PvdA de partij

PVDA - Invoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (oktober 2005)

MijnPvdA
Rode roos

Invoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (oktober 2005)

De bijeenkomst op 1 oktober 2005 was georganiseerd door de Werkgroep Patiënt Centraal (WPC) en het Centrum voor Lokaal Bestuur (CLB). Dat betekende dat naast de leden van de WPC ook veel gemeenteraadsleden, wethouders en statenleden deelnamen aan de discussie over de te verwachten gevolgen van de invoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, die op 1 januari 2007 zal ingaan. De bijeenkomst werd geleid door Anton van Kempen van de zorginstelling Florence uit Rijswijk.

Inleiding Peter van Lieshout

De eerste inleiding werd verzorgd door Peter van Lieshout, lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, die geen fan is van de WMO. Hij verbaasde zich zeer over het proces dat tot het tot stand komen van deze wet had geleid en vroeg zich af wie hier nu om heeft gevraagd? Voor zover hij wist was er in 1998 bij de kabinetsonderhandelingen wel een notitie met wensen geweest van de VNG waarin sprake was van o.a. de invoering van een dienstverleningswet. Hierin zou individuele dienstverlening verder worden ontwikkeld. Allerlei ondersteuningsfuncties zoals alarmeringfuncties, maaltijdverzorging e.d. moesten in deze wet een plek krijgen. 

Peter van Lieshout zag niets in dit voorstel want hiervoor kon je net zo goed de Wet Voorzieningen Gehandicapten (WVG) uitbreiden. Bij de vorming van het kabinet Balkende II wordt voor het eerste gesproken over de WMO.

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft de WMO toen direct omhelsd met verschillende condities. Veel brancheorganisaties zagen ook mogelijkheden om hun machtsposities hierdoor te versterken.

Waarom komt dit kabinet nu met dit voorstel? Traditioneel zou je dit vanuit de PvdA verwachten. Het CDA heeft altijd achter een landelijke verzekering met private uitvoering gestaan en de VVD is voor de individuele verantwoordelijkheid. Waarom wil het kabinet dan toch overgaan naar decentralisatie van deze zorg? Geruchten gaan nu ook dat het CDA flink is geschrokken toen zij de bijlagen van de wet lazen; “Oh God, waar gaat dit heen?”

Toch zag Peter ook positieve kanten aan de wet want voor het eerst staat de mantelzorg op de politieke agenda. Uiteindelijk draait het allemaal om geld want decentralisatie betekent bij het Rijk eigenlijk bijna altijd bezuinigingen. Gemeenten krijgen geld overgeheveld en moeten het er daar mee doen. Het ministerie startte de de voorbereiding van de WMO ook met de noodkreet dat de kosten van de AWBZ de spuigaten uitlopen. Is de decentralisatie nu dan een oplossing? Volgens van Lieshout kan de oplossing beter gezocht worden bij een betere indicatiestelling

Tien jaar geleden had van Lieshout een bezoek gebracht aan Denemarken. De zorg, het welzijn en de dienstverlening lopen daar zeer goed. Iedereen was er ook zeer tevreden over. Behalve over 1 punt: de gemeentelijke autonomie! Het verschil is daar wel dat de helft van de uitgave komt uit de gemeentelijke belastingpot en de andere helft uit de pot van het Rijk. In Engeland hebben de gemeenten grote beleidsvrijheid maar moeten wel hun charter (soort bindende verklaring) opstellen om zo duidelijkheid te geven aan de burgers waar ze recht op hebben. Zolang je als overheid niet zelf aangeeft waar de burger recht op heeft geef je andere partijen zoals zorgverzekeraars de vrijheid om met hun eigen beschrijvingen te komen.

Een les voor hier is dat je uit moet gaan van wat burgers zelf willen. Op dit moment is er al 20 jaar strijd om meer samenhang in de zorg op operationeel niveau, organisatorisch niveau en op financieel niveau. Zo was de gezinszorg vroeger nog gekoppeld aan de bijstand en nu niet meer.

Je kan niet jeugdbeleid koppelen aan ouderenzorg zoals o.a. maaltijdvoorzieningen. Maar wanneer je naar Jeugd kijkt moet je wel eveneens naar Ouder- en Kindzorg, GGD, Jeugdhulpverlening en Jeugdwelzijnsbeleid bekijken. Als je naar zorg kijkt kijk je naar woningbouw, WVG, verzorging en de rest van AWBZ. En kijk je naar opvang dan kijk je naar verslavingszorg, OGGZ. 

Waar moet de WMO nou niet om gaan? Om machtsposities en geld. Vooral de lokale politici zijn voorstander van de WMO want het geeft hun immers meer macht. Het veld ziet daarentegen veel gevaren voor de burger. Ook dit wordt door een aantal leden van de WPC bevestigd. Zij vragen zich af waar je straks ook nog echt recht op hebt en hoe je moet omgaan met de verschillende benadering van de verschillende gemeenteraden. Ook is men zeer verontrust over het inzetten in de thuiszorg van mensen die een beroep doen op de Wet Werk en Bijstand. Het is professioneel werk en je moet staan voor kwaliteit. Wel kan je mensen vanuit de WWB bijscholen zodat zij ook de kwaliteit van het professionele werk kunnen aanbieden. Helaas zijn de meeste ingeschreven werkelozen jonge mannen of mannen vanaf 50 jaar en ouder. Het vreemde is ook dat men er van uit gaat dat mantelzorgers wel de kwaliteit kunnen aanbieden.

Tot slot raadde van Lieshout aan om alle rechten te beschrijven zodat er duidelijkheid is voor de mensen die een beroep moeten doen op de voorzieningen van de WMO.

Inleiding Bert Otten

Na de inleiding en de discussie met de zaal hield Bert Otten, PvdA wethouder gemeente Hengelo een inleiding over zijn visie op de WMO:

We zitten met z’n allen in een trein die niet stopt. De PvdA heeft nog steeds geen visieverhaal over deze wet. Hij doet een beroep ook op de landelijke PvdA en de WBS om met een visie te komen.

De WMO verbindt diverse kokers in gemeenteland. Hij wijst op de waarschuwing van Leemhuis om goed te kijken wat nu echt bij elkaar hoort. Wat betekent de marktwerking voor de mensen die je moet inzetten? Kopen we straks niet in bij een goedkoop schoonmaakbedrijf dat uitsluitend met Polen werkt? Ook blijkt dat het Rijk ook al met loketvorming bezig is naast het gemeentelijke loket. De vroegere SPD is gewijzigd in de stichting Mee en die is eveneens bezig is met loketvorming. Waar ligt nu het schot tussen de Sociale Werkvoorziening en de dagbesteding voor gehandicapten? De bedreigingen voor de WMO zijn: het financiële kader, lokaal calculisme (brengt regionale samenwerking in gevaar), bureaucratie en de mythe van de “civil society” (zorgzame samenleving??) en eigen verantwoordelijkheid. Bovendien is de voorbereidingstijd te kort. Dit laatste houdt in: uitstel tot minstens 1 januari 2007.

  • Bert Otten komt de volgende dilemma’s tegen op het gebied van wonen, zorg, activering en welzijn:
  • Keruzevrijheid - collectiviteit
  • Centraal – lokaal
  • Regionaal – lokaal
  • Kwaliteit – financiële dominantie (n.b. je kan niet op welzijnswerk concurreren).

Workshops

Na de lunch waren er 4 workshops waaruit uiteindelijk de volgende conclusies plenair naar voren werden gebracht: 

·       De cliëntenparticipatie moet meer inhoud krijgen en dus niet alleen adviserend optreden.

·       De invoering van de thuiszorg door gemeenten zou gefaseerd moeten worden ingevoerd omdat thuiszorg wel wat meer is dan alleen huishoudelijk werk. Niet iedereen was het hier mee eens en men wil liever de pilots die er nu lopen afwachten.

·       Voorlopig moet er geen eigen bijdrage worden gevraagd daar er hierbij veel bureaucratie wordt verwacht en dus de eigen bijdrage verdwijnt in de administratie- en uitvoeringskosten. Een discussie over de PvdAgedachte over de eigen bijdrage durfde men niet aan. (Misschien is i.v.m. de campagnetijd ook wel verstandiger om dit nog even uit te stellen).

·       Mocht je ooit de eigen bijdrage invoeren dan moet je ook kijken naar het loslaten van de   maximering van de eigen bijdrage.

·       Het lokaal bestuur moet meer invloed krijgen bij de uitvoering van de wet met de zorginstellingen en de woningbouwcorporaties door bepaalde dwingende maartregelingen toe te schrijven.

·       Den Haag moet ook kijken naar de effecten van de WMO voor de burger en wat je er nu precies mee wilt bereiken.

·       Ook moet er meer ruimte komen voor innovatie in de zorg en eventueel samenwerking met andere wetten zoals de zorgwet.

·       Geen discussies meer over geld maar over de inhoud.

·       Bevorder de horizontalisering door meer inhoud te geven aan de invloed van de cliëntenparticipatie en de relatie met de politiek en de gemeenteraad.

·       Er is veel wantrouwen naar de lokale politiek wat betreft de uitvoering van de thuiszorg.

·       Wanneer het gebruikersdeel van de OZB verdwijnt hebben zij te weinig financiële beleidsvrijheid om de WMO tot een succes te maken.

Monique Josemans

Centrum voor Lokaal Bestuur