Bijdrage Job Cohen aan debat over onderzoek naar minderheidskabinet

Bijdrage Job Cohen aan debat over onderzoek naar minderheidskabinet

Door De Redactie op 4 augustus 2010 Delen  

‘Een zeer bijzonder kabinet met wankele steun in het parlement. En dat in een
tijd van crisis. Zal een dergelijk kabinet voldoende steun in de samenleving
ontmoeten om de in zijn ogen noodzakelijke maatregelen succesvol ten uitvoer te
brengen? Wie geen lastenverzwaring wil, van de hypotheekrenteaftrek afblijft,
geen kilometerheffing wil invoeren en 18 miljard op de rijksuitgaven wil
bezuinigen, zal burgers confronteren met grote ingrepen in de zorg, in de
sociale zekerheid en op het loonfront. Dat wordt hard, rechts beleid.

Het kan anders. Niemand hoeft te regeren met de PVV, er zijn ook andere
mogelijkheden, hoe ingewikkeld deze verkiezingsuitslag ook is. De Partij van de
Arbeid is daarvoor beschikbaar.’

Dat zei Job Cohen in het debat met informateur Ruud Lubbers over het
onderzoek naar een minderheidskabinet van VVD en CDA met gedoogsteun van de PVV.

Klik op lees verder voor de volledige spreektekst van Job Cohen.

4 augustus 2010
Gesproken woord geldt.

Voorzitter,
Nederland staat voor ongekend zware beslissingen op het gebied van de
overheidsfinanciën, onze wijze van samenleven en onze democratie. Daarom is er
juist nu behoefte aan een stabiele coalitie die draagvlak kan creëren voor die
moeilijke beslissingen die een aanstaand kabinet zal moeten nemen.

Het is om deze reden dat ik teleurgesteld ben dat de onderhandelingen over
Paars Plus stukliepen. PaarsPlus had een kabinet kunnen worden waarin
noodzakelijke bezuinigingen hand in hand zouden gaan met aansprekende
hervormingen en belangrijke investeringen. Het boven de markt hangen van de
eerste voorkeursoptie van de VVD – een rechts kabinet – en de piketpalen van de
VVD maakten dit onmogelijk.

Die eerste voorkeursoptie moest, na het mislukken van PaarsPlus, dus eerst
grondig onderzocht worden. Dat is de reden dat mijn fractie daartoe geadviseerd
heeft, uiteraard in het volle besef dat dat onderzoek daadwerkelijk zou kunnen 
leiden tot een akkoord. Dat was geen gok, nee, dat was noodzaak. Wie nu de
informateur hoort praten over de ferme wil van de drie onderhandelaars om tot
een resultaat te komen en over match-maker Rutte, die, zo lees ik vandaag in de
Volkskrant, tijdens de onderhandelingen over PaarsPlus al overlegde met de heer
Verhagen, begrijpt dat des te beter. Maar mijn fractie ging ervan uit dat
gegeven de opdracht aan informateur Lubbers, omgezien zou worden naar een gewoon
meerderheidskabinet, en niet naar een minderheidsvariant of een bijzondere
meerderheidsvariant. Ons wordt verteld dat de zorg om de grondrechten zo groot
was bij het CDA, dat een gewoon meerderheidskabinet met de PVV er niet in zit.
Dus moest worden omgezien naar een andere variant, om dat blijkbaar al lang
beoogde doel: een rechts kabinet, te realiseren. Maar wat is dat voor een
bizarre schone handen redenering? Als je zulke grote politieke en
rechtstatelijke bezwaren hebt dat je niet met ministers van de PVV in één
kabinet wilt zitten, maar je laat je politiek wel in stand houden als kabinet
door dezelfde partij, dan zeg je het één maar je doet iets anders. Het is
Jacob’s stem, maar het zijn Esau’s handen. Om een bord linzen. Om de macht.

Dat leidt tot mijn eerste vragen aan de heer Lubbers – die ik dank zeg voor
zijn inspanningen: waarom heeft hij, ondanks zijn opdracht, gelegenheid geboden
tot het onderzoeken van een minderheidsvariant? En hoe beoordeelt hij nu het
resultaat: karakteriseert hij dit nu inderdaad als een bijzonder
minderheidskabinet of toch een bijzonder meerderheidskabinet?
Wat daarvan zij, de PvdA-fractie vindt een kabinet van PVV, CDA en VVD waarover
nu onderhandeld gaat worden instabiel en ongewenst. Instabiel, omdat het niet
rust op een stabiele meerderheid in de Staten Generaal. Ongewenst, omdat dit
mogelijke kabinet niet alleen garant zal staan voor een hard en kil
saneringsbeleid. En nu al blijkt dat de partijen het niet zo nauw nemen met de
verdediging van de principiële en rechtstatelijke beginselen die het fundament
van onze samenleving vormen. Daarmee dreigt het gevaar van een samenleving
waarin verschillende groepen tegenover elkaar komen te staan in plaats van
gezamenlijk de uitdagingen tegemoet treden.

De heer Wilders heeft de VVD en het CDA zover gekregen dat zij zijn visie op
de islam als politieke ideologie en de ongelijke behandeling van verschillende
groepen Nederlanders accepteren. Op het moment dat fundamentele en
rechtstatelijke beginselen in het geding zijn, wordt volstaan met een simpel
‘agree to disagree’. Ik bezie dat met stijgende verbazing en ongerustheid en
maak me grote zorgen over de gevolgen hiervan voor de Nederlandse samenleving. 
Ik maak me zorgen over al die Nederlanders die nu eens te meer het gevoel
krijgen dat hun rechten minder waard zijn dan die van anderen.

Met name de positie van het CDA hierin roept vele vragen op. Feit is dat het
CDA slechts enkele weken nodig heeft gehad om de rol van bescheiden verliezer
die niet tot een kabinet toetreedt in te ruilen voor de rol van ‘kingmaker’ van
Geert Wilders. In het Kamerdebat werd nog een eisenlijst aan de PVV op het
gebied van de rechtstaat gepresenteerd. De heer Verhagen stelde in het vorige
Kamerdebat nadrukkelijk de voorwaarde dat, voorafgaande aan onderhandelingen,
afstand moest worden genomen van eerdere PVV-standpunten, zoals etnische
registratie, kopvoddentaks en een koranverbod. Maar de uitkomst is dat het CDA
simpelweg accepteert dat de PVV deze standpunten gewoon zal blijven verkondigen
en tegelijkertijd onmisbare steunpilaar voor de nieuwe regering is.  En dat, ook
volgens het CDA, op zulke principiële punten, principiële punten, waarover het
overigens bij de VVD muisstil blijft.

Van de heer Verhagen zou ik dan ook erg graag willen weten wat er met deze
voorwaarden-vooraf is gebeurd?

Voorzitter,
Ik hoop dat het CDA zich terdege realiseert wat dit “bijzondere
minderheidskabinet”  betekent. Het laat zijn nieuwe partner alle ruimte om zijn
discriminerende standpunten te blijven verkondigen. Het moet bij elk belangrijke
kabinetsbesluit met de pet in de hand bij hem langs om steun. En tot slot geeft
het hem deze macht zonder dat daar het nemen van verantwoordelijkheid en het
afleggen van verantwoording tegenover staat. Als het fout gaat dan zijn het de
bewindslieden van het CDA die in de wind staan en niet die van de heer Wilders.

Uiteindelijk zit de baas straks niet in vak K, maar in vak W. Ik moet de heer
Wilders feliciteren met dit voorlopige resultaat. Hij is de poppenspeler die
Rutte en Verhagen aan een touwtje heeft en achter de schermen straks aan die
touwtjes trekt. Wel de lusten, niet de lasten. Ik begrijp zijn tevredenheid.

Tot slot, voorzitter, roept het verslag van de informateur nog enkele
belangrijke vragen op, ook over het vervolg van deze informatie. De informateur
beschrijft dat hij een verdere werkwijze had uitgewerkt en voorgesteld waarin
hij wilde onderzoeken of de beoogde samenwerking wel zal kunnen leiden tot een
stabiel kabinet. Daaraan, zo gaven de drie fractievoorzitters hem te kennen,
bestond geen behoefte.
Ik vraag hem waarom hadden zij daaraan geen behoefte?
Kan de informateur voor ons nader toelichten waarin zijn zorgen zitten ten
aanzien van de stabiliteit?

Voorzitter,
Ik rond af. Een zeer bijzonder kabinet met wankele steun in het parlement. En
dat in een tijd van crisis. Zal een dergelijk kabinet voldoende steun in de
samenleving ontmoeten om de in zijn ogen noodzakelijke maatregelen succesvol ten
uitvoer te brengen? Wie geen lastenverzwaring wil, van de HRA afblijft en geen
kilometerheffing wil invoeren en 18 miljard op de rijksuitgaven wil bezuinigen,
zal burgers confronteren met grote ingrepen in de zorg, in de sociale zekerheid
en op het loonfront. Dat wordt hard, rechts beleid.

Het kan anders. Niemand hoeft te regeren met de PVV, er zijn ook andere
mogelijkheden, hoe ingewikkeld deze verkiezingsuitslag ook is. De Partij van de
Arbeid is daarvoor beschikbaar.

Delen: