BUMA is gek geworden

BUMA is gek geworden

Door Martijn van Dam op 7 oktober 2009 Delen  

Eigenlijk dacht ik aan een goede grap. Het bleek een slechte. BUMA wil geld
eisen van iedereen die een filmpje van YouTube op zijn site opneemt, als daar
muziek in zit. Zijn ze echt gek geworden of zijn het de laatste stuiptrekkingen
van de ouderwetse muzieksector?

Het auteursrecht kent al bijna honderd jaar een balans tussen particulier
intelllectueel eigendom en publiek bezit. Als je muziek hebt geschreven of
gemaakt, dan kun je mensen niet verhinderen om die muziek zelf te zingen, te
fluiten of te spelen. Bijvoorbeeld thuis of op straat. Elk creatief werk is dus
deels publiek bezit. Optreden en er geld mee verdienen mag echter niet. Want het
intellectueel eigendom geeft je als maker het recht te bepalen wat er met je
werk in het openbaar gebeurt.

Met de komst van internet is de grens tussen privé-gebruik en openbaar
gebruik echter lang niet meer zo duidelijk als vroeger. Net zoals het recht dat
je hebt om een kopietje van muziek of een film te maken voor eigen gebruik in
een internetomgeving ineens een veel bredere werking kreeg (het geeft je het
recht om te downloaden).

De consequentie van dit alles is dat de oude regels en de oude business
modellen niet meer functioneren. Muziek is door de technische ontwikkeling
minder waard geworden. Het is minder schaars en makkelijker te verveelvoudigen
en distribueren. De economische theorie is simpel en hard: je product verliest
waarde.

Desondanks heeft vooral de muzieksector geprobeerd vast te houden aan een oud
business model waarbij geld moet worden verdiend aan het verkopen van muziek aan
consumenten. Dat lukt natuurlijk steeds slechter. Dus wat ga je dan doen? Kijken
hoe je op basis van de bestaande regels meer geld kunt verdienen. Daarom eist de
muziekindustrie dat er een extra heffing komt op mp3-spelers, mobiele telefoons
en harddiskrecorders. En BUMA heeft nu bedacht dat je iedere Hyver wel geld uit
de zak kunt kloppen. Als je namelijk een YouTube-filmpje op je site publiceert
waar achtergrondmuziek in zit, schend je wellicht het auteursrecht en in dat
geval moet je daarvoor betalen. BUMA is natuurlijk gek geworden en etaleert nog
in het stenen tijdperk te verkeren. Als je een rekening krijgt, zou ik ‘m
overigens vooral niet betalen. BUMA moet maar eens bij de rechter aantonen dat
er wettelijke grond is om geld voor een YouTube-filmpje te vragen.

Toch is het probleem fundamenteler dan dat. De muziekindustrie wil zijn oude
verdienmodellen nog steeds niet loslaten en probeert het inkomstenverlies te
compenseren door op basis van bestaande regels consumenten en niet-commerciële
gebruikers van muziek geld af te troggelen.

De politiek mag dat niet laten gebeuren. Ten eerste moet de wet
gemoderniseerd worden, liefst op Europees niveau. Je kunt in dit tijdperk niet
meer volhouden dat elk gebruik van muziek een schending van het auteursrecht is.
Het plaatsen van een YouTube-filmpje op je blog is vergelijkbaar met het zelf op
straat zingen of fluiten van een liedje. Het uitwisselen van muziek en films
valt niet te bestrijden, dus moet je niet steeds verdergaande privacyingrepen
presenteren om dat toch te proberen. Voor het handhaven van het auteursrecht
kunnen we geen politiestaat creëren waarbij alles wat je op internet doet, wordt
gecontroleerd. Ten tweede moeten de zogenaamde ‘Collectieve BeheersOrganisaties’
zoas BUMA, Stemra of Sena aangepakt worden. Het zijn eigen koninkrijkjes die
zich van niemand iets aantrekken. Die tijd is volgens mij voorbij. Het is dan
aan de muziekindustrie zelf om met zijn tijd mee te gaan en nieuwe
verdienmodellen te ontwikkelen.

Update

Auteursrechtenorganisatie Buma/Stemra heeft inmiddels aangegeven toch geen
muziekrechten te gaan innen van fragmenten die op sociale netwerken als Hyves en
Facebook staan. 

Delen: