? De technische opties laat ik even
buiten beschouwing.

Maar het belangrijkste is dit besef: beslissingen waarbij electorale
overwegingen een te grote rol spelen kunnen we ons in moreel opzicht niet
veroorloven.’

Delen: